PlusAchtergrond

Hebben we nog zicht op het coronavirus, nu we niet meer grootschalig testen?

Sinds de coronamaatregelen zijn afgeschaft, zijn we het precieze zicht op de pandemie kwijt. Maar corona is nog niet de wereld uit. Daarom wordt gewerkt aan een systeem waarbij mensen met klachten hun zelftest kunnen opsturen naar het RIVM.

Sander van Mersbergen
Coronatesten in een teststraat, voorlopig alleen nog een beeld uit het verleden? Beeld Joris Van Gennip
Coronatesten in een teststraat, voorlopig alleen nog een beeld uit het verleden?Beeld Joris Van Gennip

Het stond er maandag echt, op de website van The New York Times: ‘De stad New York voert hoger risiconiveau voor coronavirus in omdat aantal gevallen stijgt’.

Net als Nederland dacht New York het juk van het virus te hebben afgeschud. “Het is tijd om de stad weer te openen,” zei burgemeester Eric Adams begin maart op Times Square. Twee maanden later is het aantal besmettingen verviervoudigd en is het risiconiveau niet meer ‘low’ maar ‘medium’. En dus wordt voorzichtig weer gefilosofeerd over maatregelen, zoals mondkapjesverplichtingen en toegangsregels voor horeca.

Alertheid

Het roept de vraag op of dat in Nederland ook kan gebeuren. Hebben we nog zicht op het virus, nu we niet meer grootschalig testen? En hebben wij ook een systeem van risiconiveaus, dat bepaalt wanneer alertheid geboden is? Om met die laatste vraag te beginnen: momenteel niet.

“Er zijn geen harde signaalwaarden,” zegt Susan van den Hof, hoofd epidemiologie bij het RIVM. “We zitten elke twee weken bij elkaar met het responsteam, specifiek voor corona, en met mensen van het RIVM, GGD en laboratoria. Dan leggen we alle gegevens naast elkaar en kijken we of er iets bijzonders aan de hand is. Als dat zo is, kunnen we bijvoorbeeld besluiten dat het Outbreak Management Team weer bijeen moet komen.”

Het OMT leidt al een tijdje een slapend bestaan. Sinds iets minder dan een maand is ook het advies vervallen om bij een positieve thuistest naar de GGD te gaan. Daardoor is onbekend hoeveel Nederlanders corona onder de leden hebben. Met een pandemie op zijn retour achtte minister Ernst Kuipers (D66, Volksgezondheid) zo'n uitgebreide teststructuur niet meer nodig. De tijd dat de zorg met angst en beven naar de dagelijkse besmettingsdata keek, ligt achter ons. En dus, is de redenering, kun je ook wel zonder die gegevens. Zeker ook omdat aan uitgebreid testen een flink prijskaartje hangt.

Om een goed beeld te krijgen van de epidemie baseert het responsteam zich nu op andere bronnen, legt Van den Hof uit. De ziekenhuisopnames worden uiteraard nog steeds geregistreerd. Afgelopen week bijvoorbeeld kwamen slechts 21 mensen vanwege corona op de intensive care terecht. De cijfers dalen al weken gestaag. Dat laat zien dat corona in Nederland nog steeds een terugtrekkende beweging maakt.

Coronadeeltjes

De ziekenhuiscijfers zijn echter vrij grof, kleine veranderingen of lokale verschillen zijn er moeilijk uit af te lezen. Geschikter daarvoor zijn de rioolwatermetingen. Dat is een maatstaf die anders dan GGD-cijfers niet beïnvloed wordt door zaken als testbereidheid en veranderend beleid. Naar de wc gaan mensen sowieso, en als ze corona hebben is dat in veel gevallen ook zichtbaar in hun ontlasting. Vier keer per week wordt daarom op gemeenteniveau gemeten hoeveel coronadeeltjes er in het rioolwater zitten.

De inwoners hebben er geen notie van, maar volgens de recentste rioolgegevens tellen Waddeneiland Terschelling en de Noord-Limburgse gemeenten Gennep en Mook en Middelaar nu relatief gezien de meeste besmettingen. “Het verleden leert dat de trends die je in de rioolgegevens ziet redelijk goed overeenkomen met wat je bij de GGD zag. In die zin is het dus redelijk geruststellend wanneer je in de riooldata geen gekke dingen ziet.”

Maar, geeft Van den Hof aan: er zijn ook zaken die je niet terugziet in het riool. “Of mensen ernstig ziek worden of niet, of de meeste patiënten oud zijn of jong... Je wilt daarnaast dus nog een extra monitoring hebben, waarin dat soort zaken wel zichtbaar zijn.”

Daarvoor zijn onder meer de peilstations in beeld die onderzoeksinstituut Nivel bij huisartsen heeft staan. Daarmee werd de afgelopen jaren bijvoorbeeld ook de griepepidemie gevolgd. Het zijn er nu ongeveer 90, om een fijnmaziger beeld te krijgen moet dat aantal verder groeien naar 140. Heel veel patiënten worden op die manier echter nog niet onderzocht. De afgelopen maand waren het er gemiddeld ongeveer zeventig per week, van wie slechts een piepkleine minderheid corona bleek te hebben.

Alternatief

“Dat komt ook door het thuistesten,” zegt Van den Hof. “In de praktijk blijkt dat mensen met corona zelden naar de huisarts gaan, omdat ze toch al weten wat ze hebben. Daarom werken we nu ook aan een alternatief. We willen een systeem opzetten waarin we mensen thuis op afstand volgen, vergelijkbaar met onze Infectieradar. Als ze klachten hebben, vragen we hen een test doen en het wattenstaafje naar ons op te sturen, zodat wij dat kunnen onderzoeken. We hopen hier in september klaar mee te zijn.”

Deze monsters kunnen ook gebruikt worden om de opkomst van eventuele nieuwe mutanten in de smiezen te houden. Op dit moment is de zeer besmettelijke omikronvariant nog steeds uiterst dominant, maar de historie leert dat dat snel kan veranderen. Nog steeds legt het RIVM wekelijks ruim duizend positieve testen, die binnenkomen via de GGD's, onder het vergrootglas om te kijken of het omikron is of iets anders.

Bezorgde experts waarschuwden onlangs dat Nederland niet klaar is voor een nieuwe variant, als die bijvoorbeeld dit najaar zou opduiken. Minister Kuipers heeft volgens hen wel een beleidsagenda ‘pandemische paraatheid’ opgesteld, maar concrete plannen zouden uitblijven. “Als het tegenzit, volgt in het najaar weer een lockdown,” somberde gezondheidseconoom Xander Koolman eerder in Het Parool.

Zover is het nog lang niet. De nieuwe variant die die rampspoed zou veroorzaken, is nog niet gesignaleerd. En veel mensen zijn beschermd tegen corona, door besmetting en/of vaccinatie.

Mochten in de Amerikaanse metropool opnieuw maatregelen worden afgekondigd dan zal dat voor veel New Yorkers een hard gelag zijn. “Mensen kunnen het zat zijn, boos, moe en gefrustreerd, dat ben ik zelf ook,” zegt epidemioloog Gregg Gonsalves in The New York Times. “Maar de pandemie weg wensen zorgt er niet voor dat hij ook echt verdwijnt.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden