PlusAchtergrond

Evacuatie uit Afghanistan is nu een zaak van de lange adem geworden

Amerikaanse en Europese diplomaten spreken in de Qatarese hoofdstad Doha met afgevaardigden van de Taliban. Beeld REUTERS
Amerikaanse en Europese diplomaten spreken in de Qatarese hoofdstad Doha met afgevaardigden van de Taliban.Beeld REUTERS

Het kabinet weet nu wel hoevéél Afghanen welkom zijn, maar nog niet hóé zij hier moeten komen. ‘Het kan wel eens lang duren.’

Dertien bossen bloemen nam Marjan Kamstra, ambassadeur in Qatar, op 9 september mee naar het crisiscentrum in hoofdstad Doha. Eén bos voor elke Nederlander die op die dag dankzij de hulp van de Qatarese autoriteiten uit Kabul kon vertrekken, voor het eerst sinds de Nederlandse evacuatiemissie werd beëindigd.

De geste wordt gewaardeerd en valt op. In de concurrentie met andere westerse landen die bij de Qatari vliegtuigstoelen voor hun evacués proberen te regelen, doet Nederland het naar eigen zeggen goed. Tot nu toe verlieten in totaal 115 Nederlanders via deze zogeheten ‘Doha-route’ Kabul. Minister Ben Knapen van Buitenlandse Zaken strooit op Twitter met bedankjes: hij is ‘grateful’ voor alle hulp. Dat ‘ruiterlijke bedanken’ gebeurt heel bewust, klinkt het bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Internationale erkenning is belangrijk voor landen als Qatar.

Toch is de getoonde dankbaarheid ook tekenend voor het diplomatieke mijnenveld waarin het kabinet ‘alle mogelijke opties voor een veilige uitreis’ onderzoekt. Tot nu toe zijn er grofweg drie opties. Allereerst dus de Doha-route, per vliegtuig tussen Kabul en de hoofdstad van Qatar. Die vlucht is mondjesmaat beschikbaar en - conform afspraken die Qatar maakte met de taliban - alléén voor Nederlanders en mensen met een Nederlandse verblijfsvergunning.

Over land

Dan is er de hachelijke route die over land naar Pakistan voert, die formeel wordt ontraden door Buitenlandse Zaken. Maar als Afghanen op eigen houtje op pad gaan, worden zij door het ministerie wel bijgestaan met raad en daad. Eenmaal in Islamabad worden ze opgevangen door de Nederlandse ambassade. Met gecombineerde vluchten, tot nu toe in samenwerking met Duitsland, komen zij vervolgens naar Nederland.

En dinsdag kwam daar nog een derde optie bij: voor het eerst sinds op 26 augustus de Nederlandse evacuatie met militaire vliegtuigen stopte, konden ook Afghanen per vliegtuig uit Kabul vertrekken. Een vlucht van Pakistan International Airlines vloog met 46 mensen van de Nederlandse evacuatielijst – vooral tolken met hun gezinnen – naar Islamabad. Vanuit de Pakistaanse hoofdstad reizen ze door naar Nederland; die garantie moest het kabinet de Pakistaanse autoriteiten geven.

Al een kleine week was er hoop op zo’n vlucht tussen Kabul en Islamabad, maar drie keer ging het niet door. Dat het nu wel is gelukt, lijkt aan de vooravond van een Kamerdebat goed nieuws voor het kabinet. Dat wil nog zeker 2100 mensen uit Afghanistan halen.

‘Hemel en aarde’

Het ministerie van Buitenlandse Zaken hoopt daarom op meer van zulke vluchten. Maar, klinkt het, het kan ook een eenmalige meevaller zijn geweest. Wel put men hoop uit het feit dat twee mensen met een verlopen paspoort dinsdag toch aan boord mochten – al moest er ‘hemel en aarde’ voor worden bewogen. Heel veel mensen die op de evacuatielijst staan hebben namelijk geen geldige reisdocumenten. “Dat maakt het heel ingewikkeld om mensen te helpen.”

Nederland – en andere landen, die allemaal met dezelfde problemen kampen – is voor alles afhankelijk van de Taliban. Vorige week sprak onder andere de Nederlandse ambassadeur in Afghanistan Caecilia Wijgers met een hoge vertegenwoordiger van het regime, kort nadat het ministerie van Buitenlandse Zaken nog had ontkend dat er gesprekken werden gevoerd. Dat Wijgers met de Taliban om tafel ging, was alleen in heel kleine kring bekend. Ook de Verenigde Staten voeren weer gesprekken met de Taliban, woensdag ook samen met Europese afgevaardigden.

Idealiter gaat Nederland, eventueel in samenwerking met bondgenoten, telkens zo’n 200 mensen uit Kabul halen met grote passagiersvliegtuigen. Hoewel het ministerie van Defensie zegt ‘klaar te staan’ als nieuwe ‘militaire extracties’ weer mogelijk zouden worden, is dat vooralsnog niet realistisch. Bovendien is het vliegveld van Kabul na het vertrek van de laatste Amerikaanse troepen, eind augustus, nog steeds niet volledig operationeel.

Veiligheidscontroles

Ook de Taliban willen dat het vliegverkeer wordt hervat en Turkije helpt daarbij. Zo moet er bijvoorbeeld een deugdelijke beveiliging komen, met veiligheidscontroles en poortjes. Die zouden nu nog ontbreken. Nederland bood begin vorige maand al technische hulp aan ter waarde van 1 miljoen euro. Maar daar is nog geen beroep op gedaan.

Vliegverkeer vanuit Kabul is dus nog onvoorspelbaar. Vluchten tussen Kabul en Doha gaan bijvoorbeeld niet elke dag, maar slechts één of twee keer per week. Daardoor slagen er telkens maar plukjes mensen – tientallen – in om weg te komen. Als dat zo mondjesmaat doorgaat, is de evacuatie van alle 2100 mensen waarvoor het kabinet zich wil ‘inspannen’ een zaak van de lange adem. “Het kan wel eens heel lang gaan duren,” zegt een bron rond het kabinet. Ga maar na: stel dat Nederland er in slaagt elke week zo’n 100 mensen in veiligheid te brengen, dan duurt het nog zeker 21 weken voor die 2100 Nederlanders en Afghanen het land uit zijn. Dan zijn er alweer vijf maanden verstreken en is het 2022.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden