PlusReconstructie

Het coronavirus was al veel langer in Nederland

Het coronavirus was al op 15 februari in Nederland, twaalf dagen voordat de eerste patiënt officieel positief werd getest. Zo waarde het virus lange tijd ongemerkt rond en kon het zijn werk doen.

Beeld ANP

Dat concluderen modellenmakers van het RIVM na onderzoeken van de eerste Nederlandse coronapatiënten, zo blijkt uit een reconstructie. Op donderdag 27 februari werd bij een man uit het Brabantse Loon op Zand - formeel de eerste Nederlandse patiënt - het coronavirus vastgesteld. Daarna gingen bij de regering, het RIVM en ziekenhuizen alle alarmbellen af. Maar in de weken daarvoor trok corona dus al door het land.

Telkens wordt nagegaan wanneer in het ziekenhuis opgenomen patiënten voor het eerst ziek werden. “En dan zie je dus dat de eerste ziektedag van de eerste Nederlandse patiënten midden februari was,” zegt RIVM-woordvoerder Harald Wychgel.

Er waren al meer feiten die wijzen op een vroegere introductie van het virus. Een 49-jarige vrouw uit het Brabantse Altena kwam op 21 februari op de intensive care van het ziekenhuis in Gorinchem terecht, al werd pas later een test afgenomen en corona vastgesteld. Ze stelt al ‘weken’ daarvoor klachten te hebben gehad. En uit een peiling onder ziekenhuispersoneel in Brabant bleek dat bij 7 van de 86 besmette medewerkers de klachten ook al veel eerder begonnen, vanaf medio februari.

Maar het coronavirus waarde toen grotendeels in stilte rond. De alertheid was minder, de lat om te testen lag hoog. Wychgel: “En lichte klachten werden ook toen waarschijnlijk niet herkend als corona.”

14.000 mensen

Want wat deed u zaterdagavond 15 februari? In Den Haag zaten bijna 14.000 mensen in een stadion bij de voetbalwedstrijd ADO- PSV. In het Brabantse Best dromden duizenden hardcore-liefhebbers samen op dancefestival Shellshock. En in het Chassé Theater in Breda trok de musical We Will Rock You een stampvolle zaal.

Wat u en al die duizenden mensen toen niet wisten en wat nu voor het eerst door het RIVM wordt bevestigd: op die dag waren er in Nederland al meerdere mensen besmet met het coronavirus. Dat was dus ruim twee weken voordat minister Bruno Bruins live op tv de eerste officiële besmetting bekendmaakte.

Twee weken ook die funest waren voor een effectieve bestrijding van het virus. “We liepen achter de feiten aan, waren niet alert genoeg,” zegt viroloog Ab Osterhaus terugkijkend. Die begindagen lag de reproductiefactor van het virus vermoedelijk tussen de 1 en 3, volgens de modellen van het RIVM. Dat betekent dat iedere coronapatiënt gemiddeld twee anderen aansteekt. Als zij dat op hun beurt ook weer doen heb je binnen mum van tijd die explosieve toename van dagelijks honderden nieuwe patiënten.

Maar hoe kwam het virus Nederland binnen? En hoe verspreidde het zich?

We volgen nu, twee maanden later, aan de hand van enkele sleutelmomenten het spoor van corona: via Noord-Italië en Oostenrijk naar Nederland, door cafés vol carnavalsgedruis en apres-skiplezier, via kerkdiensten tot in de ziekenhuisgangen.

Minister Bruno Bruins voor Medische Zorg.Beeld ANP

Donderdag 27 februari, 21.20 uur: de eerste patiënt

Bruno Bruins, dan nog VVD-minister van Volksgezondheid, krijgt tijdens een live tv-uitzending een briefje in zijn hand gedrukt. De minister leest het voor: ook Nederland heeft nu een bevestigde coronabesmetting. De eerste patiënt is een man van 56 jaar en woont in het Brabantse Loon op Zand. De ondernemer in de schoenenbranche is waarschijnlijk besmet geraakt tijdens een werkreis naar Noord-Italië, zo vertelde hij eerder. Wat ook blijkt: de man voelt zich nog kiplekker als hij op 21 februari terugkeert uit Italië, dus hij duikt in Brabant het carnaval in.

Met de kennis en de vierduizend doden van nu is het welhaast ongelooflijk, maar van vrijdag 21 tot dinsdag 25 februari stonden overal in Brabant en Limburg de cafés stampvol. Er werden vanwege het slechte weer veel carnavalsoptochten afgelast, maar het had op de feestvreugde weinig effect. Drie tot vier weken later waren de cafés leeg, maar de intensive cares vol. De provincie Noord-Brabant werd dé coronabrandhaard van Nederland.

Carnaval is een grote katalysator gebleken bij de verspreiding van het virus, concludeert ook het RIVM. De aanvankelijke import komt grotendeels uit Noord-Italië – via reizigers die terugkeerden – maar de feestende massa’s in het zuiden verspreiden corona verder. Zo meldde de gemeente Coevorden (Drenthe) een besmetting van een inwoner die carnaval had gevierd in Tilburg.

Beeld ANP

Dat bleek eind maart ook uit onderzoek onder 1300 medewerkers van twee Brabantse ziekenhuizen. Van hen hadden er 86 corona (gehad). Besmettingen die ze waarschijnlijk buiten het ziekenhuis hadden opgelopen. “Het waren mensen van verschillende afdelingen, dus het was niet waarschijnlijk dat ze elkaar hadden aangestoken. Ook hadden ze niet per se contact gehad met zieke patiënten,” stelt microbioloog Marjolein Kluytmans, die betrokken was bij het onderzoek.

Ook waren er van de 86 besmette medewerkers maar een stuk of vier in Italië of een andere dan al bekende besmettingshaard geweest. Wat de onderzoekers ook zien, tot hun eigen verbazing, is dat sommige medewerkers al klachten hadden vóór of tijdens carnaval. De eerste zelfs 19 februari, drie dagen voor het eerste feestweekend en eerder dan tot dan toe bekend. Kluytmans: “Relatief veel medewerkers zeiden dat ze op bepaalde, dezelfde plekken waren geweest met carnaval. Sommigen hadden toen al klachten. Maar zo werkt carnaval blijkbaar: je gooit een paar pillen in je mik en je gaat toch. Dat kan tot verdere verspreiding hebben geleid.” Die feestvierders wisten op dat moment niet dat het om coronaklachten ging.

Ook voor het RIVM is duidelijk dat het virus al langer door het land gaat. Na contactonderzoeken en ondervraging van de eerste patiënten wordt duidelijk dat al op 15 februari de eerste Nederlanders met coronaklachten kampen. Het virus waart dus wekenlang in stilte door het land. “Lichte klachten werden ook toen waarschijnlijk niet herkend als corona,” stelt RIVM-woordvoerder Harald Wychgel.

Vrijdag 28 februari: de tweede patiënt

Een dag na patiënt één, is ook patiënt twee daar: een vrouw uit Diemen, die in een niet-zorg functie in een ziekenhuis in Amsterdam werkt. Ze is op zondag 23 februari teruggekomen van een ski-evenement in Lombardije, Noord-Italië. Een paar dagen later voelt ze zich niet lekker, de GGD adviseert haar niet te testen. Als dat later alsnog gebeurt, blijkt ze toch besmet. De vrouw en haar gezin gaan in quarantaine.

Ook de regio Amsterdam wordt een van eerste regio’s met veel besmettingen, maar een uitbraak op zo’n desastreuze schaal als in Brabant wordt het niet. Hoe dat komt? En zijn veel Amsterdamse besmettingen terug te leiden naar Italië? “We zijn nog druk bezig met de crisisbeheersing, dus terugkijken doen we nu nog niet,” stelt een woordvoerder van de GGD Amsterdam. “Maar uit het bron- en contactonderzoek dat wij bij de eerste besmettingen deden, konden wij bij alle gevallen herleiden dat een persoon óf in risicogebied in Italië was geweest, óf in contact met een ander positief geteste persoon was geweest.”

Zondag 1 maart: De patiënt die er al lang was

Het Beatrix-ziekenuis in Gorinchem laat op een persconferentie weten een opnamestop voor nieuwe patiënten in te voeren. De reden: bij Lea Kant, een ernstig zieke 49-jarige vrouw uit Nieuwendijk die in het Beatrix op de ic heeft gelegen, is corona vastgesteld. Omdat Kant niet uit risicogebied kwam en a-typische klachten had, is ze niet eerder getest. Wat blijkt: ze is tien dagen daarvoor al opgenomen in het ziekenhuis, bijna een week vóórdat de officiële eerste patiënt wordt bekendgemaakt. Als ze eerder was getest, was er in Nederland mogelijk dus al dagen eerder alarm geslagen. Hoe en waar de vrouw besmet is geraakt, is tot nu toe niet bekend

Deze week doet Kant, nog altijd herstellende, haar verhaal op de website van het ziekenhuis: “Hoe ik zelf besmet ben geraakt? Ik heb geen idee. Ik ben niet in risicogebieden geweest, mijn naasten ook niet. Ben ik gesmet geraakt in de supermarkt? Op bezoek bij familie? Die besmetting is een raadsel.” Kant had ‘al weken’ voor de ziekenhuisopname op 21 februari last van benauwdheid, kortademig was ze. Als dat inderdaad ook al coronaklachten waren, dan is zelfs de RIVM-datum van 15 februari als introductiedag van het virus in Nederland nog laat, en circuleerde de gevreesde ziekte dus nog eerder, onder de radar.

Premier Rutte en minister Bruins geven elkaar geen hand maar een elleboog.Beeld ANP

Zondag 8 maart: Een fatale dienst

Land voor land raakt in de ban van het coronavirus. Ook Nederland, op 8 maart zijn er officieel 72 patiënten, liggen 14 mensen in het ziekenhuis én zijn al twee mensen aan het virus overleden. Voor iedereen in Noord-Brabant geldt dan het advies: werk thuis en blijf binnen als je je niet lekker voelt. Voor de rest van Nederland is dan nog slechts één maatregel van kracht, uitgesproken door minister-president Rutte op een persconferentie die week: geef elkaar geen hand meer. In Den Haag kruipen zondag 8 maart nog 35.000 deelnemers aan de City Pier City-loop door het oog van de naald, lijkt het. Maar elders gaat het dan wel mis, vooral in de Biblebelt.

Op die laatste zondag van ons gewone leven is er een drukbezochte kerkdienst in de protestantse woonzorglocatie Nieuw Rijssenburgh in Sommelsdijk, een dorp op het Zuid-Hollandse eiland Goeree-Overflakkee. In de dagen na de dienst worden bewoners een voor een ziek: uiteindelijk overlijden tien bewoners aan corona, al is niet iedereen getest. De kerkdienst wordt als waarschijnlijke bron gezien voor de kleine infectiehaard.

De regionale GGD stelt ‘nog onderzoek te doen’ naar hoe het virus de kerkdienst is binnengeslopen.

Wat opvalt: de dominee die de dienst leidde, en die zelf ook behoorlijk ziek wordt, was in de week ervoor op studiereis in Libanon. Dat land stond toen niet bekend als corona-brandhaard. Wel zijn er innige contacten tussen Libanon en Iran, een land waar dan al wél op grote schaal een corona-uitbraak is. De dominee bevestigt dat hij de studiereis heeft gemaakt, maar wil er verder niets over zeggen: “De GGD doet onderzoek naar de besmetting.” De reisleider van de studietrip laat weten dat ‘geen van de overige zes deelnemers aan de reis ziek is geworden’.

Maar het gaat niet alleen om Sommelsdijk. Op de besmettingenkaart van Nederland licht na Brabant en de regio Amsterdam nu ook de bible-belt rood op. Er zijn her en der nog zeker negen drukbezochte kerkdiensten gehouden tot het verbod van het kabinet. En, zo stelde burgemeester Bilder van het zwaar getroffen dorp Hasselt: “Dit is een hechte gemeenschap, waar mensen elkaar in normale tijden op veel plekken en bij veel verenigingen tegenkomen. Dan wordt dit virus gewoon snel overgedragen.” In het dorp zijn onder anderen de dominee, de huisarts en de dirigent van het koor besmet. Maar hoe het virus er is gekomen, weten ze niet.

Woensdag 11 maart: Het aprés-ski virus

In het Oostenrijkse skidorp Sankt Anton gaat de de apres-ski door tot diep in de nacht. Altijd. Ook als sommige feestcafés in het dorp hun deuren al hebben gesloten omdat er een coronabesmetting is vastgesteld. “De autoriteiten moeten al veel eerder hebben geweten dat er corona was, daar ben ik echt van overtuigd”, zegt Malou (46). De vrouw was ook in het skidorp en raakte besmet met het virus. “Het moet door verschillende bars zijn verspreid.”

Nederland telt op woensdag 11 maart officieel 503 besmettingen, 62 ziekenhuisopnames en vijf doden. Ook in het Oostenrijkse skigebied weten ze dan al dondersgoed wat er aan de hand is. De autoriteiten in het nabijgelegen Ischgl hebben een week eerder een e-mail uit IJsland gehad: dat veertien IJslanders besmet zijn teruggekeerd uit Ischgl, skiërs die in vijf verschillende hotels hadden gelogeerd.

En ook Malou wordt dus ziek. Samen met zeker 43 andere Nederlanders doet ze nu mee aan een claim tegen het Oostenrijkse skigebied. Ze stellen dat de Oostenrijkers met hun gezondheid hebben gespeeld.

Het zijn ook 44 mensen die het virus naar verschillende delen van Nederland hebben meegenomen. En het is waarschijnlijk niet bij die 44 gebleven.

“Wintersport was een superverspreider,” stelt Marion Koopmans, hoogleraar virologie aan het Erasmus MC. Haar team doet mee aan het onderzoeksproject NextStrain, waarin de verschillende varianten van het virus worden vastgelegd. “Er was een diversiteit aan varianten, een sluipend bombardement had plaatsgevonden in Nederland, allerlei virussen waren er, sommige te linken aan Italië, maar anderen niet.”

Viroloog Marion Koopmans.Beeld ANP

Woensdag 11 maart : De vesting Noord-Nederland

Weken na de eerste coronagevallen in Nederland bereikt corona ook het noorden. Lang lijkt het erop dat wat Brabant en Noord-Limburg overkomt uiteindelijk ook door de rest van het land golft. Maar nee. Nog altijd blijven Friesland, Groningen en Drenthe de lichte vlek op de coronakaart van Nederland. In de drie noordelijke provincies samen zijn ook deze week ‘nog’ maar 1200 patiënten gemeld, tegenover meer dan 7200 in Noord-Brabant alleen (en ruim 34.000 in heel Nederland).

Dat de noordelijke provincies verschoond blijven van enorme aantallen zieken is deels ‘geluk’, zegt burgemeester Sybrand Buma van Leeuwarden (ook voorzitter van de Veiligheidsregio Friesland): “Onze voorjaarsvakantie was een week eerder dan in de rest van het land, dus onze wintersporters waren daar toen het virus nog niet zo verspreid was. En we hebben geen carnaval.”

Wel kent het noorden een ander test- en traceerbeleid. Omdat de diensten daar niet overlopen zijn door nieuwe gevallen wordt flink getest, ook het bronnen- en contactonderzoek wordt in veel gevallen nog uitgevoerd. “En daar kunnen we uit opmaken dat de meeste besmettingen hier toch zijn te herleiden naar de wintersport”, zegt een woordvoerder van de Veiligheidsregio Groningen. “Of we later ook besmettingen vanuit Brabant hebben gezien? Nee, eigenlijk niet.” 

Dat is behalve geluk ook gevolg van het landelijke blijf-thuis-beleid, plus daarbovenop eigen ongeschreven wetten die bedrijven en instellingen in het noorden hanteren. Zo wordt personeel van het Groningse ziekenhuis UMCG afgeraden om buiten de drie noordelijke provincies te reizen, vertelt Bert Niesters, hoogleraar Medische Microbiologie (Groningen). “Naar het buitenland reizen wordt natuurlijk afgeraden, maar voor UMCG-medewerkers geldt ook: verlaat de drie noordelijke provincies niet.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden