PlusAchtergrond

Eenzaam in de coronacrisis: ‘Daar zit ik dan, op mijn kamer van 30 m2’

Eenzaamheid speelt altijd in Amsterdam. In 2017 voelden 300.000 Amsterdammers, 48 procent van de volwassenen, zich eenzaam.Beeld Mikko Kuiper

Ouderen zijn kwetsbaar, maar door de verplichte sociale onthouding worden veel meer groepen getroffen door eenzaamheid – zeker in Amsterdam. ‘Sinds de corona-maatregelen zijn ingevoerd, merk ik hoe erg ik een partner mis.’

Waar andere ouders ’s avonds hun sores met ­elkaar delen nu de scholen zijn gesloten, samen dagschema’s maken voor hun kroost en elkaar afwisselen zodat er een even ongestoord kan werken, staat moeder Eva Yoo Ri Brussaard (39) er alleen voor.

“Ik heb een breed netwerk, leuke vrienden, meer dan vijfduizend Facebookvrienden en een zoon van zestien. Normaal ga ik erop uit. Ik ben een sociaal mens, een echte netwerker. Maar sinds de coronamaatregelen zijn ingevoerd, merk ik hoe erg ik een partner mis. Ik wil ’s avonds met iemand praten over mijn dag, tegen iemand aankruipen, samen eten, filosoferen, naast elkaar in slaap vallen. Nu heb ik niemand anders dan mijn zoon.”

Brussaard, die met haar stichting Single ­Supermom andere alleenstaande moeders bijstaat, slaapt er slecht door. Ze maalt over haar onderneming, haar zoon die geen huiswerk wil maken, over het idee dat ze zelf ook ziek kan worden. “Ik heb hier geen familie. Ik heb vooruit gekookt en eten ingevroren. Dan kunnen we in ieder geval eten. Zonder te overdrijven: deze ­periode doet me pijn. Het is een persoonlijke confrontatie. Ik kan nergens meer even ontspannen of mijn verhaal delen. Sommigen zeggen: je kunt gelukkig met je zoon praten, maar dat is niet hetzelfde. Dat is een kind. Daar praat je anders mee dan je met een vriend of partner zou doen.”

Aangeraakt worden

Een gevoel van eenzaamheid ligt deze dagen voor meer mensen op de loer: meer dan de helft van de 467.000 Amsterdamse huishoudens ­bestaat uit één persoon (248.000), zo blijkt uit cijfers van de dienst Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS). In heel Nederland gaat het ­ongeveer om één op de vijf huishoudens.

Nu, tijdens de coronacrisis, betekent alleen wonen doorgaans ook alleen zijn: geen etentjes, niet even met een vriend stoom afblazen in de sportschool of een praatje maken op het werk. De kroegen zijn dicht en in de meeste Amsterdamse optrekjes is samenkomen terwijl je 1,5 meter afstand moet houden, haast onmogelijk.

Juist ook mensen die in het normale leven weinig tot niet met eenzaamheid geconfronteerd worden, krijgen er nu wel mee te maken, weet ook hoogleraar Theo van Tilburg, van de VU Amsterdam en gespecialiseerd in eenzaamheid. “Voor een heleboel mensen zijn de maatregelen rondom corona een probleem. Zoiets als dit hebben we nog nooit mee­gemaakt.”

“Er worden vergelijkingen gemaakt met een oorlog, je kunt allicht spreken van een gebeurtenis die net zoveel impact heeft op de bevolking als bijvoorbeeld de Wende in 1989 of een natuurramp. Wat je in die situaties ziet, is dat mensen bij nood meer met elkaar optrekken, zich verenigen. Dat zie je nu online gebeuren. Want het bijzondere aan deze ramp is dat we elkaar fysiek juist niét kunnen opzoeken.”

Fysiek contact staat zelfs aan de basis in de ­bekende ­piramide van Maslow. De Amerikaanse psycholoog Abraham Maslow bracht met dit model de hiërarchie van de vijf menselijke ­basisbehoeften in kaart. Fysiologische behoeften vormen de basis, waarmee behalve eten, ademen, drinken en slapen, ook seks wordt ­bedoeld. Lichamelijk contact doet leven; meerdere onderzoeken hebben aangetoond dat ­fysiek contact tussen ouder en kind cruciaal is voor de ontwikkeling van een kind.

“Dat echte contact, elkaar een hand geven als je elkaar ontmoet, een familielid knuffelen, dat is onderdeel van het leven. Het zou raar zijn als je lang niet wordt aangeraakt,” zegt Van Tilburg. Gezinnen of mensen met huisgenoten krijgen veelal hun ‘portie’ wel. Alleenstaanden daarentegen hebben het lastiger. Zelfs nu we kunnen videobellen en met groepen tegelijk online onze verjaardag kunnen vieren. Deze middelen ­bieden volgens de socioloog slechts tijdelijk soelaas. “We weten uit onderzoek dat online contact houden op de lange termijn enkel werkt als je ­elkaar ook af en toe opzoekt.”

Ook het zogenoemde ‘nabijheidscontact’, ­zoals het letterlijk tegenover elkaar zitten, is onmisbaar in een gezond leven. Er wordt immers niet alleen informatie uitgewisseld via woorden of mimiek, de gehele lichaamshouding is van waarde voor een relatie. Mensen halen al dan niet bewust informatie uit hoe iemand loopt, beweegt of zit. Volgens de hoogleraar is zowel nabijheidscontact als fysiek contact onmisbaar voor een gezond leven.

Neerwaartse spiraal

Een 27-jarige zzp’er, die graag anoniem blijft, verruilde om die reden zijn studio in Amsterdam voor het ouderlijk huis. “Ik vreesde dat de muren op me af zouden komen, dat ik de hele dag alleen binnen zou zitten. Nu ik bij mijn ouders ben, voel ik nog steeds een drukkend gevoel over de hele situatie. Ik kan zeker vier weken mijn vriendin niet zien, spreek mijn vrienden alleen via Whats­App. Het is saai en uitzichtloos. Machteloos, ja, zo voel ik me. Gelukkig kan ik hier nog praten met mijn ouders. In m’n eentje was ik denk ik wel gek geworden.”

“Het is een naar gevoel,” zegt hoogleraar Van Tilburg als hij het gevoel van eenzaamheid ­probeert te omschrijven. “Sommigen krijgen er buikpijn van, maar het zit vooral in je hoofd. Als je eenmaal in de spiraal van eenzaamheid ­terechtkomt, is het lastig om daar weer uit te ­komen. Je gaat er minder op uit, waardoor je nog minder mensen ontmoet, je voelt je eerder af­gewezen en raakt steeds meer geïsoleerd.”

Het thema speelt in Amsterdam: in 2017 voelden 300.000 mensen zich eenzaam, 48 procent van de volwassenen. Uit de cijfers van de GGD blijkt dat in 2018 16 procent van de Amsterdammers zich zelfs ernstig eenzaam voelde.

Van Tilburg verwijst naar het onderzoek van ­socioloog Anandi Mani, hoogleraar gedrags­economie en openbaar beleid aan de Universiteit van Oxford, over dat mensen in armoede minder goede beslissingen nemen. Wie langere tijd geldtekort heeft, verliest het overzicht en kan zich enkel nog op de korte termijn richten. Het totaalplaatje, met daarbij oplossingen voor de lange termijn, verliest men uit het oog. Diezelfde processen ziet de socioloog bij mensen die langere tijd eenzaam zijn.

Ook fysiek gezien is eenzaamheid een aanslag op het lichaam. De biologische processen veranderen. Wie zich goed voelt, kan omgaan met stress. Maar wie al niet lekker in zijn vel zit, krijgt het lastiger. “Als je stressgevoelens niet kunt omzetten, kan dat leiden tot ziektes. Wat daarbij niet helpt, is dat eenzame mensen doorgaans minder goed voor zichzelf zorgen. Hun leefstijl wordt slechter, ze bewegen minder, gaan meer alcohol drinken of ­roken. We weten uit onderzoek dat eenzame ouderen kans hebben vier jaar eerder te overlijden.”

Behapbaar

We zitten in een moeilijke periode, waarvan niemand precies weet wanneer die eindigt. Maar dát er binnen enkele maanden een einde aan komt, maakt dat het voor velen behapbaar blijft (zie kader Erik Scherder). De meeste mensen kunnen deze periode overbruggen door een dagritme aan te houden, zichzelf goed te blijven verzorgen en geliefden te (video)bellen. Ouderen hebben het daarentegen moeilijker, aldus Van Tilburg. Voor hen valt heel veel weg nu, vaak zelfs de thuishulp.

Tilly Wentink (87) ervaart het aan den lijve. “Het is verschrikkelijk. Ik zit hier in het Amstelhuis. We mogen niet bij elkaar komen, niet meer samen eten. We moeten nu eten kopen en het meteen mee naar boven nemen. Dat is niet prettig.” Ook het puzzelclubje waar Wentink naartoe ging, is er voorlopig mee gestopt. “Daar zit ik dan, de hele dag op mijn kamer van 30 vierkante meter. Ik weet dat het voor iedereen beroerd is nu. Ik denk dat iedereen wel een beetje contact zou willen. Ik bel welja met mijn kinderen, maar die hebben ook hun eigen zorgen. Het voelt heel eenzaam, de hele dag in zo’n klein hokkie nietsdoen. De buitendeuren zijn ook afgesloten, er mag ook geen bezoek meer komen. Ja, het is ­allemaal wat, hè.”

Erik Scherder: ‘Ons beloningssysteem werkt nu even niet zo goed’

De verplichte sociale onthouding valt velen zwaar. Uitzicht op een einddatum werkt belonend voor het brein, zegt hoogleraar neuropsychologie Erik Scherder. Tot die tijd: vergeet niet te bewegen. 

“Zitten heeft een ongunstig effect op je afweersysteem. Als je niet beweegt, gaat dat afweersysteem achteruit, ­terwijl je het juist op peil moet houden. Liefst zelfs versterken! We mogen nog naar buiten, dus ga een stuk fietsen of wandelen. En stel dat we over een tijdje toch niet meer naar buiten mogen, dan is bewegen binnen ook mogelijk.”

“Zoek afleiding tussen het werk en de schoolopdrachten door, dat is goed voor de stressreductie. Zet je favoriete muziek op, ga met iemand een potje schaken, maak samen een kruiswoordpuzzel. Voor ouderen: als je niet meer in staat bent om naar buiten te gaan, loop met je rollator een paar rondjes om de tafel. Of doe wat oefeningen met een zak met rijst: zak in de hand en dan de arm zijwaarts, voorwaarts en omhoog bewegen. Het gaat erom dat het hart sneller gaat kloppen en de bloedsomloop toeneemt. Daardoor worden de nk-­cellen, de natural killers, ge­activeerd en die cellen houden van alles tegen waarvan je niet wilt dat het in het lichaam terechtkomt. Alles draait in deze tijd om een goed afweersysteem. Dat is van levens­belang. Let dus ook op voldoende nachtrust en een goede voeding met veel flavonoïden, dat zijn stoffen die je bloedsomloop bevorderen en ze zitten onder andere in veel groente- en fruitsoorten.”

“We leven nu in onzekere tijden, en dat leidt tot onvoorspelbaarheid en onrust. Daardoor functioneert het belo­- ningssysteem in ons brein niet. Voorspelbaarheid werkt belonend voor het brein. Zodra je een lichtje aan het eind van de tunnel ziet, zeg 6 april, dan geeft dat een goed gevoel en denk je: die twee weken, dat is te doen.”

“Sommige mensen reageren hier juist goed op. Die tobben normaal over veel dingen, maar komen nu tot rust – er ontstaat zelfs een bepaalde creativiteit. De meesten – ik hoor ook tot die groep – hopen dat alles snel bij het oude is.”

“Een van de directe gevolgen van de coronacrisis is dat gezinnen veel meer en dichter bij elkaar zijn. Die situatie kennen we niet en in de literatuur wordt dit ook wel ‘cabin fever’ genoemd. Je zit dicht op elkaar, gewoontes vallen weg, je bent niet in staat om je terug te trekken en spanningen nemen toe. Een geruststelling voor de mensen die dit ervaren: u bent niet uniek, iedereen heeft hier last van.”

“Dat ik mensen weer kan omhelzen, dat zit heel erg in mijn natuur, dat ben ik gewend. Nu doe ik even niks, maar het is een fijn vooruitzicht om dat straks wel weer te doen.”

Jim Jansen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden