PlusInterview

GGD-baas over contactonderzoek: ‘Liever zelf bellen, omdat er schaamte is’

Van de 25 gemeentelijke gezondheidsdiensten (GGD’en) in Nederland slagen 21 er nu niet in het bron- en contactonderzoek zelf uit te voeren. Dat erkent GGD-directeur Sjaak de Gouw in een interview.

Sjaak de Gouw, directeur publieke gezondheid GGD Hollands Midden, tijdens een technische briefing in de Tweede Kamer.Beeld ANP

Het aantal besmettingen neemt hard toe, hoeveel GGD’en zijn nog in staat het bron- en contactonderzoek volledig uit te voeren?

“Van de 25 gemeentelijke gezondheidsdiensten in Nederland leggen er nu 21 een deel van het bron- en contactonderzoek bij de besmette personen zelf. Waar mogelijk en verantwoord bellen die mensen zelf contacten om te vertellen dat ze corona hebben. Als iemand zegt: ‘ik ben gisteren met mijn vriendenclub weggeweest en ik app ze wel even’, dan sturen wij informatiemateriaal, zodat ze die informatie kunnen geven.”

Kun je zoiets belangrijks wel overlaten aan besmette coronapatiënten zelf?

“Dit is suboptimaal. Het liefste wil je iedereen zelf bellen. We hopen dat we zo snel mogelijk weer de gewone manier van werken kunnen hervatten. Wat we normaal doen, is iemand vragen bij wie diegene de afgelopen 48 uur langer dan 15 minuten op minder dan anderhalve meter is geweest. Oorspronkelijk was het plan dat wij die mensen een e-mail zouden sturen. Maar later is dat op verzoek van de Tweede Kamer veranderd in bellen.”

Wat we nu doen, is dat wij de besmette patiënt bellen. Dat doen we altijd. Als die tot een risicogroep behoort, bijvoorbeeld in het onderwijs werkt of in een asielzoekerscentrum woont, dan bellen we óók de contacten. Als je bejaardenverzorgster bent, dan gaan we natuurlijk niet zeggen: joh, bel even zelf met die mensen - daar zit een hoog risico op. Maar als een persoon géén risicocontacten heeft, dan vragen we of die zelf zijn of haar contacten kan inlichten.”

Hoe kun je ervan uitgaan dat die mensen dat ook doen?

“Het zou kunnen dat er een zekere schaamte is. Maar als wij die mensen zouden bellen, zeggen we ook wie de coronapatiënt is. Als mensen niet willen dat hun vrienden of nauwe contacten weten dat zij besmet zijn, dan vertellen zij die nauwe contacten ook niet aan ons. Nu krijgen die mensen dezelfde informatie en schriftelijke handelingsadviezen via de besmette persoon. Wij hoeven die nauwe contacten verder niet veel vragen te stellen.”

Hoeveel tijd kun je daarmee besparen?

“Als je een volledig bron- en contactonderzoek doet, heb je zo’n acht uur per besmet persoon nodig. Stel, er is een groep volleyballers met elkaar in contact geweest; jonge, gezonde mensen. Dan kun je zeggen: we besteden acht uur aan het nabellen van al die mensen. Maar als er iemand in de vereniging is die dat ook goed kan, dan kunnen die dat zelf en gaat de doorlooptijd van dat onderzoek bijvoorbeeld terug naar zes uur. Als je een GGD’er belt en uitgebreide triage doet en mensen zelf in staat zijn hun contacten te bellen, dan kost het nog drie uur. Dit is de meest verantwoorde aanpak om toch te zorgen dat iedereen het bron- en contactonderzoek krijgt.”

U zei deze zomer: wij zijn klaar om op te schalen, hoe kan het dan dat nu in allerlei regio’s toch het bron- en contactonderzoek niet kan worden uitgevoerd?

“Week in week uit leiden we hetzelfde aantal mensen op. Landelijk worden er 275 mensen per week opgeleid en de verschillende regio’s hebben ook mensen in opleiding. Maar het bron- en contactonderzoek gaat komende weken van 2000 naar 4000 naar 8000 mensen. Dat betekent dat we het niet bij kunnen benen.”

Hadden we dan niet toch meer mensen moeten opleiden in de zomer? Toen was het rustig en hadden we de tijd kunnen gebruiken om ons voor te bereiden.

“Toen was er te weinig casuïstiek voor praktijkopleiding. Er werd wel een aantal mensen opgeleid, maar er waren toen gewoon geen grote aantallen onderzoeken, waardoor mensen geen praktijkervaring op konden doen. En die is ook nodig voor het opleiden.”

Belangstelling voor testen werd onderschat, besmettingen ook. De inspectie Gezondheidszorg constateert ook dat de GGD’en zich meermaals baseerden op verkeerde inschattingen. Is daar iets aan te doen?

“De inschattingen worden beter.”

In het inspectierapport staat dat GGD’en geen plan hadden voor een lokale uitbraak. Volgens de hoofdinspecteur is dat nu wel zo. Hebt u overzicht van wat die GGD’en doen als er crisis is?

“Ik heb niet alle plannen hier op mijn bureau liggen. Ik denk dat je zonder meer even met communicatieadviseur van GGD Ghor Nederland moet bellen, want er is gewoon heel veel dat ik niet weet. Waar ik aan het begin van alles op de hoogte was, is dat nu niet meer zo. We zijn op dit moment met 120 mensen aan het werk en dat werk wordt gecoördineerd door zeven directeuren publieke gezondheid.”

Nadat Mark Rutte had gezegd dat de regio’s met lokale maatregelen zouden komen, gingen we zoeken. Maar de lokale maatregelen waren onduidelijk. Moeten de GGD’en daarvoor geen verantwoordelijkheid nemen?

“Voor wat je regio vindt, moet je zijn bij de voorzitters van de veiligheidsregio. De GGD adviseert die over de maatregelen die genomen kunnen worden en levert informatie aan over besmettingen en bekende bronnen. Dat betekent dat als er sprake is van een kroeg waar wekelijks nieuwe besmettingen zijn, we daarmee in gesprek gaan. Wij kijken dan naar de maatregelen die getroffen kunnen worden. Het kan bijvoorbeeld zijn dat een studentenvereniging iets aan de ventilatie moet doen. Dat zijn geen algemene plannen. Dat wordt op individueel niveau bekeken.”

Hoe verwacht u dat dit verdergaat?

“Er komen nu per dag ruim 2500 nieuwe besmettingen bij. De reproductiefactor ligt op 1,33. Als dat zo blijft, hebben we over een week bijna het dubbele aantal. Als het aantal besmettingen week in week uit exponentieel blijft groeien, dan wordt het als dat schaakbord waarbij je ook op het veld steeds het dubbele aantal graankorrels legt. Wij kunnen niet kwadratisch opschalen. Als dit doorzet in oktober, kan het dat we heel snel aan de 100.000 besmettingen per dag zitten. Daarover zijn we nu ook met het ministerie in gesprek. Als iedereen zich altijd aan de maatregelen zou houden, zou het aantal besmettingen ongeveer tot nul teruglopen. Als de kraan dichtgaat, hoeven wij ook niet meer te dweilen met de kraan open.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden