Plus

Dutchbat-veteraan: ‘Excuses zouden ons enorm goed doen’

Erkenning en excuses, laat die nu eindelijk komen. Het is de diepste wens van een groep veteranen van Dutchbat, die zich niet alleen in Srebrenica maar ook nu, 24 jaar later, machteloos voelen.

Srebrenica Veteraan Henk van de Berg Beeld Koen Verheijden

Nederlandse militairen waren op een onmogelijke missie gestuurd in Srebrenica. Eindelijk was er in 2016 een minister die het durfde te zeggen. Dutchbat-veteranen hoopten dat er nu snel ook eerherstel en excuses zouden volgen. Tevergeefs. En dus stapt een groep nu naar de rechter.

Dutchbat-veteraan Henk van den Berg (44) uit De Glind denkt nog vaak terug aan de vorige minister van Defensie, Jeanine Hennis. Zij was het die drie jaar geleden op Veteranendag in Den Haag de woorden uitsprak waar veel Dutchbat-veteranen zo lang naar hadden uitgekeken. ‘De missie in Srebrenica was eigenlijk onuitvoerbaar’. Eindelijk was er iemand die hen publiekelijk een hart onder de riem stak. Iemand die het voor hen opnam nadat ze zich jarenlang in de steek gelaten voelden na het drama in Srebrenica. “Ik kreeg weer hoop dat we nu snel excuses zouden krijgen, maar het is nog altijd stil,” zegt Van den Berg.

Het logo van Dutchbat III Beeld anp

Bloedbad

Vandaag is het precies 24 jaar geleden dat de moslim-enclave viel die de Nederlandse militairen moesten beschermen. Het gebied werd ingenomen door de Bosnisch-Servische troepen van generaal Ratko Mladic en onder zijn leiding volgde een bloedbad waarbij meer dan zevenduizend mensen werden vermoord.

11 juli is elk jaar een loodzware dag voor nabestaanden die dierbaren verloren. “Laten we vooral niet vergeten wat er met de slachtoffers is gebeurd, want dat is gewoon verschrikkelijk,” zegt Van den Berg.

Maar ook voor Nederlandse militairen die erbij waren, rakelt het drama nog altijd nare herinneringen op. Of Van den Berg het nu wil of niet, hij krijgt de beelden maar niet uit zijn hoofd van rondrennende kinderen met hun speeltjes in een overvolle loods vol wanhopige mensen die Nederlandse militairen hier hadden opgevangen. Twee jaar geleden was hij voor het eerst sinds 1995 weer op die plek. “Ik kwam die loods binnen en rook gewoon de geur die ik toen ook rook. Dat was niet echt zo, het zat tussen mijn oren.”

Iets bijzonders

Van den Berg was twintig jaar oud toen hij als één van de laatste dienstplichtigen ervoor koos naar Srebrenica te gaan. “Ik wilde mijn dienstplicht niet in Nederland doen, maar iets bijzonders meemaken. Nou, dat is wel gelukt,” zegt hij cynisch.

Pas nadat hij was teruggekeerd, bleek dat tijdens de val van Srebrenica de grootste genocide sinds de Tweede Wereldoorlog werd gepleegd. Van den Berg kreeg daar ter plekke niets van mee. “Maar sommigen geven ons daar nog steeds de schuld van. Terwijl wij in een onmogelijke positie zaten. We hadden geen voorraden meer, konden ons nauwelijks verdedigen door het gebrekkige materieel en kregen geen luchtsteun. Het enige wat we konden doen was terugtrekken op de basis.”

Van den Berg sloot zich dan ook aan bij een groep van meer dan tweehonderd Dutchbat-veteranen die na de uitspraken van Hennis eerherstel en excuses wilden. De militairen vroegen ook om een ‘symbolisch bedrag’ van duizend euro per veteraan voor elk jaar dat is verstreken sinds de val.

Onderzoek

Die claim lieten ze een jaar later vallen omdat ze ook met de opvolger van Hennis, minister Ank Bijleveld, dachten op de goede weg te zijn. Er kwamen gesprekken, er werd een werkgroep opgericht en een commissie begon een onafhankelijk onderzoek naar de problemen die Dutchbat-veteranen ervaren en hoe daarmee om te gaan.

Het is nu 2019 en Van den Berg heeft nog altijd het gevoel dat ze niet veel zijn opgeschoten. Er wordt veel gepraat en weinig gedaan. “Ik geloof oprecht dat de werkgroep zijn best doet. Geen kwaad woord daarover. Maar ik zie ook dat al die overleggen alleen maar vertragend lijken te werken. Als er een boom in mijn tuin moet worden omgehakt, dan kan ik daar weken over praten, maar uiteindelijk moet iemand gewoon de zaag pakken en aan de gang gaan. Die daadkracht mis ik hier.”

Met de rechtszaak hoopt hij dat er nu eindelijk druk komt en snel recht wordt gedaan aan de gevoelens waar veel Dutchbat-veteranen nog elke dag mee worstelen. “Het gaat mij niet om het geld. Dat heb ik niet nodig. Maar een brief met excuses dat wij door alles en iedereen in de steek zijn gelaten, dat zou ons enorm goed doen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden