PlusReportage

Haarlem zucht onder toestroom bezoekers

Na Amsterdam verzuipt ook overloopgebied Haarlem in de toeristen. Het ecosysteem van de stad raakt van slag. ‘Dit zijn Amsterdamse toestanden.’

Volle terrassen op de Grote Markt.Beeld Hollandse Hoogte / Paul van Riel

In de rij bij het Frans Hals Museum is de voertaal meestal Duits. Vermengd met een scheutje Engels, een snufje Chinees en een heel, héél klein beetje Nederlands. Leg je je oor te luisteren aan de andere kant van de Grote Markt, op het terras van grand café Brinkman, dan is de verhouding op deze donderdagmiddag niet veel anders: de bezoekers zijn er in de meerderheid. Fors in de meerderheid zelfs.

Haarlem zucht onder het juk van het massatoerisme. Of misschien beter: Haarlem maakt kennis met bezoekers uit binnen- en buitenland die in rotten van tien door de authentieke straatjes van de provinciestad paraderen. Waar nog niet zo gek lang geleden Haarlem vooral van de Haarlemmers was, zijn er nu steeds meer momenten waarop je in de binnenstad hoofdzakelijk toeristen tegenkomt. Het zijn gezinnen uit Rosmalen en Hendrik-Ido-Ambacht, maar het grootste deel komt van verder, niet zelden véél verder. Japanners, Amerikanen, her en der een verdwaalde Australiër zelfs: het is allemaal te vinden in Haarlem tegenwoordig.

Plan van aanpak

Alles leuk en aardig, het levert de plaatselijke middenstand klauwen vol geld op, maar de toeloop van vakantievierende buitenlanders begint hoe langer hoe meer te schuren. Daarom komt het plaatselijke college van burgemeester en wethouders in actie. In een plan van aanpak staat dat ‘de balans tussen wonen, werken en recreëren’ verstoord is: ‘Als het ecosysteem uit evenwicht raakt, functioneert het niet meer goed.’ Haarlem mag geen Amsterdam worden, schrijft het college. ‘Het is de wens om niet achteraf te repareren, maar vooraf te acteren.’

Vanuit Amsterdams perspectief is het makkelijk om er een beetje lacherig over te doen: hoe erg kan het zijn? In dat keurige, bedeesde Haarlem vinden ze het vast al druk als er maar één touringcar stopt om en roedel toeristen een uurtje door de Bavo en Teylers te jagen.

Maar de cijfers zijn, vanuit Haarlems oogpunt, niet minder dan alarmerend. Kwamen er in 2017 nog 4,9 miljoen bezoekers naar de stad, afgelopen jaar waren het er al 5,6 miljoen. Het aantal overnachtingen groeide in dezelfde tijd van 427.000 naar 498.000.

‘Niet erg vriendelijk’

Het is, dus zelfs op een eenvoudige donderdagmiddag, allemaal terug te zien op de Grote Markt, dat bijna magnetische hypercentrum van het Haarlemse toerisme. Geen terrasstoel blijft hier ongebruikt, geen voorbijganger laat de plaatselijke VVV links liggen.

De bediening van Brinkman heeft er een beetje een dubbel gevoel bij, zeggen ze. “Ze houden je goed bezig, we verdienen er lekker aan. Maar de sfeer is wel heel anders: ze spreken geen Nederlands en de meeste mensen zijn ook niet overdreven vriendelijk. Het worden hier een beetje Amsterdamse toestanden.”

Even verderop zijn ondernemers vooral blij. Thomas de Smidt van Rederij ’t Smidtje toog enkele jaren geleden naar Haarlem met zijn rondvaartboten. In Amsterdam is het allemaal te veel gedoe, te veel tegenwerking en te weinig enthousiasme. Hij erkent dat de drukte hem achtervolgt.

“We hebben hier afgelopen jaar bijna 20 procent groei mogen noteren,” zegt De Smidt. “Ik vind het goed dat de gemeente in actie komt: Haarlem moet zich er bewust van zijn dat ze niet net als Amsterdam achter de feiten moeten aansjokken, maar dat ze initiatief moeten nemen.”

Amsterdamse maatregelen

Dat mag zo zijn, Haarlem mag proberen het initiatief te nemen of te houden, de insteek zoals die tot nu toe bekend is, lijkt verdacht veel op de maatregelen die het slechte voorbeeld Amsterdam al heeft genomen. Haarlem wil inzetten op de kwaliteitstoerist, Airbnb wordt aan banden gelegd en bezoekersstromen moeten zo veel als mogelijk gespreid. Het werkt tot op zekere hoogte, maar het is de vraag of het voldoende zoden aan de dijk zet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden