PlusAnalyse

Het gezag van kabinet en OMT is tanende bij het coronabeleid

Het afbrokkelend vertrouwen in het coronabeleid van het kabinet en het OMT hangt samen met het vacuüm dat in de zomer ontstond toen het kabinet vakantie hield. ‘Daar betalen we nu een prijs voor,’ zegt hoogleraar bestuurskunde Paul ’t Hart. 

Premier Mark Rutte aan het woord tijdens het Tweede Kamerdebat over de ontwikkelingen rondom het coronavirus.Beeld ANP

Wie bepaalt het coronabeleid? Dit voorjaar was het duidelijk: het kabinet, met de door premier Rutte ‘heilig’ verklaarde adviezen van het RIVM en het Outbreak Management Team (OMT). Inmiddels ligt het diffuser. Vooral de slepende mondkapjesdiscussie ondermijnt het gezag van kabinet en adviseurs.

Begin deze week kondigde Rutte een zoveelste OMT-advies over mondkapjes aan. Maar nu de Tweede Kamer een landelijk ‘dringend advies’ heeft afgedwongen om ze te dragen, is de vraag wie nog op advies van het OMT wacht. In elk geval niet de VO-raad – de vereniging van middelbare-schoolbesturen. Die adviseerde donderdag om leerlingen in de gangen mondkapjes te laten dragen – een dag nadat Rutte scholen nog had uitgezonderd van de draagplicht.

Eerder week de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema voor advies uit naar Red Team, een groep onafhankelijke deskundigen die in hun vrije tijd vooral via (sociale) media het kabinet bestoken met voorstellen om de pandemie actiever te bestrijden. 

Voorafgaand aan het parlementaire coronadebat van deze week lieten ook Kamerleden zich door hen informeren. Afgelopen maandag vertelde premier Rutte dat het kabinet het OMT heeft gevraagd te kijken naar een voorstel van Red Team over mondkapjes.

“Daarmee geeft hij ze status, en creëer je een soort competitief adviesmodel. Dat helpt in mijn ogen niet om draagvlak te creëren bij de burger,” verzuchtte OMT-lid en hoogleraar infectiepreventie Andreas Voss donderdag.

Ruimte voor andere geluiden

De Utrechtse hoogleraar bestuurskunde Paul ’t Hart, die veelvuldig ministeries en andere overheidsinstellingen adviseert, kijkt verder dan het afbrokkelende gezag van het OMT.

“Dan zie je een kabinet dat de greep op het narratief van de crisis is kwijtgeraakt. In maart was het overzichtelijk. Het kabinet managede de crisis. De premier en coronaministers spraken ons toe en verwezen naar de expertise van het RIVM en OMT. Daarmee kwamen we door eerste golf. Daarna besloten wij en het kabinet dat we aan vakantie toe waren.”

“Vervolgens werd onduidelijk wie de crisis runt. Je hebt de 25 Veiligheidsregio’s met burgemeesters die verschillende dingen doen en bepleiten. In het in de zomer ontstane vacuüm zijn allerlei mensen en media gesprongen. Er kwam ruimte voor andere geluiden, onder anderen van mensen die de economische pijn van de crisis voelen en van groepen die toch al sceptisch staan tegenover het gezag.”

Woeste tango

Naast het virus moet het kabinet nu ook ‘de gefragmenteerde bestuurlijke aanpak’ bestrijden, meent ’t Hart. Hij vindt het begrijpelijk dat toen de eerste golf was geluwd, de burgemeesters en de Veiligheidsregio’s in beeld kwamen. “Het idee was dat we gingen dansen met het virus. Er zouden hooguit lokale brandhaarden opduiken, die plaatselijk maatwerk vergden. Maar het virus maakte van de dans een woeste tango, waarbij regionale oplossingen niet werken.”

Hoogleraar bestuurskunde Paul ’t Hart.Beeld -

“Het escaleren van de pandemie kun je niet wijten aan de gefragmenteerde aanpak. Maar mensen voelen dat die aanpak niet werkt, nu het virus in grote delen van het land sterker is dan gehoopt. Den Haag trekt de regie nu weer naar zich toe, schijnbaar met tegenzin, onder druk van de Tweede Kamer en externe critici. Het gedoe met mondkapjes en het testbeleid onderstreept de problemen met de decentrale aanpak. Er is ten onrechte vertrouwd op lokale GGD-structuren.”

“Vanuit de leunstoel kun je zeggen: hadden ze dat niet eerder kunnen bedenken? Maar Nederland heeft een lange traditie van decentraal bestuur, van polderen. Ik praat de fouten niet goed, sommige dingen hadden dagen of weken eerder kunnen zijn geregeld. Op de totale duur van deze crisis is dat niet heel veel. Het vervelende is dat dit virus zo agressief is, dat het toeslaat zodra je even verslapt.”

Zomerstilte

Voor de zomerstilte heeft ’t Hart minder begrip. “Uit menselijke overwegingen begrijp ik het verlangen naar vakantie. Maar les één in de handboeken voor crisismanagement luidt: zorg voor continuïteit. Dat maakt moeilijk te begrijpen dat op bestuurlijk niveau de bezetting wel heel dun was. Rutte werd opgezogen door de Europese top in Brussel over de economische kant van de crisis. Wie was toen in Den Haag paraat? Hugo de Jonge ging – begrijpelijk en verstandig – ook op vakantie. Maar daarmee ontstond een periode waarin het kabinet niet zichtbaar en voelbaar een vinger aan de pols hield en niet gezaghebbend bleef communiceren met de samenleving.”

“De communicatie is vanaf toen in een vacuüm beland. Daar betalen we nu een prijs voor. Dat was voorzienbaar.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden