Plus Analyse

Gaat dit kabinet de rit uitzitten? Ruzie maken kan altijd nog

Die nieuwe dynamiek tussen de coalitieleiders zorgde ervoor dat het kabinet-Rutte III eind vorig jaar ineens de wind in de zeilen kreeg. Beeld Daniel Pockett/Getty Images

De coalitiepartijen van Rutte III begonnen in onderling wantrouwen. Zaterdag zit het kabinet er twee jaar en de sfeer is positiever. Totdat volgend najaar de verkiezingsstrijd losbarst, lijkt er zowaar ruimte om nieuw beleid van de grond te tillen. 

Op de werkkamer van VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff ging het er laatst nog over. Waar staan we nu eigenlijk met ons kabinet? Gert-Jan Segers (ChristenUnie), Pieter Heerma (CDA) en Rob Jetten (D66) schuiven er elke dinsdagmiddag even aan na de stemmingen. “De laatste tijd komt de vraag op tafel: wat willen we nog?” zegt een van de fractieleiders.

Het is dé plek voor een beetje reflectie in kleine kring. Op maandagochtend, bij het coalitieoverleg, zitten immers ook ministers. Díe bijeenkomst, op het ministerie van Volksgezondheid, is inhoudelijker, zakelijker. “Met z’n vieren op dinsdag is het net even intiemer,” stelt een aanwezige.

Soms gaan er vakantiefoto’s rond. Of recenter: kiekjes van de verbouwing ‘bij Klaas thuis’. Er is koffie en er worden grappen gemaakt. De benen kunnen er op tafel. Ook personeelszaken komen aan bod: het gaat er bijvoorbeeld over de lastposten in de fractie: elke regeringspartij heeft wel zo’n Kamerlid dat voortdurend bij een minister in de kuiten bijt.

De sfeer is wel veranderd, vooral door de wissels bij D66 en CDA. De nerdy dossiervreter ­Jetten kwam in de plaats voor de meer ‘thea­trale’ man van de grote lijnen Alexander Pechtold. En de soms wat stugge Sybrand Buma – ‘die pas ontdooide als je om zijn grapjes lachte’ – werd vervangen door ‘knuffelbeer’ Heerma.

Wat overigens niet is veranderd: de voorlieden van D66 en CDA kunnen het uitstekend met elkaar vinden. Wel een verschil: Jetten en Heerma zijn allebei ochtendmensen en beginnen regelmatig de dag met een gezamenlijke bak koffie als nog geen andere sterveling zich op het Binnenhof heeft gemeld.

Vers bloed

Het is in dit soort onderonsjes en tijdens de reguliere overleggen dat steeds vaker de vraag op tafel komt: wat willen we nog aan ‘grote dingen doen’? Vooral Dijkhoff en Jetten voelen zich minder gevangen door het regeerakkoord: zij zaten immers niet zeven maanden aan de onderhandelingstafel tijdens de formatie. Ook toenmalig medeonderhandelaar Heerma behoort tot het slag politicus dat er niet alleen zit om een regeerakkoord uit voeren. Dus komt met nog anderhalf jaar voor de boeg die ene vraag steeds vaker op tafel: “Gaan we niks doen of willen we iets bereiken?”

Die nieuwe dynamiek zorgde ervoor dat het kabinet eind vorig jaar ineens de wind in de zeilen kreeg. Het veelbesproken sms’je van Unileverbaas Paul Polman leidde er toen toe dat de omstreden afschaffing van de dividendbelasting toch niet doorging. In plaats daarvan werd in no time een pakket lastenverlichtingen voor het bedrijfsleven uitonderhandeld.

Toen begon het treintje te lopen: door de draai van het CDA kwam er een kinderpardon – ondenkbaar tijdens de formatie – zonder dat dit tot een kabinetscrisis leidde. Vervolgens werd het langverwachte pensioenakkoord in de wacht gesleept en kwamen de vier partijen tot afspraken over klimaatmaatregelen waar zelfs de linkse oppositie niet zomaar nee tegen durfde te zeggen. En passant werd een streep gezet door de loondispensatie voor arbeidsgehandicapten en worden scholen niet verplicht om kinderen het Wilhelmus te leren, al is het laatste woord daarover nog niet gezegd.

Behalve vers bloed zit de voortgang hem in de verstrijkende tijd. Waar bij het aantreden het wantrouwen diep zat en partijen vooral mee­regeerden met één oog gericht op de uitgang, is er nu veel meer het gevoel dat dit kabinet wel eens de rit kan uitzitten.

Iedereen is zich bewust van die ene waarheid die men elkaar bij herhaling lachend in het gezicht smijt: “We kunnen het kabinet nu wel laten vallen, maar dan zitten we hier na de verkiezingen met dezelfde vier partijen, plus twee anderen erbij.” Door de Eerste Kamerverkiezingen eerder dit jaar is de versnippering in de Staten-Generaal immers alleen maar verder toe­genomen.

Functioneel lekken

Daarbij is het behulpzaam dat partijen elkaar wat gunnen. Vooral D66 kon na de razendsnelle afschaffing van het raadgevend referendum bij de start van dit kabinet wel een opsteker gebruiken. Bij de democraten leefde relatief lang het gevoel dat de partij in dit kabinet eigenlijk weinig te zoeken heeft. De slechte peilingen en het gemor in de achterban zorgden voor chagrijn.

Inmiddels heeft de partij met name door het kinderpardon en het klimaatakkoord wat meer om mee te zwaaien, en neemt ook de steun van D66-kiezers voor dit kabinet toe.

De tandem Heerma-Jetten leverde afgelopen zomer een impuls voor de woningmarkt van 2 miljard euro, waarbij woningcorporaties minder verhuurderheffing hoeven te betalen. De twee fractieleiders wisten dat die maatregel tegen het zere been van de VVD zou zijn, dus werd er ook een maatregel voorgesteld om scheefwonen tegen te gaan, iets waarmee de liberalen juist wél thuis konden komen. Ook bij het kinderpardon kreeg de VVD in ruil dat een oude wens in vervulling ging: de discretionaire bevoegdheid van de staatssecretaris verdwijnt en komt bij een commissie te liggen.

Dat neemt niet weg dat het soms wel degelijk schuurt. In vergelijking met het vorige kabinet wordt bijvoorbeeld veel meer gelekt naar de ­media. Dat is soms functioneel, stelt een fractie­leider. “Af en toe is het goed om de achterban even te laten weten wat ons standpunt is.”

Waar hij moeilijker aan kan wennen is de roddel en achterklap die soms naar buiten komt. “Soms lijkt iemand binnen de coalitie een thera­peutische sessie met een journalist te hebben gehad. Zo dom! Dat doet echt afbreuk aan het vertrouwen.”

Herenakkoord

Ook het getouwtrek tussen de ministers Wopke Hoekstra (CDA) en Eric Wiebes (VVD) over het veelbesproken investeringsfonds werd door ­coalitieleiders met gêne gadegeslagen. Allebei tetterden ze rond dat zíj dit idee hadden bedacht. “Het ging wel erg om het merk-Hoekstra en het merk-Wiebes,” stelt een van hen. “Dit helpt echt helemaal niemand,” aldus een ander.

In de coalitietop moeten als gevolg hiervan de nodige brandjes worden geblust. Het komt regel­matig voor dat een fractieleider op maandag de boodschap krijgt dat hij een partijgenoot eens even de oren moet wassen. Sowieso ontstaan de meeste strubbelingen door Kamer­leden die het niet kunnen laten een bewindspersoon of collega van een andere coalitiepartij eens te grazen te nemen.

De fractieleiders zelf doen daar overigens aan mee: VVD’er Dijkhoff noemde collega Jetten een ‘klimaatdrammer’. Dat zette aanvankelijk kwaad bloed, totdat men erachter kwam dat beide achterbannen het prachtig vonden.

Stikstofdossier

Deze vorm van profilering zal het komende jaar niet minder worden, beseffen de fractie­leiders, temeer omdat CDA en D66 allebei nog een nieuwe lijsttrekker moeten kiezen. Daarnaast zal ook bij Kamerleden die lager in de ­pikorde staan de neiging toenemen zichzelf in de kijker te spelen, met mogelijke spanningen tot gevolg. Over anderhalf jaar zijn er verkiezingen en er zullen ongetwijfeld Kamerleden zijn die bezorgd zijn over hun plek straks op de kieslijst. “Ook zij weten dat je niet eeuwig een beginnend Kamerlid kunt zijn,” aldus een fractieleider.

Vooral het stikstofdossier zorgde recentelijk voor de nodige deining. De door D66-Kamerlid Tjeerd de Groot gepropageerde halvering van de veestapel zette kwaad bloed bij de andere drie regeringspartijen. Die sloegen vervolgens terug in de media. Het is een vorm van actie-reactie die niet zonder risico is, al is ene fractieleider meer gerust over de afloop dan de ander.

“Er is ergens een pijngrens, en als je daarover heen gaat, kan het knappen,” waarschuwt de één. Terwijl de ander het zo’n vaart niet ziet ­lopen: “De heftigheid van dit dossier hebben we onderschat, maar intussen zijn we er wel aan het uitkomen.”

Bovendien is er een soort herenakkoord om pas volgend najaar, richting de verkiezingen van maart 2021, harder stelling te nemen tegen elkaar. “Er is nog genoeg tijd om in de campagnestand elkaar te bevechten.”

Klaas Dijkhoff (38). VVD-leider voelt zich niet gevangen door het regeer­akkoord: hij onderhandelde er niet over. Beeld LEX VAN LIESHOUT/ANP
Pieter Heerma (42). Hij volgde in mei Sybrand Buma op als fractie­voorzitter van het CDA en kan het goed vinden met Rob Jetten. Beeld ANP/Bart Maat
Rob Jetten (32). Een jaar ­geleden werd hij fractie­voorzitter van D66, toen Alexander Pechtold ­vertrok. Beeld Robin van Lonkhuijsen/ANP
Gert-Jan ­Segers (50). Het ChristenUnie-Kamerlid is sinds vier jaar fractie­voorzitter. Beeld Robin van Lonkhuijsen/ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden