Onthulling van het eerste herdenkingskruis voor boerderij Vredelust op de Haarlemmerweg op 15 december 1947. De boerderij moest enkele jaren later plaats maken voor de nieuwbouw van de wijk Slotermeer.

PlusGeschiedenis

Herinnering aan een koelbloedige wraakactie

Onthulling van het eerste herdenkingskruis voor boerderij Vredelust op de Haarlemmerweg op 15 december 1947. De boerderij moest enkele jaren later plaats maken voor de nieuwbouw van de wijk Slotermeer.Beeld Archief van familie Baan-Hermarij.

Op de trambaan van de Haarlemmerweg werden op 15 december 1944 drie verzetsmensen gefusilleerd. Zondag wordt op die plek een nieuw herdenkingskruis onthuld.

Als Duitse soldaten drie mannen escorteren naar de tramlijn tegenover zijn boerderij, weet boer Vlug direct dat er iets vreselijks gaat gebeuren. Hij stuurt zijn kinderen naar zolder en verbiedt ze naar buiten te kijken. Zijn 15-jarige dochter doet het toch en ziet hoe de Amsterdamse politierechercheur Pieter Elias en Matthijs en Henk Verkuijl uit Badhoevedorp worden gefusilleerd.

De executie op 15 december 1944 is een wraakactie voor een aanslag van het verzet op de spoorlijn bij Sloterdijk. De drie slachtoffers waren die ochtend opgehaald uit het Amsterdamse Huis van Bewaring. Hun namen stonden op de dodenlijst van gevangengenomen verzetsmensen, die in aanmerking kwamen voor standrechtelijke executie bij represailles.

Matthijs ‘Pa’ Verkuijl, hield zich in de eerste oorlogsjaren bezig met spionage. Zijn woning in Rotterdam-Hillegersberg was een uitvalsbasis voor leiders van lokale knokploegen en diende ook enige tijd als hoofdkwartier van de landelijk sabotagecommandant. In de winter van 1943-1944 werd Verkuijl bedrijfsleider van grasdrogerij Veevita in Badhoevedorp, dat al snel diende als hoofdkwartier van de lokale Binnenlandse Strijdkrachten. Er werden onderduikers verstopt, voedselvoorraden en gedropte wapens opgeslagen en schietoefeningen gehouden.

Een boven de Haarlemmermeer gedropte geheim agent uit Londen kreeg thuis bij Pa Verkuijl aan de Schuilhoevelaan in Badhoevedorp na zijn verhalen over de geallieerde opmars alles te horen over de organisatie van het verzet in de polder. Een van de toehoorders was Cornelis Bitter, alias Kleine Keessie, een opgedoken oude bekende uit het Rotterdamse verzet. Wat de Verkuijls niet wisten was dat Bitter na zijn arrestatie in 1942 voor de Sicherheitsdienst (SD) was gaan werken.

Dodencel

Op 23 november werd Pa Verkuijl, ziek op bed, getipt dat er iets mis was. Tijd voor maatregelen ontbrak. De volgende dag stond de Amsterdamse SD met een overvalwagen voor de deur. Tot haar schrik spotte een van zijn dochters tussen de Duitse officieren een bekende: Kleine Keessie. “Die kon goed toneelspelen. Op een avond had hij bij ons thuis groot succes gehad met een Hitlerimitatie waarbij hij vloeiend Duits sprak,” vertelde ze later.

Vader Matthijs en zoon Henk verdwenen in de dodencel. Zijn vrouw, jongste zoon en dochters werden veertien dagen later vrijgelaten.

Politierechercheur Pieter Elias was in de zomer van 1944 lid geworden van de Knokploeg Amsterdam. Het door hem opgezette recherchebureau kon dankzij twee ‘contacten’ in het hoofdkwartier van de Sicherheitspolizei (Sipo) verzetsmensen waarschuwen voor aanstaande arrestaties. Zijn rechercheurs trokken vermoedelijke verraders na, die bij ontmaskering werden geliquideerd. Met zijn dienstauto vervoerde Elias ook levensmiddelen en gedropte wapens naar Amsterdam. Op 17 november 1944 werd Elias gearresteerd, na verraad door Jodenjager Willem Heinrich Henneicke.

De drie geëxecuteerde verzetsmannen mochten niet meteen begraven worden. Hun lichamen moesten twee dagen blijven liggen ter afschrikking. Agenten van politiebureau Admiraal de Ruijterweg werden gedwongen de lijken van de ‘terroristen’ te bewaken.

De foute begrafenisondernemer Johannes Bleekemolen kreeg opdracht voor de ‘begrafenis’ in een anoniem massagraaf in de duinen. De begrafenis bracht hij in rekening bij de gemeente Amsterdam. Na de bevrijding werden de lichamen van Pieter Elias, Matthijs en Henk Verkuijl bijgezet op de erebegraafplaats in Overveen.

Aan de Haarlemmerweg herinnert een simpel houten herdenkingskruis aan de 75 jaar geleden uitgevoerde executie. De eerste versie werd op 15 december 1947 onthuld voor boerderij Vredelust, die een paar jaar later werd gesloopt voor de aanleg van Slotermeer. Door verwaarlozing kwam het kruis zowel in 1964 als in 1976 in het nieuws. Grote vraag daarbij was welke instantie verantwoordelijk was voor het onderhoud van het oorlogsmonument in de berm van de huidige N200.

Oorlogsmonument

Een vraag die weer opdook bij de huidige grootscheepse opknapbeurt van de Haarlemmerweg tussen Amsterdam en Haarlem. Wie is eigenlijk de eigenaar? “Het was kort gezegd een hoop uitzoekwerk,” zegt Hélène de Bruine, van het Comité Haarlemmerweg en duoraadslid in de ­gemeenteraad voor de ChristenUnie. “Belangrijker is dat er nu dankzij intensieve samenwerking met het project De Nieuwe N200 én met inbreng van de nabestaanden, een nieuw en waardig oorlogsmonument staat.”

Zondag, exact 75 jaar na dato, wordt de executie herdacht bij een nieuw monument. Die plechtigheid is besloten, het terrein is door de lopende werkzaamheden aan de N200 nog niet openbaar toegankelijk. Hélène de Bruine is er wel bij. Net als in 1985, toen zij als 9-jarige leerling aanwezig was bij de adoptie van haar basisschool van dit oorlogsmonument.

Het lot van de verraders

Verrader Willem Heinrich Henneicke werd op 8 december 1944 bij het verlaten van zijn huis aan de Willemsparkweg 79 door het verzet doodgeschoten. Cornelis ‘Kleine Keessie’ Bitter werd op 27 december 1944 door de Knokploeg Rotterdam gedwongen tot het innemen van cyaankali. Maar de inname mistte zijn dodelijke uitwerking, waarna hij door het hoofd werd geschoten. Begrafenisondernemer Johannes Bleekemolen werd in 1947 door het Amsterdamse Bijzonder Gerechtshof tot tien jaar gevangenisstraf veroordeeld ‘met ontzetting uit de burgerlijke rechten voor de duur van het leven’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden