PlusNecrologie

Hoe Rutte III vele stormen doorstond maar sneuvelde door de toeslagenaffaire

null Beeld ANP Foto
Beeld ANP Foto

Kabinet-Rutte III wist onderlinge problemen te bezweren en lang de gevaren van buiten te pareren. Toch is de toeslagenaffaire het kabinet alsnog fataal geworden. Het kabinet laat nog heel wat huiswerk achter voor zijn opvolger.

Het was bijna laconiek, zoals we de premier kennen. “De rit uitzitten is nooit een doel,” zei Mark Rutte kort na het aantreden van zijn derde kabinet opgeruimd. “Als er een moment komt dat het niet meer gaat, moet je dat gewoon met elkaar vaststellen.”

Achteraf kun je zeggen: ware woorden. Maar ze staan wel in schril contrast met de verwoede pogingen die Rutte de afgelopen weken heeft gedaan om de gang naar de koning af te wenden. Hij was liever blijven zitten, en stelde na het keiharde rapport over de toeslagenaffaire alles in het werk om de regeringsploeg in het zadel te houden. Tevergeefs. De derde van Rutte blijft een onvoltooide.

Terwijl dit kabinet nog wel zo optimistisch aan de rit begon. Aan goede bedoelingen heeft het VVD, CDA, D66 en de ChristenUnie nooit ontbroken. In nota bene de tweede zin van het regeerakkoord Vertrouwen in de toekomst stond het nog plechtig opgeschreven: in Nederland ‘kan iedereen de ambitie najagen om over de hoogste lat te springen, in de zekerheid dat er een vangnet is als dat nodig is’.

Grote gaten

In dat vangnet bleken echter grote gaten te zitten. En ook al duurde het een tijdje voordat de dreun van het toeslagenrapport doordrong, uiteindelijk slaat de genadeloze vaststelling dat de ‘grondbeginselen van de rechtsstaat zijn geschonden’ het kabinet alsnog knock-out.

Lang leek het erop dat dit kabinet tegen elke crisis bestand was. Daar was vooraf dan ook alles aan gedaan. Na een formatie van 225 dagen dachten VVD, CDA, D66 en ChristenUnie op alle mogelijke struikelblokken te zijn voorbereid. Het was eind 2017 en na maanden van overleg leken ideologische verschillen geparkeerd, vetes begraven, conflicten gesmoord.

Drie jaar later sneuvelt Rutte III alsnog. Over een affaire die geboren werd in de kabinetten ervoor. En de timing van de val is pikant: amper twee maanden voor de volgende verkiezingen en middenin een ongekende crisis rond corona.

Destijds, bij de start, werden nog zulke grote woorden gesproken. “Deze coalitie is de laatste kans voor het politieke midden,” zei ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers niet zonder gevoel voor pathos.

Wij tegen zij

Het wezen van de naoorlogse coalitiepolitiek stond op het spel: het geven en nemen dreigde het af te leggen tegen de nieuwe, totale politiek van (relatieve) nieuwkomers als PVV en Forum voor Democratie. Met hun politiek van wij tegen zij, van winnaars tegen verliezers, willen zij het stelsel op zijn grondvesten laten schudden.

Daarom werden alle mogelijke splijtzwammen weggemasseerd tijdens de lange formatie. In het Indonesische restaurantje Garoeda. In het bedompte Johan de Witthuis. In een bloedhete kamer aan het Binnenhof: de vier partijen deden er alles aan om de weg vrij te maken voor 3,5 jaar regeren zonder conflict. Geen verrassingen alsjeblieft.

Over onoverbrugbare meningsverschillen werd zorgvuldig heengestapt: vraagstukken rond embryonaal onderzoek werden geparkeerd. Net als euthanasie. Over vluchtelingen werd een akkoord gesloten. Alle partijen namen wat ‘pijn’.

“Een meloen om door te slikken,” illustreerde Segers bijvoorbeeld de toen nog voorgenomen afschaffing van de dividendbelasting.

Stempelmachine

En ook na de bordesscène hield men elkaar stevig in de houdgreep. In WhatsAppgroepjes werd alles ‘dichtgesmeerd’ tussen coalitiegenoten. Alles om ongelukken te voorkomen. Het coalitieoverleg op maandag bleef, net als in Rutte II, het belangrijkste beslismoment van de week. Sommige ministers kregen het gevoel dat ze op vrijdag in de ministerraad de ‘stempelmachine’ waren voor besluiten die op maandag al waren gevallen.

Niet dat er nooit spanning was. Toen VVD’er Klaas Dijkhoff zijn D66-collega Rob Jetten een ‘klimaatdrammer’ noemde, klonk er voor het eerst openlijk bijtende kritiek.

Maar alles werd steeds bezworen met pragmatisme. Het mantra: we zullen er keer op keer uit moeten komen samen, want in het versplinterde politieke landschap gaan we elkaar ook in een volgend kabinet weer nodig hebben.

Bovendien was er – denk terug aan de tijd voor corona – genoeg geld als smeermiddel. Anders dan de eerste twee kabinetten onder Mark Rutte klotste het geld tegen de plinten. Na jaren van crisis en bezuinigingen kon er aan ieders politieke ‘hobby’s’ geld worden uitgegeven.

Maar zoals altijd laat de werkelijkheid zich niet bezweren door 68 A4’tjes in een regeerakkoord, of alle goede bedoelingen, of afstemming. En dus kwam het gevaar voor deze coalitie telkens van buiten.

Stikstofaanpak

Na druk vanuit de CDA-achterban, die toenmalig partijleider Sybrand Buma bijna te machtig was, werd halsoverkop besloten om meer vluchtelingenkinderen een status te geven. Op het terrein van klimaat moest ineens meer worden gedaan dan was voorzien. Lastig nog was de stikstofaanpak, waar de hoogste rechter een streep door zette. Het kabinet werd in allerijl gedwongen tot drastische maatregelen, waarop weer intense boerenprotesten volgden. Premier Rutte noemde het stikstofprobleem in 2019 zelfs ‘de grootste crisis in mijn negen jaar als premier’. En toen moest corona nog komen.

Toch wist het kabinet ook resultaten te bereiken die ook nog ver na dato tot de verbeelding zullen spreken. Bijna zestig jaar na de vondst van aardgas door boer Boon werd in 2018 besloten dat de Groningse gaskraan definitief dichtgaat. Eindelijk wakker geschrokken door de aardbevingsellende gaat Nederland afkicken van zijn lucratieve gasverslaving. En passant werd er met alles en iedereen die ertoe doet afspraken gemaakt over het terugdringen van de CO2-uitstoot en de transitie naar een nieuwe, groene economie. En als klap op de vuurpijl sleepte dit kabinet, na ruim tien jaar oorlog in de polder tussen werkgevers en werknemers, eindelijk een zwaarbevochten pensioenakkoord binnen.

Al staan veel van die overeenkomsten nog bol van open eindjes. Het pensioenakkoord is verre van compleet, het klimaatakkoord moet nog worden uitgevoerd en waarschijnlijk aangescherpt. Het woningtekort is nog nijpend, de zorg gaat geherstructureerd worden. En de coronacrisis laat zien dat zzp’ers en flexwerkers zeer kwetsbaar zijn in de huidige arbeidsmarkt.

Daar komt bij dat de zorgvuldig opgebouwde buffers van de overheid door corona volledig zijn opgebruikt. Een volgend kabinet treedt aan met een groot begrotingstekort en een opgelopen staatsschuld. En het paradoxale is: de partijen die nu uit dit kabinet vertrekken laten die schrale erfenis waarschijnlijk aan zichzelf na.

Niemand hoeft ervan op te kijken dat VVD, CDA, D66 en ChristenUnie na 17 maart weer aanschuiven in een volgend kabinet, eventueel nog aangevuld met de PvdA en of GroenLinks. Zeker nu drie van hen de PVV van Geert Wilders al zo goed als hebben uitgesloten. Maar of Rutte er dan ook nog bij is, is de vraag.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden