Harde kritiek uit Kamer over ‘late’ start inenting in Nederland

Andere landen prikken de eerste corona-vaccins nog dit jaar, maar Nederland begint pas 8 januari. Eerder kan niet, vindt het kabinet. Een meerderheid van de Tweede Kamer legt zich bij de late start neer, al heerst er breed chagrijn over de voorbereiding van de megavaccinatiecampagne. 

Geert Wilders (PVV) en Minister Hugo de Jonge (CDA, Volksgezondheid, Welzijn en Sport) tijdens een debat in de Tweede Kamer over de vaccinatiestrategie. Beeld ANP
Geert Wilders (PVV) en Minister Hugo de Jonge (CDA, Volksgezondheid, Welzijn en Sport) tijdens een debat in de Tweede Kamer over de vaccinatiestrategie.Beeld ANP

Wat kunnen de Belgen, de Duitsers, Fransen, Italianen en de Britten wat Nederland niet kan? Zij beginnen deze maand nog met inenten, maar Nederland kan pas 8 januari starten, was donderdag de boodschap van het kabinet.

De oorzaak: nog niet alle software-systemen bij de GGD zijn klaar, vertelde minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) in een spoeddebat tegenover een kritische Tweede Kamer. De GGD kwam pas recent in beeld als uitvoerder van de eerste inentingen, toen de vaccinatiestrategie aangepast werd.

Maar de gezondheidsdienst wil de actuele productinformatie nog toevoegen aan het bestaande – maar ook storingsgevoelige – ICT-systeem. Dat kost tijd. Tweede Kamerleden, ook van coalitiepartijen VVD en D66, reageerden kritisch en stelden dat De Jonge dit alternatieve scenario al eerder had moeten uitdokteren. Veel details over het Pfizer-vaccin waren immers al maanden bekend.

Zorgvuldig

Maar de minister ontkende dat hij te laat in actie kwam, en stelt zelf ook zo snel mogelijk te willen beginnen. “We hebben donderdagochtend nog gesproken met het RIVM en de GGD: kunnen we een symbolische eerdere start maken? Maar ik heb me laten overtuigen door de diensten: ze willen het heel zorgvuldig doen, de GGD zei: ‘We zijn niet van de symboliek’.”

Een oproep om alsnog een eerdere start te forceren, kon niet rekenen op een meerderheid, maar veel partijen zijn wel bezorgd over de voortgang van de vaccinatiecampagne nu diverse systemen nog niet klaar zijn. PvdA-leider Lodewijk Asscher verweet De Jonge daarbij een ‘arrogante’ houding: “Dat past hem niet. Waarom duurt het bij ons langer? Dat is de vraag.” Maar de minister herhaalde zijn eerdere antwoorden, waarop de SP hem een patroon aanwreef van ‘te laat en te traag’ optreden tijdens de coronacrisis. De Jonge moet de Kamer nu apart informeren over de registratie- en software-systemen rond de prik-campagne.

EMA

Partijen balen dat Nederland nu zo laat op het Europese ‘vaccinatiefeest’ arriveert. PVV-leider Geert Wilders noemde dat eerder in het debat ‘een blamage’: “We weten al maanden dat er een vaccin aankomt, zo’n IT-systeem had al klaar moeten zijn. We lopen weer achteraan.” PvdA-leider Lodewijk Asscher: “Maar doen de Duitsers het dan minder zorgvuldig? Of de Belgen? Al die andere landen?” SP-fractieleider Lilian Marijnissen: “Waarom hebben we nu nog geen IT-systeem? Zijn we weer te laat begonnen?” GL-leider Jesse Klaver: “Iedere dag kan het verschil maken.”

Volgens De Jonge heeft het dus geen zin om er een haastklus van te maken. Die ene week voorsprong biedt ook geen sneller uitzicht op groepsimmuniteit, zei de minister: “Voor een bescherming moet je vaccinatiegraad hoog zijn, moet je voldoende immuniteit hebben.” Dat bereik je pas in een later stadium, als 60 à 70 procent van de mensen ingeënt is. “Tuurlijk zou ik graag willen dat het eerder kan, maar dat is niet verantwoord, vertellen de uitvoeringsdiensten me.”

In reactie op de commentaren kwam het kabinet eerder donderdag met meer details over de inentings-agenda. Op 8 januari kan begonnen worden met vaccineren, vanaf 4 januari worden de uitnodigingen verstuurd aan de eerste gegadigden: medewerkers van verpleeghuizen en personeel in de gehandicapten- en ouderenzorg. Zij kunnen een telefonische afspraak maken (later wordt dat online ook mogelijk) en dan gaat de GGD eerst op drie plekken in het land prikken, vanaf 18 januari gebeurt dat op 25 locaties.

Toelating

De precieze start van wat een megavaccinatiecampagne gaat worden is afhankelijk van de goedkeuringsstempels van medicijnbeoordelaar EMA en vervolgens de markttoelating door de Europese Commissie. Volgende week geven zij hun fiat, een dag voor kerst komt de Gezondheidsraad nog met een spoedadvies over de werking van de prik in diverse groepen, en dan krijgt Nederland nog voor de jaarwisseling zo’n 500.000 doses binnen. Die zijn goed voor 250.000 mensen, dit vaccin moet twee keer geprikt worden (met een tussenpauze van drie weken).

Arts-microbioloog Marc Bonten (Universiteit Utrecht) noemde deze Nederlandse procedure al de ‘Hollanditis’: “Er is altijd nog wel iemand te bedenken die het goed moet keuren. Dat is de ziekte genaamd Hollanditis. Hier wordt niks goedgekeurd voordat iedereen het heeft goedgekeurd.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden