PlusAchtergrond

Het zorgpersoneel is boos, gespannen en doodmoe

Maanden na de covidpiek zijn veel verpleegkundigen nog moe. Een deel van hen kampt met stressklachten. ‘Ze zien erg op tegen een tweede golf. Het zijn natuurlijk aanpakkers, dus dat mogen we serieus nemen.’

Riëtte MellinkBeeld Desiré van den Berg

Hoewel er amper patiënten met Covid-19 in de ziekenhuizen liggen, wordt er nog veel over het virus gewikt en gewogen. Wat doe je met de ­bezoekregels? En hoe hanteer je de 1,5 metermaatregel? Laatst kwam bij de ic van Amsterdam UMC de vraag ter tafel bij hoeveel nieuwe opnames het aantal bedden op de intensive care moet worden opgeschaald. Zodra het gezegd was, ontwaarde hoofd van de ic-verpleegkun­digen Susanne Heijmenberg de schrik in de ogen van haar collega’s. Nieuwe opnames? Een nieuwe golf? “Ik zag een uitdrukking op de ­gezichten die zegt: een nieuwe piek, laat het ­alsjeblieft niet gebeuren. Daar zijn we echt nog niet aan toe. Mensen komen terug van vakantie, konden eindelijk ontspannen en nu komt de moeheid eruit.”

Psychotherapeut Riëtte Mellink, die tijdens de coronacrisis door ziekenhuizen werd ingehuurd voor psychische ondersteuning van het personeel, kent de verhalen over de vrees voor een tweede piek. “Het zijn natuurlijk aanpakkers, dus dat mogen we serieus nemen.”

Vanaf maart werd de intensive care overspoeld met ernstig zieke patiënten. Waar een ic-verpleegkundige normaal één à twee ic-­patiënten onder zijn hoede heeft, waren dat er tijdens de covidpiek vier. Ze kregen weliswaar hulp van verpleegkundigen en artsen van andere afdelingen, maar die hadden veel begeleiding nodig bij het supergespecialiseerde ic-werk.

Leven of dood

“De ic-medewerkers moesten boven hun macht werken,” zegt Mellink. Dat is altijd zwaar, maar bij deze beroepsgroep, die gewend is zorg van een heel hoge kwaliteit te leveren – waarbij een detail een kwestie van leven of dood kan zijn – is dat extra belastend. Heb ik het wel goed genoeg gedaan? Ben ik niet tekortgeschoten? “Deze mensen zijn heel precies, maar alles heel precies doen kon niet meer. Dat geeft stress.”

Hoeveel verpleegkundigen met de psychische nasleep van de opnamepiek kampen, is niet ­duidelijk. Wel zien de ziekenhuizen dat de verzuimcijfers hoger zijn dan normaal. Indicaties van overbelasting zijn er ook: begin deze maand kwam het platform Nursing met de resultaten van een enquête onder 3000 verpleegkundigen: de helft is nog niet klaar voor een tweede coronagolf. Twee derde voelt zich nog steeds vermoeider dan voor de pandemie. Dat komt overeen met peiling van de beroepsvereniging V&VN onder 10.000 leden midden in de covidpiek: 70 procent ervoer een extra psychische belasting afgezet tegen de periode vóór de pandemie.

Maar dat was ín de crisis. Het is zaak dat instellingen nu en in de toekomst monitoren hoe het met hun werknemers gaat, zegt chief nursing officer Bianca Buurman, die het ministerie van VWS adviseert over de positie van verpleegkundigen. “Tijdens de piek was de begeleiding in de ziekenhuizen goed geregeld. Dat hoor ik van alle kanten. Die ondersteuning is er nog steeds, maar het is wel heel belangrijk dat dit door de zorginstellingen goed wordt geregeld en gemonitord: wat is de impact op de lange termijn? En hoe kunnen we steun blijven aanbieden? We moeten er alles aan doen om uitval te voorkomen.”

Slecht slapen

De werkomstandigheden waren extreem, zegt Mellink. Ze werkt voor ARQ Nationaal Psychotrauma Centrum en maakt deel uit van een nationaal crisisteam psychosociale hulpverlening, dat aan het RIVM is gelieerd. “Als er een crisis of een ramp is, kunnen wij worden ingezet om mee te denken over de eerste opvang, maar ook over de nafase.” De laatste ramp waarbij ze betrokken was, was die van de MH17, in de zomer van 2014.

Tijdens de coronacrisis verleende Mellink onder andere bijstand in Amsterdam UMC, locatie VUmc. Elke dienst werd afgesloten met een teamgesprek in het bijzijn van een psycholoog. Wie een-op-een verder wilde praten kreeg een afspraak. Maar ondanks de inzet in de ziekenhuizen zijn er zorgverleners die nog steeds last hebben van stress. “Ze herbeleven nare ervaringen en zien soms beelden van heel verdrietige situaties. Ze slapen slechter, zijn moe, voelen zich gespannen.” Kortom: serieuze klachten die kunnen uitmonden in een burn-out.

Boosheid

En dan is er volgens Mellink nog iets wat de verwerking en het herstel in de weg staat: boosheid. Aangejaagd door een gebrek aan gevoel van waardering. Eerst was er applaus, toen een bonus en, zo werd deze week bekend, in 2021 een bonusje. Dat de regering geen structurele loonsverhoging aan de zorgmedewerkers verleent, werkt dit gevoel van onderwaardering in hand, zegt Mellink. “Erkenning is cruciaal. Dat zie ik terug bij de mensen die ik behandel. Als iemand iets oploopt tijdens het werk en de werkgever zegt niet: ‘Wat rot, wij ondersteunen je’, dan hebben mensen veel meer last van hun klachten.” Een blijk van waardering kan overbelaste zorgmedewerkers dus helpen van hun klachten af te komen.

Veel hangt namelijk af van hoe je de ervaring uiteindelijk zelf evalueert, zegt Mellink. “Als jij na afloop kunt denken: dat heb ik goed gedaan, ik ben er voor mijn collega’s en cliënten geweest, dan is dat totaal anders dan wanneer de evaluatie luidt: ik heb tijdens die vorige piek mijn kinderen drie weken lang niet gezien en nu krijg ik nog geen waardering ook. Ik heb het al meerdere keren van zorgmedewerkers gehoord: denk je dat ik het weer ga doen?! Nee, die erkenning is cruciaal!”

Evelien van HooffBeeld Desiré van den Berg

Evelien van Hooff (42)17 jaar ic-verpleegkundige, Amsterdam UMC, locatie VUmc

Ic-verpleegkundige Evelien van Hooff ziet ze nog staan: de zoon en zijn moe­der. Ze hadden zojuist op de ic afscheid genomen van hun overleden vader en echtgenoot. “Vlak voordat ze hun beschermende kleding uittrokken, omhelsden ze elkaar. De zoon zei: ‘Mam, nu kan ik je nog knuffelen, zonder deze pakken kan dat niet meer.’”

Sommige herinneringen kloppen onaangekondigd aan, ook maanden na de covidpiek. “Dat blijft en dat kost tijd,” zegt Van Hooff. Het is nu rustig op de ic en collega’s komen terug van vakantie. “Nu de adrenalinestand weg is en er rust komt, komt het personeel pas aan het verwerken toe.”

Van Hooff zelf kreeg de klap vlak na de covidpiek, toen een buurman – een vader van jonge kinderen – totaal onverwachts overleed. “De beelden van patiënten en familie kwamen terug en ik had nachtmerries. Op advies van onze psycholoog nam ik een week vrij. Ik was redelijk snel oké, maar ik heb er wel echt last van gehad.”

Ze is niet de enige. “Wat ik veel hoor, is dat collega’s vermoeid zijn of dat ze kampen of gekampt hebben met slaap- en concentratieproblemen. Een aantal zit thuis met mentale klachten.”

Het werk was om veel redenen een ­uitputtingsslag, zegt Van Hooff, maar een van de zwaarste aanpassingen was dat de familie alleen op de ic mocht komen voor een afscheid. Verder verliep het contact via de telefoon of de iPad. “Met dat videobellen keken we zo de huiskamers in. Daardoor maak je al dat leed veel intenser mee.”

Een van de patiënten die ze in gedach­ten meeneemt, is een jonge vader met een pasgeboren baby en een tweeling van vijf jaar. Toen hij nog niet in coma was, zag Van Hooff hem op bed naar filmpjes van zijn kinderen kijken. “Hij liet ze vol trots aan me zien. Zo liefdevol. Zijn kinderen mochten niet op bezoek komen, maar ik zag een vader die het liefst door de iPad heen wilde kruipen om zijn kinderen aan te raken. Dat brak mijn hart. Een paar dagen later is hij overleden. Hij heeft geen afscheid kunnen nemen van zijn kinderen.”

In al deze tragiek overleed ook een dierbare oud-collega, een ic-verpleegkundige van het OLVG, aan Covid-19. “Toen ik na de begrafenis – verdrietig en in rouw – naar huis ging, trof ik in mijn mailbox het bericht dat een andere collega op de ic was opgenomen. Ik moest vervolgens door naar mijn nachtdienst.” Er was nauwelijks tijd om te rouwen en op adem te komen. “Natuurlijk werd ik ook bang. Onze oud-collega was een leuke, sportieve vent. Als hij er zo ziek van kon worden, waarom ik dan niet?”

En nu? Nu is er, behalve een groot saamhorigheidsgevoel, ook vrees voor een tweede piek. “We hebben alles opzijgezet, maar die bereidwilligheid is er niet meer bij iedereen. In de wandelgangen hoor ik collega’s al wel zeggen: ‘Ik weet niet of ik weer zoveel ga werken.’ Ik zou het wel doen, denk ik, maar ik realiseer me ook dat het een groot risico kan zijn voor het mentale welzijn van verpleegkundigen en artsen. Onze reserves zijn nog niet genoeg aangevuld.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden