PlusAchtergrond

Corona bij tieners: ‘Ik vermoed dat we veel infecties missen’

Sinds september wees de GGD 6300 keer een school of kinderopvangverblijf aan als bron van een coronabesmetting. Een scholensluiting wil vrijwel niemand, maar wat is nu precies de rol van kinderen bij de coronapandemie? ‘Dit is de meest lastige groep’.

Leerlingen van een middelbare school dragen mondkapjes in de gang.Beeld ANP

De bijdrage van kinderen is ook na negen maanden nog altijd een van de onopgeloste ‘coronamysteries’. Het is niet zo dat kinderen van nature immuun zijn: in de leeftijd van van 0 tot 20 raken mensen net zo goed besmet. De afgelopen week was ruim 14 procent van alle gemelde coronagevallen jonger dan 20, en dat terwijl kinderen tot 12 minder snel getest worden.

De coronabesmettingen op scholen en kinderopvangverblijven vormen samen nog geen 5 procent van alle vermoedelijke bronnen die de GGD’en sinds september konden herleiden.

Ernstig ziek worden kinderen gemiddeld genomen ook niet. Deze week werd de tweede door corona overleden tiener gemeld sinds de coronauitbraak in Nederland begon. Een tragisch bericht, maar afgezet tegen 8600 geregistreerde sterfgevallen is dat aantal marginaal. Ook bij de deze week overleden tiener was er sprake van ‘onderliggend lijden’, meldde het RIVM.

Middelbare scholen

Maar welke rol spelen kinderen en jongeren bij de verspreiding? Om dat coronamysterie te kraken, doet kinderarts-epidemioloog Patricia Bruijning (UMC Utrecht) onderzoek naar het virus op middelbare scholen. Daarbij worden diverse scholen nauwlettend gevolgd, de leerlingen intensiever getest en potentiële clusters scherp gemonitord. Het is nog te vroeg voor resultaten, maar uit andere onderzoeken komt naar voren dat kinderen vaker dan volwassenen het virus hebben zonder het te merken.

“Het is de meest lastige groep, we krijgen er moeilijk grip op,” zegt Bruijning. “Ik vermoed dat we veel infecties missen. Kinderen en jongvolwassenen hebben vaker weinig of geen symptomen, of ze hebben juist andere meer a-typische klachten als buikpijn of vermoeidheid. In het algemeen geldt: kinderen zijn veel minder vatbaar voor dit coronavirus dan volwassenen. Voor henzelf is een infectie gemiddeld genomen ook geen groot probleem, ze worden vaak maar heel mild ziek, maar ze kunnen het virus wel overdragen. Al weten we nog steeds niet hoe groot dit probleem is.”

Daarbij geldt grofweg: hoe ouder de kinderen, hoe meer risico ze lopen ziek te worden en te verspreiden.

Daarom denkt Bruijning dat er op enig moment toch extra maatregelen nodig zullen zijn in het voortgezet onderwijs: “Ik vraag me af of we de verspreiding van het coronavirus deze winter genoeg kunnen remmen zonder extra acties. Sommige andere landen hanteren afstandsregels voor tieners, vragen hen mondkapjes te dragen op drukke plekken in school, of testen ze actief na een besmetting. Wij doen dat nu vaak niet. Maar als we duurzaam de winter door willen komen, weer een deel van de horeca open willen, familie willen bezoeken: ik denk dat je dan op scholen meer moet doen dan nu.”

Testen

Het Outbreak Management Team adviseerde eerder deze maand ook om de bovenbouw van het voortgezet onderwijs tijdelijk virtueel les te geven, maar het kabinet wilde daar niet aan. De schoolsluiting in het voorjaar is niet voor herhaling vatbaar, vinden velen op het Binnenhof en in het land. Bruijning: “Niemand wil scholen sluiten, ik ook niet. Maar je zou met gerichte maatregelen wellicht meer besmettingen kunnen voorkomen.” 

Omdat een infectie vaker ongemerkt verloopt, zou intensiever testen kunnen helpen. “Dat zou met antigeentesten (sneltesten, red.) kunnen, maar ook met PCR. Dan houd je beter zicht op de verspreiding, en kan je gericht leerlingen, groepjes kinderen of een klas even thuis lesgeven.”

Wisselende berichten

Over de rol van kinderen en jongvolwassenen bij de coronapandemie komen uit de wetenschap wisselende berichten. Mede daarom verschilt het lockdownbeleid van land tot land. In de modellen van het RIVM haalt een sluiting van scholen weinig uit voor de reproductiefactor, de graad die staat voor het aantal infecties dat een coronapatiënt gemiddeld veroorzaakt. RIVM-directeur Jaap van Dissel toonde eind oktober scenario’s aan de Tweede Kamerleden waarbij een sluiting van àlle scholen – dus basis- èn middelbaar onderwijs – slechts leidde tot een daling van de R-waarde van 0,83 naar 0,74.

Dat staat in schril contrast met modelstudies uit andere landen, die schoolsluitingen soms gigantische effecten toeschrijven. Zo concludeert de Universiteit van Edinburgh recent na analyse van de coronastatus in 131 landen dat het virus opleefde met 24 procent de maand nadat scholen opengingen. Bruijning: “Maar zulke studies erkennen zelf ook: veel lockdownmaatregelen, schoolsluiting, thuiswerken, evenementen schrappen, de beperking van groepsgroottes, worden vrijwel tegelijkertijd ingesteld en weer afgeschaald, waardoor je lastig per maatregel de effecten kunt isoleren. We moeten gewoon meer onderzoek doen. En dat doen we nu.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden