PlusTen Slotte

Edo Spier (1926-2022) wilde aardig leven, maar niet zonder zorgen

Als journalist, architect en politicus was Edo Spier heel veel, maar bovenal was de dinsdag overleden Amsterdammer een levensgenieter die zich met van alles en nog wat bemoeide. Nog jaren na zijn pensionering dook de naam van de éminence grise van D66 geregeld op tussen de ingezonden brieven in de dagbladen. Niet voor niets luidde zijn lijfspreuk ‘Nooit laten afweten, altijd doorgaan.’

Frenk der Nederlanden
Edo Spier werd 96 jaar. Beeld ANP
Edo Spier werd 96 jaar.Beeld ANP

Spier, die officieel Elias heette, kwam ter wereld in een liberaal-Joods gezin in Amsterdam-Zuid. “Ik behoor tot de generatie die als kind oud is geworden,” zei hij in 1995 in een interview met de Volkskrant. “Toen ik als eigenwijs jochie van 11 met pogromverhalen van Duitse Joden thuiskwam, kon ik een klap voor m’n kop krijgen. Wat ik zei viel gewoon in een emmer met snot. Zoiets kon hier nooit gebeuren.”

Maar toen na de Duitse inval de NSB’ers door de straten van de Rivierenbuurt marcheerden, dook het gezin toch onder. Spier woonde op 48 adressen en belandde ook nog in kamp Amersfoort. Daar wilde hij later niet over praten. “Mijn instelling was: psychiater? Ben je gek. Ik los m’n eigen problemen wel op.”

Nederlands-Indië

Toen de bevrijding voor de deur stond, meldde Spier zich als vrijwilliger bij het Engelse leger, en zo kwam hij in Nederlands-Indië terecht, waar hij als commando van de Royal Navy tegen Soekarno vocht en omroeper werd bij de Allied Forces Radio in Batavia. “Je leeft in een absolute chaos in zo’n leger. Oorlog net afgelopen, niks georganiseerd, je doet maar wat. Als oorlogscorrespondent ben ik mee geweest naar Japan, krijgsgevangenen terugbrengen. Thailand, Filipijnen, Australië, het was een zootje.”

Terug in Nederland kwam Spier in 1948 terecht bij Het Parool. Hij werkte acht jaar bij de krant, maar vond zijn roeping pas toen Gerrit Rietveld, die had gezien hoe hij zijn eigen huis had verbouwd, hem aanspoorde architect te worden. Met Le Corbusier als held was hij verantwoordelijk voor de verbouwing van de synagoge aan de Lekstraat. Ook tekende hij voor het ontwerp van de synagoge aan de Straat van Messina in Amstelveen. Zijn laatste grote opdracht was de restauratie van het hoofdpostkantoor van de PTT.

“Journalistiek vind ik eigenlijk toch meer voor half-talenten,” vertelde hij in de Volkskrant. “Ik vergaarde meteen al veel publiciteit omdat ik wat andere opvattingen had over huizen bouwen. Niet van buiten naar binnen, maar andersom. Pakhuizen, daar ben ik dus beroemd mee geworden. Ik heb van slaapkamers met enge lits-jumeaux en koud linoleum op de vloer zwoele neukhollen gemaakt.”

Hans van Mierlo

In de jaren zestig werd Nederland pas echt bevrijd, vond Spier, en een telefoontje van Hans van Mierlo zorgde voor zijn entree in de politiek. Hij bekleedde diverse functies in de partij: penningmeester, pr-coördinator en voorzitter van de afdeling Amsterdam, en in 1986 wist hij als campagneleider voor de Kamerverkiezingen Hans van Mierlo over te halen opnieuw de politieke arena te betreden.

“Ik kende geen enkele politicus die zo zuiver op de graad was. Hans en ik hebben zeven nachten lang lopen ijsberen in zijn huis, glas whisky in de hand. Uiteindelijk zei Hans: ‘Je hebt eigenlijk wel gelijk, we gaan het doen.’ Klaar. We gingen van zes naar tien zetels. Dat was heel keurig.”

Spier verwijderde de apostrof uit de naam van de partij, die tot zijn leedwezen steeds meer naar rechts opschoof. “Op een gegeven moment dacht ik: sodemieter maar op, nou moeten jullie het zelf maar doen. Nu noemt de partij zich sociaal-liberaal. Dat is het laatste wat je wil. Ideologie. Belachelijk. Dan zit je op de schoot van Rutte. Dat wil ik niet.”

Toch bleef D66 altijd zijn partij, en in 1991 werd hij in de Eerste Kamer, altijd mét vlinderstrik, woordvoerder volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieu. Toen hij in 1995 stopte als senator, raadde Van Mierlo hem aan zijn memoires te schrijven, maar dat zag Spier niet zitten. “Van schrijven word ik zenuwachtig. Dan gaan alle details spoken. Ik ben meer een verteller. Mijn kinderen kennen fragmenten, niet het integrale verhaal. Ik vind niet dat ik ze daarmee moet belasten. Misschien dat m’n drive om dingen aan te pakken ermee te maken heeft. Ik heb maar een uur of vier slaap nodig. Voor de rest wil ik aardig leven, maar niet zonder zorgen. Ik moet onder druk staan. Altijd. Ik kan niet stilzitten. Ongelimiteerde vrijheid is namelijk niks.”

Miss World

Een boude uitspraak van een man die, zoals hij zelf zei, ‘een behoorlijk wild leven’ leidde en al twee huwelijken achter de rug had toen hij in 1962 in het huwelijk trad met Corine Rottschäfer. Zij was drie jaar daarvoor tot Miss World gekroond, en ze bleven samen tot haar dood in 2020.

De flamboyante Spier was in every inch a gentleman. Altijd goed gekleed (‘Uit verzet tegen de grijze lulligheid van confectie’), verzot op mooie auto’s, liefhebber van een goed glas whisky. Nog één keer de Volkskrant in 1995: “Aanstonds zit ik in mijn huis in Zuid-Frankrijk, ver genoeg van de kust met al die walgelijke gouden kettingen, om er nieuwe olijfbomen neer te zetten. Niet dat ik het nog zal meemaken dat er iets van komt, hoor. Maar ploeteren op het land moet en zal ik. Dat is voor mij optimaal vakantie.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden