‘Gemeenten overtreden wet door stiekem mee te kijken op sociale media’

Nederlandse gemeenten kijken op grote schaal mee met burgers op sociale media. Daarvoor gebruiken ze onder meer nepaccounts, een methode die gemeenten niet mogen gebruiken.

null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

Dat meldt de Volkskrant op basis van onderzoek van de NHL Stenden Hogeschool en de Rijksuniversiteit Groningen in opdracht van onderzoeksprogramma Politie en Wetenschap.

Gemeenten houden Facebookgroepen, Twitterprofielen en andere sociale media in de gaten om zicht te krijgen op mogelijke ongeregeldheden als rellen en demonstraties. Bijna één op de zes van de ondervraagde gemeenten maakt gebruik van nepaccounts, een methode die alleen politie en inlichtingendiensten onder strikte voorwaarden mogen inzetten.

In enkele gevallen gaan gemeenteambtenaren onder valse namen besloten Facebookgroepen binnen. Ambtenaren zijn zich er vaak niet van bewust dat ze hiermee de wet overtreden, staat in het onderzoek. Meer dan de helft weet niet welke regels en protocollen gelden. De resultaten zijn gebaseerd op antwoorden op een vragenlijst van 156 van de 352 Nederlandse gemeenten.

Inbreuk op rechten

Willem Bantema, verantwoordelijk onderzoeker en rechtssocioloog aan de NHL Stenden Hogeschool, zegt dat er binnen de gemeenten ‘nauwelijks gesprek’ lijkt te zijn over wat wel en niet mag. Zo komt naar voren dat in ongeveer een derde van de gemeenten geen functionaris gegevensbescherming is betrokken bij online-monitoring. Dat is wettelijk verplicht, aldus Bantema. Vooral kleine en middelgrote gemeenten houden zich niet aan de regels.

“Een ernstige inbreuk op rechten van burgers,” zegt hoogleraar Law and Data Science aan de Universiteit Leiden, Bart Clusters. “Het is simpelweg verboden. Gemeenten mogen niet voor politie of inlichtingendienst gaan spelen.” Volgens Clusters liggen ‘willekeur en ernstige privacyschending’ op de loer en is dit ‘niet het werk van gemeenten.’ Bovendien bestaat het gevaar dat persoonlijke gegevens lekken.

Ook blijkt uit het onderzoek dat sommige gemeenten de verkregen data opslaan in dossiers. Daarbij zit ook informatie over individuen en groepen. Zeker 23 gemeenten zouden dat geautomatiseerd doen, waarmee het risico op privacyschending groter is. Ook persoonsgegevens kunnen in het sleepnet blijven hangen. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) wilde niet inhoudelijk reageren.

Geen protocollen

Van de voor het onderzoek ondervraagde ambtenaren zegt 95 procent dat hun gemeente aan online monitoring van burgers doet. Meer dan de helft van hen (54 procent) geeft aan daar geen protocol of beleid voor te hebben. Dat is volgens Bantema wél nodig: “Sociale media zijn weliswaar openbaar, maar het is een misverstand te denken dat je alles mag doen met gegevens die je uit openbare bronnen haalt.”

Een naam, IP-adres en zelfs een nickname zijn ook persoonsgegevens, aldus de onderzoeker. Gemeenten die willen weten wat er online speelt aan sentimenten komen meestal juridisch niet in de problemen. In dergelijke gevallen worden vooral fenomenen gemonitord, niet personen. Maar zodra technische hulpmiddelen worden ingezet om individuen of groepen stelselmatig te volgen, komen gemeenten in juridisch drijfzand terecht.

Driekwart van de ondervraagden denkt overigens dat in hun gemeente het monitoren van burgers wel ‘ethisch verantwoord’ gebeurt, met name als ‘publieke personen’ worden gevolgd. Slechts 8 procent geeft aan dat er een protocol wordt gevolgd.

Een soortgelijke kwestie speelt ook landelijk. Onlangs bleek dat medewerkers van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) honderden burgers volgen op sociale media en in strijd met de wet privacygevoelige informatie hebben verzameld.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden