1942, Joodse geïnterneerden uit doorgangskamp Westerbork wachten langs de spoordijk in Hooghalen op deportatie.

Plus Interview

De NS in de oorlog: ‘Het dacht alleen aan het bedrijfsbelang’

1942, Joodse geïnterneerden uit doorgangskamp Westerbork wachten langs de spoordijk in Hooghalen op deportatie. Beeld Spaarnestad/HH

Vlak na de oorlog dichtten Nederlanders de NS een heldenrol toe. De laatste jaren worden de spoorwegen ook gezien als Jodentransporteurs. Het boek De Nederlandse Spoorwegen in oorlogstijd beschrijft die omslag.

De NS werd na de oorlog op het schild gehesen. Neder­land eerde de 30.000 NS-medewerkers die bij de spoorwegstaking van 1944 het spoor platlegden. Het doel van die staking was de Duitse aanvoer van munitie te blokkeren toen de operatie Market Garden zich aandiende, die was bedoeld om met luchtlandingen de bruggen over de grote rivieren in handen te krijgen.

Het verzetsimago van het spoor hield tientallen jaren stand. Maar in de jaren negentig keerde het sentiment. De laatste jaren zien de ­Nederlanders de NS vooral als de organisatie die braaf de treinen liet rijden voor het Jodentransport. De NS verdiende 2,5 miljoen euro aan het vervoer van 100.000 Joden.

75 jaar na de grote treinstaking vond historicus David Barnouw, oud-medewerker van het Niod, het tijd af te rekenen met broodjeaap­verhalen. Hij nam het initiatief tot een boek, De Nederlandse Spoorwegen in oorlogstijd, ­geschreven met Guus Veenendaal (spoorweghistoricus) en Dirk Mulder (voormalig directeur herinneringscentrum Kamp Westerbork).

Hoe is de tweedeling in verhalen rond de NS in de Tweede Wereldoorlog ontstaan?

“Het beeld van de Tweede Wereldoorlog is ­teruggebracht tot Auschwitz. De rol van de NS is teruggebracht tot het plaatje van een vee­wagen naar de kampen. Mensen weten niet meer dat er ook rijtuigen reden. Tijdens de oorlog zelf hadden mensen ook geen idee. Vergeet niet de propaganda die in een oorlog aan beide kanten wordt uitgestort. Ook de anti-Duitse propaganda was ongekend. Zo circuleerden tijdens de Eerste Wereldoorlog verhalen over Duitse militairen die baby’s aan bajonetten regen.”

Was het destijds al duidelijk dat Joden na transport werden vermoord?

“Joden werden als gevangenen afgevoerd. ­Iedereen wist dat het tegen hun wil was, kon vermoeden dat de omstandigheden in de werkkampen slecht waren en dat mensen er ook dood gemaakt werden. Anne Frank heeft het geschreven in haar dagboek, maar pas toen ze in 1944 haar oude versie van 1942 overschreef. Vóór de Jodentransporten in 1942 werden ook Joden in concentratiekampen vermoord, maar dat waren geen vernietigingskampen. Het bestaan daarvan werd pas na 1945 breed bekend.”

Hoe handelden de Nederlandse Spoorwegen in de oorlog?

“Die sloten in 1940 een ‘loyaal samenwerkingscontract’ met de Duitsers. Prioriteit was dat het bedrijf zou voortbestaan. Anders zouden het goederenvervoer en het personenvervoer in ­gevaar komen. Daarvoor waren Nederlanders helemaal aangewezen op de NS. Andere grote bedrijven werkten ook door. Zelfs de munitie­fabriek bij de Hembrug, waarvan de directie wilde stoppen, ging voor de Duitsers werken.”

Maar de Duitsers zetten de NS in voor hun ­eigen doeleinden.

“Zeker. Ze gebruikten de Nederlandse Spoorwegen voor de Duitse economie, voor vervoer van Duitse militairen, voor reparaties aan Duits materieel, en haalden Nederlands spoorwegpersoneel naar Duitsland. Maar per saldo was het voor Nederland belangrijk dat de treinen bleven rijden.”

Klopt het dat de NS-top tegenstribbelde bij Duitse verzoeken?

“De NS dacht alleen aan het bedrijfsbelang. Al direct na de inval werden NS’ers door de ­directie gedwongen tot ver in België te rijden voor de Duitsers, terwijl er op dat moment in Frankrijk nog werd gevochten. De directie boog mee met de Duitsers, maar hield wel de NSB buiten de deur. Dat was verstandig. Het personeel zou sneller in opstand zijn komen als er foute ­mensen in de leiding hadden ge­zeten.”

Was de prijs om de treinen te laten blijven ­rijden te hoog?

“Daar heb ik geen antwoord op. Het is wel laakbaar gedrag. Ik denk dat machinisten niet wisten wat er met de mensen gebeurde, maar ga je mensen pas helpen als je weet dat ze vermoord worden? Als de NS in 1942 was gestopt, hadden de Duitsers die treinen zelf wel gereden. Jodenvernietiging was Duitse topprioriteit. Maar dat ontslaat de spoorwegen niet van de morele verantwoordelijkheid. Ik heb daarom altijd ­gezegd dat het goed was dat Salo Muller namens de slachtoffers een tegemoetkoming heeft geëist.”

Wat vindt u ervan dat andere groepen, zoals verzetsstrijders, ook geld van de NS eisen?

“Gênant! Het is echt meeliften. Het geld is ­bedoeld als tegemoetkoming voor overlevers als slachtoffer van het systeem van massa­vernietiging. Het leed van omgekomen verzetsstrijders of dwangarbeiders is evident, maar het heeft niets te maken met een bevolkingsgroep die werd uitgeroeid en waarvan nabestaanden hun opa’s, oma’s, ouders, neefjes en nichtjes moeten missen, en geen huizen of bezittingen meer hadden. Ook het verzet bedanken, wat sommige verzetskinderen nu ­opperen, is onzin. Als het verzet zo groot was, is het toch gek dat driekwart van de Joden is uitgemoord.”

Hoe kwam het keerpunt in het sentiment ten opzichte van de NS tot stand, van verzetsheld naar onverschillige transporteur?

“In 1995 was er een tentoonstelling in het Spoorwegmuseum. Er stonden drie wagens van de NS, waarvan één over de Jodentransporten. Het maakte weinig indruk. Behalve op abortus-activist Bert Dorenbos, die een brief schreef aan de NS: jullie hebben verdiend aan het Joden­transport. Dat bloedgeld moet de NS terug­betalen. De NS stuurde een brief terug dat ze het waanzin vond. Het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap wimpelde de zaak ook af, maar zo kwam het balletje aan het rollen.”

Historicus Loe de Jong heeft het in zijn boek ­Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede ­Wereldoorlog nauwelijks over de NS.

“Maar hij sloeg wel de spijker op zijn kop. Het idee was dat Nederland na Market Garden ­binnen een weekje bevrijd zou zijn. Dat werd een half jaar. De Jong schreef dat het de spoorwegen wel goed uitkwam. Veertien ­dagen staken had hun nooit die heldenrol opgeleverd.”

NS-directie boog met Duitsers mee

De Nederlandse Spoorwegen hebben zich in de oorlog ­inschikkelijk opgesteld jegens de Duitse bezetter. Die loyaliteit heeft de NS vastgelegd in een in 1940 met de Duitsers gesloten ­contract. Dat had het doel onafhankelijk als Nederlands bedrijf te blijven opereren onder Duits bewind, maar leidde ­tevens tot omstreden werkzaamheden bij de Spoorwegen.

Dit onthulde dr. A.J.C. Rüter in 1960 in zijn boek Rijden en Staken, geschreven in opdracht van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie. De Duitsers plunderden met hulp van de NS Nederland en steunden hun eigen economie, schrijft Rüter.

Het loyaliteitscontract was in lijn met de ‘aanwijzing’ uit 1937 van de Nederlandse regering aan overheidsdiensten en -bedrijven en het Landoorlogreglement uit 1907, waarin Nederland had vastgesteld hoe het bedrijfsleven zich ten opzichte van een overheersende ­mogendheid zou moeten gedragen.

Het kwam erop neer dat ambtenaren en ­diensten in het belang van de burger moesten blijven functioneren.

De driekoppige directie van de Spoorwegen boog sterk mee met het Duitse bewind. ­Sabotage werd door de Spoorwegen gemeld aan de bezetter. Besmet werk voerde de NS zonder omhaal uit.

Ook de Jodentransporten werden stipt op tijd ­uitgevoerd.

Rüter begon zijn boek met studies naar de treinstaking van 1944/45. Gaandeweg stuitte hij op samenwerking met Duitsers en de Jodentransporten en besloot hij die aspecten prominent in zijn boek op te nemen.

Daarop heeft de NS-­directie alles uit de kast gehaald om Rüters ­publicatie te verhinderen of de tekst sterk aan te passen. Maar ­Rüter hield zijn rug recht en publiceerde na steun van een parlementariër het boek, met conclusies waarvan de volle betekenis pas de laatste jaren doordringt bij het grote publiek.

De Nederlandse Spoorwegen in oorlogstijd. Rijden voor Vaderland en Vijand David Barnouw, Dirk Mulder, Guus ­Veenendaal WBooks, verschijnt op 16 september, €24,95, 160 blz. Beeld -
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden