PlusReconstructie

‘Dat kutvirus,’ verzuchtte de premier. Reconstructie van een wanhopige strijd

Elke zondag vindt op het Catshuis informeel overleg plaats om elkaar bij te praten en na te denken over de langere termijn.Beeld ANP

Zondag 8 maart is de laatste weekenddag van het oude Nederland, daarna gaat het land ‘intelligent op slot’. Een reconstructie van een soms wanhopige strijd tegen de stippellijn van de maximale ic-capaciteit, door de ogen van direct betrokkenen. ‘Het is ook eng, wat als we het mis hebben?’

Er is thee, koffie en water. Zo oer-Hollands als het decor van het Van der Valkhotel in Uden is, zo on-Nederlands is de boodschap die Brabantse artsen en burgemeesters als een steen op de maag ligt. Het coronavirus verspreidt zich sneller dan de officiële cijfers vertellen, benadrukken zij zondagmiddag 8 maart tijdens het geïmproviseerde crisisberaad. Een lockdown is niet langer een rariteit, maar wordt een reëel scenario.

RIVM-directeur Jaap van Dissel is er ook bij. “Hij grapte eerst nog half: moet dit nou op zondag?” zegt Jan Kluytmans, arts-microbioloog van het Amphia Ziekenhuis in Breda. “En dat dacht ik eigenlijk ook. Maar we kwamen natuurlijk.” Het Van der Valkberaad begint om vier uur. Er wordt afstand gehouden.

De Brabanders bespreken met Van Dissel hoe ze de brandhaard moeten aanpakken en de hausse aan coronapatiënten kunnen verdelen. Hoewel de bekende aantallen beperkt zijn – 265 gevallen in heel Nederland, 3 patiënten zijn overleden – zien ze de contouren van een veel bredere basis van de coronapiramide. Dat is slecht nieuws.

Het virus klein houden is ondoenlijk als veel besmette mensen amper klachten hebben en ongemerkt anderen aansteken. “Het is al te snel verspreid,” zegt Bart Berden, voorzitter van de regionale club voor acute zorg en directeur van het ETZ-ziekenhuis in Tilburg. Hij is ook aanwezig in Uden. “Alsof je last van een mug hebt, er dan één doodslaat, het licht aandoet en dan nog tientallen muggen ziet.”

Na het crisisberaad in Uden zal er geen normaal weekend meer komen, althans voorlopig niet. Een paar weken eerder had niemand dat nog durven denken.

26 februari

Nederland in crisisstand

Het nieuwe coronavirus is eind februari allang geen exclusief Chinees probleem meer en dus gaat ook Den Haag in crisisstand. Ambtenaren van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) opperen dat de crisisorganisatie moet gaan draaien. “Twee dingen allerteerden ons,” zegt een betrokkene: Nederlanders moesten worden gerepatrieerd uit Wuhan en er kwamen adembenemende beelden uit Italië van de intensive cares. “Het lijkt me verstandig dat we de crisisorganisatie optuigen,” zegt premier Rutte.

26 februari om half elf ’s ochtends is het eerste officiële overleg van de Interdepartementale Commissie Crisisbeheersing (ICCB) op de ­zevende verdieping van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Een dag later wordt de eerste Nederlandse coronabesmetting vast­gesteld. De ambtelijke crisiscommissie is het voorportaal voor de politiek en adviseert een kernteam uit de ministerraad, de Ministeriële Commissie Crisisbeheersing (MCCB). Daarin zitten behalve Rutte en de drie vice-premiers Wouter Koolmees, Hugo de Jonge en Carola Schouten, ook de ministers Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid), Stef Blok (Buitenlandse Zaken) en Ank Bijleveld ( Defensie).

Op deze plek komen ingrijpende beslissingen tot stand. Hier zal besloten worden het NL-alert – ‘Blijf binnen!’ – te versturen, krijgt de 1,5 ­meterregel vorm en wordt de ‘intelligente lockdown’ door Rutte ingebracht. Aanvankelijk zitten ministers nog in de hightech crisisruimte, later moeten ze hun eigen afstandsregel naleven en verhuizen ze noodgedwongen naar de naastgelegen omgebouwde bedrijfskantine.

27 FEBRUARI
De eerste patiënt (na carnaval)

In veel omliggende landen zijn besmettingen vastgesteld als het zuiden van Nederland zich in het jaarlijkse volksfeest stort. In Italië – dat op carnavalsmaandag 4 doden en 150 besmettingen telt – worden voetbalwedstrijden afgelast en gaan 11 dorpen op slot.

Op de Nederlandse experttafels is afschaffen geen optie geweest. In de Nederlandse ziekenhuizen heerste rond carnaval wel een verhoogde staat van paraatheid, weet een in­gewijde van het Outbreak Management Team (OMT), maar beslissers hebben dan nog geen munitie om het mega-evenement uit voorzorg te schrappen: “We werden pas tijdens of kort na carnaval echt bezorgd.” Als de eerste Nederlandse coronapatiënt op 27 februari wordt ontdekt, is dat groot nieuws. In de dagen erna wordt elke nieuwe besmetting nog apart vermeld door het RIVM, symptoom van een land dat de uitbraak onder controle denkt te hebben. In de weken erna is de tel amper bij te houden.

RIVM-directeur Van Dissel blijft erbij dat carnaval verbieden niet te verkopen was: “Er was toen nog geen geval bekend in Nederland, mensen leven er lang naartoe. Het lijkt me lastig dat te verbieden, je weet ook niet hoe mensen daarop reageren.”

6 MAART
Brandhaard Brabant

In de weken die volgen, zien medici diverse coronahaarden die samenhangen met carnavalsevenementen. Het is een periode dat patiënten gemiddeld twee tot drie anderen aansteken. Het gevolg: een explosieve groei, een snel stijgende ‘hockeystickcurve’ in grafieken. “Carnaval is de perfect storm gebleken,” zegt arts-microbioloog Kluytmans van het Amphia Ziekenhuis in ­Breda. “We zagen pieken en clusters van mensen die op dezelfde plek zijn geweest in Loon op Zand, in Prinsenbeek en in Uden was ook een hotspot.”

Op vrijdag 6 maart belt Kluytmans met Van Dissel, ze kennen elkaar al jaren: “Er is hier meer aan de hand, Jaap.” Van Dissel wil snel meer ziekenhuispersoneel testen, er is een goede steekproef nodig van de populatie. Dat gebeurt. Ook medewerkers met slechts een kuch of een snotneus blijken besmet. “Jeetje, wat gebeurt hier,” zegt Kluytmans tegen collega’s. “Het virus is als een guerrillastrijder binnengekomen.”

Van Dissel: “Dat was een wake-upcall. Als je een grotere groep mensen hebt met milde klachten, betekent dat veel zich onttrekt aan de medische radar.” Die vrijdag wordt daarom ­tegen Brabanders met een hoest, snotneus of koorts gezegd: blijf thuis.

In de beginfase gaat het veel over de toon die premier Mark Rutte moet aanslaan.Beeld BSR Agency

Intussen krijgt het streekziekenhuis Bernhoven in Uden te maken met grote aantallen ­coronapatiënten. Dit alles blijkt de vooraankondiging van een van de grootste medische crises in de Nederlandse geschiedenis. Dat is bijna voelbaar bij het spoedberaad op zondagmiddag 8 maart in het Van der Valkhotel in Uden. “Het was ook een beetje eng,” zegt directeur Berden van het ETZ-ziekenhuis in Tilburg. “Wat als we het mis hadden? Als je zegt dat het virus los is, moet je forse maatregelen nemen.”

Ze hebben het niet mis: definitieve uitslagen van het personeelsonderzoek tonen later die week aan dat gemiddeld 4 – op sommige plekken zelfs 10 – procent van de medewerkers corona heeft. Het aanvankelijke idee om gemeenteambtenaren van grote steden in de proef mee te nemen sneuvelt omdat burgemeesters vrezen voor hun imago: “Dan zou het lijken alsof de overheid eerst haar eigen hachje redt,” zegt ­Berden.

9 MAART
‘Als hondjes op hun rug’

Nederland verandert. Maandag 9 maart zegt premier Rutte dat we geen handen meer mogen schudden. Als later die week ook het eerste stamboomonderzoek naar het ‘dna’ van het ­virus van topviroloog Marion Koopmans van het Erasmus MC klaar is, weten betrokkenen het zeker: gezien het toenemende aantal besmettingen buiten Brabant en de enorme mobiliteit in Nederland zal ook de rest van het land met de maatregelen meegaan.

Donderdag 12 maart wordt een ‘spoed-OMT’ belegd, waarin de testresultaten uit Brabant en het stamboomonderzoek worden besproken. Viroloog Koopmans: “Een sluipend bombardement had plaatsgevonden. Allerlei virusvarianten waren er. Shit, dacht ik:dit moeten we wel in goede banen leiden.”

Van Dissel: “Achteraf is die week van 6 tot 12 maart de belangrijkste week geweest. Je ziet dat het breder verspreid is, je merkt dat de strikte casusdefinities van de Wereldgezondheids­organisatie (WHO) – die gaan over koorts en flinke klachten – niet alle gevallen dekken. En Nederlanders leven intensief samen, reizen veel. Dus moet je de maatregelen voor Nederland rechttrekken met die van Noord-Brabant.”

Experts merken op het Binnenhof deze dagen weinig weerstand. Het kabinet leunt enorm op de leden van het OMT, de virologen, medisch microbiologen en epidemiologen die wekelijks samenkomen. Premier Rutte noemt hun adviezen ‘heilig’. Een ingewijde zegt: “Het klinkt oneerbiedig, maar de poli­tici lagen als hondjes op hun rug, met de pootjes omhoog, ze hadden niet de leiding.” Van Dissel: “Aan het begin van zo’n uitbraak vertrouwt men op de adviezen van experts die verstand hebben van infectieziekten.”

Geen oorlogstaal

Voor een controlfreak als Mark Rutte is de crisis een zware beproeving. Voor de schermen ­formuleert hij netjes. “Dit virus gaat zonder ­aanzien des persoons van mens tot mens.” Maar als de camera’s weg zijn, is hij fel en spreekt Rutte consequent over ‘dat kutvirus’. De premier is eindverantwoordelijk voor beslissingen die ­verkeerd kunnen uitpakken. Dat raakt hem, ziet een ingewijde: “De psychologische angst dat een verkeerde beslissing tot veel doden leidt, die last wordt gevoeld.”

Belangrijk onderwerp in de beginfase is de toon die Rutte moet aanslaan. In andere landen ­komen er decreten, bevelen en verboden. Klinkt oorlogstaal. Dat is niks voor Nederland, zegt een betrokken ambtenaar: “Dan raak je je mensen kwijt. Dat past niet bij ons. Dus werd het een intelligente lockdown, daar zit veel van de ­persoon van Mark Rutte in.”

15 MAART
Catshuis

Om de medische crisis te lijf te gaan tuigt Rutte een informele overlegstructuur op. Vanaf 15 maart gebruikt hij zijn ambtswoning, het Catshuis, om elke zondag over langeretermijn­zaken na te denken: de wereld van straks, de 1,5 ­metersamenleving, de post-corona-economie. Een aanwezige: “Je legt dingen in de week. Ieder­een kan zijn zegje doen, er groeit iets collectiefs.”

Ministers gebruiken de zondagse sessies in de Tuinzaal – ook hier wordt 1,5 meter afstand gehouden – om zich te laten bijpraten. De nieuwste grafieken van RIVM-directeur Van Dissel ­vormen het vaste startpunt, maar ook praktijkervaring wordt gedeeld. Zo worden longfoto’s getoond van coronapatiënten en wordt gesproken over de gemiddelde ligduur van patiënten op de ic.

Verschijnen gasten de eerste keer nog in pak; als Rutte in zijn weekendkloffie arriveert, in spijkerbroek en hoodie, weet de rest: die stropdas kan ongeknoopt blijven. En politiek handig bij dit alles: er is geen agenda, geen notulen. Er zijn broodjes voor de lunch en lasagne als het ­langer duurt.

EIND MAART/BEGIN APRIL
Politici versus medici

Al snel lig­t in het Catshuis de nadruk op beddenschaarste in de ziekenhuizen. De aanpak van de coronacrisis is dezer dagen vernauwd tot een ­gevecht tegen de stippellijn van de maximale ic-capaciteit. Normaal heeft Nederland zo’n 1100 ic-bedden, maar door de modellen van het RIVM vrezen artsen dat binnenkort misschien wel 3000 plekken nodig zijn. Bij de regering is de reflex: dan regelen we dat. Een ingewijde schetst het politieke sentiment: “We kopen beademingsapparaten, spullen, bedden, hup: opschalen.”

IC-voorman Diederik Gommers heeft een ontnuchterende boodschap. “Er is een grens,” zegt hij. “2400 ic-plekken is het maximum, ons verplegend personeel kan niet meer doen.” Het zijn mededelingen die politici liever niet horen. Net als de harde leeftijdsgrens die in een draaiboek voor de crisisfase terechtkomt: ouderen boven de 70 worden dan niet meer opgenomen, schrijft de vereniging voor ic-artsen begin april.

In het Catshuis botst het volgens een bron op zondag 5 april eventjes tussen medici en poli­tici: voor artsen is het vermelden van die leeftijd niet zo spannend, voor de politiek is het amper te verkroppen. Hier schuren twee werelden. Dit valt niet uit te leggen aan fitte mensen van 71, krijgen Gommers en Erasmusbestuursvoorzitter Ernst Kuipers te horen. In de auto op weg naar huis besluit Gommers dat de 70-regel overboord kan. “Die lading kan er best van af.” De ‘zwarte fase’ is nooit ingegaan.

19 MAART
Bruno Bruins stapt op

Minister Bruno Bruins is lang het gezicht van de coronacrisis, zijn collega Hugo de Jonge krijgt elke dag alleen een situatierapport op zijn bureau. De Jonge biedt zijn hulp aan: “Geef mij de rest,” zegt De Jonge tegen Bruins. “Dan doe jij helemaal corona.” Bruins bedankt voor het aanbod, maar op 18 maart valt hij flauw ­tijdens het Kamerdebat. Een dag later stapt hij over­vermoeid op.

De dagen daarna gaat het hele departement in crisismodus, het zorgstelsel van felle con­currentie en tig eilandjes gaat overboord. Ziekenhuisbedden worden landelijk – met hulp van militairen – verdeeld, de slag om beademingsapparatuur en mondkapjes gebeurt vanaf één plek.

Algemene zaken

Premier Rutte haat chaos en wil meer routine. Dus komt vrijwel dagelijks om 12 uur op zijn ­departement een klein team samen, met NCTV-baas Aalbersberg en de ministers Grapperhaus en De Jonge. “Hier wordt de voorwas gedaan,” zegt een ingewijde.

“De angst voor Italiaanse toestanden was de grootste motivatie in de eerste periode,” weet een deelnemer. “Alles werd daaraan onder­geschikt gemaakt.” De dwingende realiteit van de snel stijgende hockeystickcurve hakte er hard in. “De eerste cijfers van Brabant konden precies op de curve worden gelegd.” Van Dissel en zijn veertig mensen worden het anker, ‘ons single point of view’. “Daar moesten we met zijn allen achter blijven staan.”

MAART/APRIL
De vergeten groep

Terwijl de strijd tegen corona lijkt te slagen, met minder patiënten op ic’s en een ­afvlakkende groei van ziekenhuisopnames, voltrekt zich een drama in de Nederlandse ­verpleeghuizen. Daar raken tot bijna 8000 ouderen (vermoedelijk) met het coronavirus besmet en overlijden er minstens 1400 aan de ­gevolgen van Covid-19. Critici wijten dit aan een tekort aan beschermingsmiddelen en het gebrek aan politieke aandacht.

Pas half maart, bijna drie weken na de uitbraak, zit de vereniging van specialisten ouderengeneeskunde Verenso bij een vergadering van het OMT. Thuiszorg, verpleeghuizen, de ggz; het bungelde er te lang allemaal maar een beetje bij, met alle gevolgen van dien, schetst een ingewijde. “Onze acute zorg is heel erg ziekenhuisgericht, maar dit ­virus komt overal.”

Terwijl het OMT zich concentreert op de capaciteit in de ziekenhuizen, grijpt het coronavirus in verpleeghuizen als de Leeuwenhoek in Rotterdam keihard om zich heen. Beeld Hollandse Hoogte / Peter Hilz

Van Dissel zegt daarover nu: “Hebben we daar genoeg aandacht aan gegeven? We concentreerden ons in de beginfase heel erg op het in stand houden van de ziekenzorg en de ic-capaciteit, en dan zie je nu dat die kwetsbare groep erg getroffen wordt.”

Het bezoekverbod voor verpleeghuizen staat niet in het OMT-advies van maart, minister De Jonge besluit daar zelf toe op 19 maart. Van Dissel: “Bij de verpleeghuizen heb ik grote vraag­tekens. Wat hadden we anders kunnen doen? Dat moeten we zeker evalueren. Is het de kwetsbaarheid van de populatie? We zien het in andere landen ook. Ik weet het niet.”

16 APRIL
Het wordt persoonlijk

Dat het in de verpleeghuizen kan misgaan, merkt Rutte ook in eigen kring. Donderdag 16 april krijgt hij een brief van het verpleeghuis in het Haagse Benoordenhout waar zijn moeder woont. Drie bewoners zijn besmet, de ­moeder van Rutte zou niet een van hen zijn. De premier wil er niet op ingaan. Op zijn wekelijkse persconferentie een dag later oogt hij bedrukt. Een ingewijde ziet hoe de crisis de premier nu persoonlijk raakt. “Ik merkte dat Mark voorzichtiger werd. Dat maakt uit hoe hij in de wedstrijd zit.”

De bestrijding van het coronavirus gaat een nieuwe fase in. Nu virologen en medici de eerste brand geblust hebben, wordt het hoog tijd voor gedragspsychologen en economen om mee te denken over het nieuwe normaal, is de teneur. Het ministeriële crisisoverleg gaat terug naar eens per twee weken. Waar eerst de gezondheidscrisis domineerde, komt er steeds meer ruimte voor andere aspecten. Minister Eric Wiebes (Economische Zaken) wil liefst snel versoepelen, de ministers Kajsa Ollongren en Wopke Hoekstra vragen of je de samenleving ook op andere manieren toch meer ruimte kunt geven. Kwesties worden politieker.

Na weken waarin het OMT zo’n beetje het land bestuurde, kruipen experts en politici langzaam maar zeker terug in hun vertrouwde rol. Dat intensivecarevoorman Gommers sug­gereert dat maatregelen sneller versoepeld ­kunnen worden, doet Rutte in zijn perscon­ferentie vakkundig af: “Ik kan niet op basis van één intensivist, hoezeer ik hem ook respecteer (...) zo’n besluit nemen.”

Zo keert het Binnenhof een beetje terug naar het oude normaal. Maar met één nieuw gevaar: een tweede coronagolf. Een betrokkene: “Kunnen we een tweede piek op tijd afbuigen? Zolang er geen vaccin is, blijven er golfjes komen. Al is de bestrijding a hell of a job. Deze spanningsboog bij betrokkenen kun je niet eeuwig vol­houden.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden