PlusInterview

Hoger onderwijs moet en kan nu open, bepleit VU-topvrouw Mirjam van Praag

De studenten van nu zitten al anderhalf jaar thuis – van de vier jaar die ze hebben. Collegevoorzitter Mirjam van Praag van de Vrije Universiteit Amsterdam roept het kabinet op: open eindelijk het hoger onderwijs.

Mirjam van Praag. Beeld Frank Ruiter
Mirjam van Praag.Beeld Frank Ruiter

Hoeveel vertrouwen moet ze er nog in hebben? Mirjam van Praag, collegevoorzitter van de Vrije Universiteit Amsterdam weet het ook niet meer. In juni liet onderwijsminister Ingrid van Engelshoven nog weten er zonder meer vanuit te gaan dat op 16 augustus de universiteiten en hogescholen weer volledig opengaan, maar inmiddels staat alles wat te maken heeft met versoepeling van coronamaatregelen weer op losse schroeven

Een no-brainer, noemt ze het. Want wat zijn de risico’s nog? Het gros van de studenten en docenten is gevaccineerd – en als er al iemand corona oploopt, zal dat niet meer leiden tot een ‘volksramp’ in de ziekenhuizen. Wat Van Praag betreft begint in de laatste week van augustus op de VU gewoon de introductie van de nieuwe lichting studenten, zoals die er altijd is geweest.

Morgen praat het kabinet op het Catshuis over het loslaten van de 1,5 metermaatregel, in het hoger onderwijs met zijn grote toeloop van studenten een noodzakelijke voorwaarde om de deuren te kunnen openen. Volgende week, bij het kabinetsberaad op vrijdag, valt de definitieve beslissing.

Van Praag maakt zich zorgen, nu deze zomer in steeds meer sectoren de duimschroeven opnieuw zijn aangehaald. “We hebben eerder gezien dat het onderwijs, en zeker het hoger onderwijs, niet de hoogste prioriteit krijgt.” Wonderlijk vindt ze. “We hebben de afgelopen anderhalf jaar ongekende maatregelen genomen om een crisis in de gezondheidszorg te voorkomen. Begrijpelijk, ik wil niks bagatelliseren, maar als het risico op zo’n crisis er niet meer is, is er geen enkele grond meer voor die maatregelen.”

Ze is ervan geschrokken. Een derde van haar studenten gaf begin dit jaar aan het leven met een onvoldoende te beoordelen. Er is psychisch leed, er is eenzaamheid. Studenten zitten geketend aan hun laptop, zonder de mogelijkheid elkaar te ontmoeten. Van de vier tot vijf jaar die ze hebben zijn er nu al anderhalf jaar weg, een derde van het totaal.

Volwassen worden

Het vreemde is, zegt Van Praag, dat de studieresultaten nog op peil zijn. “Maar studeren is meer dan dat. Studenten worden geacht te werken aan hun persoonlijke ontwikkeling, aan sociale vaardigheden, aan volwassen worden. Tijdens hun opleiding denken ze ook na over de rol die ze later willen spelen in de maatschappij. Dat kan niet zonder contact met andere studenten en met docenten.”

Op afstand studeren doet afbreuk aan alles wat hoger onderwijs waardevol maakt, zegt Van Praag.  Beeld Hollandse Hoogte / Bart van Overbeeke
Op afstand studeren doet afbreuk aan alles wat hoger onderwijs waardevol maakt, zegt Van Praag.Beeld Hollandse Hoogte / Bart van Overbeeke

Van Praag, econometrist van origine, is van de cijfers. En die geven, op zijn zachtst gezegd, geen aanleiding tot enig optimisme. Gemiddeld, zegt ze, betekent elk extra jaar opleiding ongeveer acht procent meer inkomen in het latere leven. “Dus als je een aantal maanden mist, betekent dat wat. Studenten van nu dreigen langdurig op een achterstand van misschien wel drie procent te worden gezet.”

Onderwijs, zegt Van Praag, is een geweldige gelijkmaker. “Dat betekent ook dat het missen van onderwijs de ongelijkheid juist vergroot, zeker als je bedenkt dat niet iedereen thuis in omstandigheden verkeert om er toch nog wat van te maken.” Onderzoek in het buitenland, waar lange stakingen van docenten waren, wees volgens haar uit dat mensen daar twintig jaar na dato nog steeds last van hadden.

Menselijk kapitaal

“Een effect waar wij ook op kunnen rekenen. Er groeit een generatie op waarin wij minder hebben geïnvesteerd, een generatie die beschikt over minder menselijk kapitaal. Dat is niet alleen vervelend voor die studenten, maar ook voor het verdienvermogen van Nederland. Als we nu niks doen kan ons dat jaarlijks anderhalf procent Bruto Nationaal Product kosten. Op de lange duur zou dat kunnen oplopen tot een bedrag van zo’n 600 miljard euro.”

Een verloren generatie? Van Praag: “Niet als wij ons realiseren wat er aan de hand is. We kunnen nog best veel doen met goede compensatieprogramma’s. Met extra studietijd of leervouchers voor later in het leven. Maar het belangrijkste is nu: open het hoger onderwijs.”

Welzijn studenten onder druk

Uit een enquête eerder dit ­jaar onder studenten van de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) bleek dat een derde een onvoldoende geeft aan zijn eigen welzijn. Gemiddeld gaven de studenten een 6,1. Van de studenten maakte 80 procent zich zorgen over het eigen mentale welzijn, driekwart over de gezondheid van familie en vrienden.

Bijna 90 procent klaagde over het gebrek aan contact met andere studiegenoten en ruim 80 procent over het gebrek aan activiteiten buiten de studie. Bijna driekwart ervaart het ontbreken van fysiek onderwijs als nadelig voor het mentale welzijn en zou hiervoor meer naar de campus willen komen.

Over de voortgang van de studie, stages en toekomstige kansen op de arbeidsmarkt maakte ruim de helft van de studenten zich zorgen. Daarentegen zijn de meeste studenten nauwelijks bang voor risico op besmetting met Covid-19 op de ­VU.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden