PlusDe klapstoel

Cidi-directeur Naomi Mestrum: ‘Waarom moet je Joods zijn om antisemitisme te bestrijden?’

Op de klapstoel: Naomi Mestrum (1980). Ze is sinds 1 januari directeur van het Centrum Informatie en Documentatie Israël (Cidi) in Den Haag. Een interview aan de hand van trefwoorden, over de kerk, reizen met een rugzak en Netanyahu.

Frenk der Nederlanden
Naomi Mestrum: 'In mijn hoofd is een tweestatenoplossing de meest ideale uitweg voor het conflict. Je kunt je afvragen of het nog wel mogelijk is, maar noem me dan maar naïef, want wat is het alternatief?’ Beeld Harmen De Jong
Naomi Mestrum: 'In mijn hoofd is een tweestatenoplossing de meest ideale uitweg voor het conflict. Je kunt je afvragen of het nog wel mogelijk is, maar noem me dan maar naïef, want wat is het alternatief?’Beeld Harmen De Jong

Gouda

“Ik ben geboren in het ziekenhuis daar, maar we woonden in Schoonhoven. Op mijn vierde verhuisden we naar Nieuwegein. Een verschrikkelijk lelijk betondorp, een zielloze stad, maar ik heb er een prima jeugd gehad. Je kende alle kinderen in de straat en we speelden altijd buiten. Als de lantaarns aangingen, wist je dat je naar binnen moest. Het voelt nog steeds als thuis.”

“Ik ben de oudste van drie kinderen, we zijn heel close met elkaar. Mijn vader was goudsmid en ontwerper van sieraden, mijn moeder heeft eerst voor ons gezorgd en is later bij een research- en marketingbedrijf gaan werken. We waren niet rijk. Een doodgewoon middenklassegezin. Rijtjeswoning, één keer per jaar op vakantie, niks geks. Mijn ouders zijn uit elkaar gegaan toen wij het huis uit waren. Ik was typisch de oudste: groot verantwoordelijkheidsgevoel, rustig, serieus. Ik heb jarenlang aan wedstrijdzwemmen gedaan en ben ook zwemjuf geweest. Zwemjuf in Nieuwegein.”

Evangelische gemeente

“Jeetje, ja. We waren christelijk uit een soort traditie, niet streng, geen hel en verdoemenis. We baden voor het eten, maar dat was het wel; er werd ook regelmatig gevloekt thuis. Ik ging elke zondag met mijn moeder naar de kerk. Zo’n hele blije club, die erg gericht was op jongeren. Ik rolde erin en doordat ik goed kon organiseren pakte ik al snel de leiding. In die tijd was ik wel gelovig, maar ik kon me niet zo laten gaan als de anderen in de gemeente – ik bad alleen als ik wanhopig was. Nu heb ik er niet veel meer mee. Ergens wil ik wel geloven dat er meer is tussen hemel en aarde, maar ik heb mezelf nog niet overtuigd dat dat ook zo is. Ik kom nooit meer in de kerk.”

Kibboets

“Ik was 18 jaar, vond m’n ouders heel stom – wie niet op die leeftijd? – en wilde weg, de wijde wereld in. Op school lag een folder van een weeshuis in Brazilië, maar ik sprak geen Portugees en koos toen voor Israël. Daar stond ik, juni 1999, in een blauw jurkje op Schiphol. Volkomen naïef, ik wist niets van Israël of het jodendom. Ik weet nog dat ik aankwam op het busstation van Tel Aviv en er een verdacht pakketje tot ontploffing werd gebracht. In de bus naar de kibboets viel een bewapende soldaat naast me in slaap. Ik dacht: waar ben ik beland, wat is dit? Pas later ben ik me in Israël gaan verdiepen. In de weekends trok ik liftend het land door.”

Reizen

“Na de havo ging ik personeel en organisatie studeren aan de Hogeschool Utrecht. Op zaterdag werkte ik bij Geldnet op de telcentrale waar alle cash van Albert Heijn binnenkwam en met het geld dat ik daarmee verdiende, maakte ik elke zomer een grote reis. Een jaar na Israël ben ik in mijn eentje zes weken naar Egypte gegaan. Daarna kwamen landen als Mexico, Guatemala, Honduras, Belize, India, Nepal, Brazilië, Peru, Bolivia, Thailand, Panama en nog veel meer. Ik hou van de vrijheid, het avontuur, de spanning. Niets fijner dan met een rugzak een nieuw land ontdekken. En als je reist, ben je nooit alleen. Ik was te verlegen om me in een hostel makkelijk in een groep te mengen, maar er was altijd wel een andere loner met wie je dan een paar dagen optrok. Bang ben ik nooit geweest.”

Haifa

“Israël had een onuitwisbare indruk op me gemaakt. Niet lang nadat ik in de kibboets had gezeten brak de Tweede Intifada uit en dat raakte me diep. Ik volgde het nieuws op de voet. Omdat ik het belangrijk vond me breder te oriënteren op het hele Midden-Oosten, besloot ik in Utrecht Arabische taal en cultuur te gaan studeren. Via een uitwisselingsprogramma kwam ik in 2005 in Haifa terecht. Ik werd smoorverliefd op een Israëli en ben daar een tijdje blijven wonen. Prachtige, onderschatte stad, een voorbeeld van co-existentie. Zestig procent is Joods, veertig procent Arabisch, en ze gaan goed met elkaar om.”

Cidi

“Ik ben sinds 1974 de vijfde directeur en dat is een enorme verantwoordelijkheid. Het Cidi gaat mij echt aan het hart, ook uit respect voor Ronny Naftaniel, die de organisatie heeft opgebouwd. Hij is mijn mentor, mijn klankbord, een inspirerende, fantastisch lieve man die veel voor me betekent. Het Cidi is zijn erfenis en ik hoop dat ik nog lang uit zijn kennis mag putten. Het was niet per se mijn ambitie om dit te gaan doen, maar uit loyaliteit – ik werk hier al sinds 2007 – heb ik toch ja gezegd. Een gemakkelijke rol is het zeker niet, want je doet het nooit goed. Je balanceert 24/7 op een dun koord en er zal altijd iemand ontevreden zijn. Dat vind ik moeilijk. Ik kan er slecht tegen als ik iets niet goed doe of mensen boos worden, want als het erop aankomt ben ik knetterconflictvermijdend.”

Joods

“Ik ben niet Joods, nee, maar waarom moet je Joods zijn om antisemitisme te bestrijden? Antisemitisme is geen probleem van de Joden, het is een probleem van de hele maatschappij. Ik heb zelf ook wel even gedacht dat het beter zou zijn wanneer iemand uit de gemeenschap directeur was geworden, maar inmiddels zit ik hier al zo lang dat ik de achtergronden ken en weet waar de gevoeligheden liggen. Ik zie het nu als kracht, het maakt onze boodschap sterker. Het idee dat alleen Joden Israël kunnen duiden, is eigenlijk gestoord, net zoals het waanzin is om te denken dat alleen een Joods iemand leiding kan geven aan een organisatie als het Cidi.”

Sociale media

“Betekenen helemaal niets voor mij. In de beginjaren vond ik Facebook een mooi platform om contact te houden met vrienden over de hele wereld en af en toe voel ik me verplicht iets op Instagram te zetten, maar met Twitter ben ik gestopt omdat ik doodmoe werd van het eeuwige afzeiken en de anoniempjes die alles maar eruit denken te moeten gooien. Wat gaat er in die hoofden om? In deze functie kijk ik nauwelijks meer, want ik weet dat ik dan dingen ga vinden die me buikpijn bezorgen. Israël, Palestijnen, Cidi: altijd bagger.”

Antisemitisme

“Een gekke vorm van racisme. Meestal wordt op andere groepen neergekeken, maar de Jood wordt gezien als een machtig opperwezen dat aan alle touwtjes trekt. Binnen het Cidi is de bestrijding van antisemitisme de laatste jaren groter en groter geworden. De Joodse gemeenschap heeft nog altijd te maken met eeuwenoude complottheorieën, die steeds weer een nieuw jasje krijgen. Dat zag je ook tijdens corona. Mensen die in een demonstratie met een davidster op lopen hebben een ontstellend gebrek aan historisch besef. Waarom heb je zo’n symbool nodig om je punt te maken? Heb je dan geen betere argumenten? Ik vind het walgelijk.”

Netanyahu

“Ja, Bibi is weer terug. Persoonlijk had ik het wel fijn gevonden als we een nieuwe periode waren ingegaan, maar we moeten niet onderschatten hoeveel hij in het verleden voor de veiligheid van Israël heeft gedaan. Natuurlijk leidt hij nu een conservatieve regering, maar Netanyahu is een pragmatisch politicus die ook nu wel weer zijn weg zal vinden. Ik hoop dat hij met zijn staat van dienst bepaalde excessen weet in te dammen en dat het een regering wordt voor alle burgers, inclusief de Palestijnen. Maar goed, uiteindelijk is Israël een democratische staat en heb ik of het Cidi daar niets van te vinden.”

Tweestatenoplossing

“In mijn hoofd is dat de meest ideale uitweg voor het conflict. Je kunt je afvragen of het nog wel mogelijk is, maar noem me dan maar naïef, want wat is het alternatief? Met de kennis van nu zou je het hele Midden-Oosten opnieuw moeten indelen, dat zou een hoop ellende schelen. Het is triest dat de Palestijnen geen thuis hebben, geen eigen plek. Daar moet een menswaardige oplossing voor komen. De blauwdrukken liggen al heel lang klaar, maar we hebben aan beide kanten leiders met ballen nodig. Want zo’n oplossing doet sowieso heel veel pijn. Links is wel bereid tot vrede, maar je hebt de hardliners van rechts nodig om ergens te komen. En ook de Palestijnen moeten veel meer doen.”

Thierry Baudet

“Wat is er gebeurd, hè? De man had goud in handen. In het begin zorgde Baudet even voor een frisse wind, maar ik vind het onbegrijpelijk als je nu nog op Forum stemt. Weet je nog die periode dat hij uit de partij dreigde te worden gezet en de deuren van het partijkantoor nieuwe sloten kregen? Het leek Jiskefet wel. Wij hadden hier ook enkele medewerkers die enthousiast waren over de partij, maar zodra die geluiden van racisme en antisemitisme naar boven kwamen, nam iedereen er afstand van. Het heeft nog heel lang aan ons gekleefd. Men doet niets liever dan het Cidi framen in een heel rechts, verwerpelijk hoekje. Maar dat doet absoluut onrecht aan de realiteit. Wij willen met Forum niets te maken hebben.”

Het Achterhuis Lyceum

“Ah, de privéschool van meneer Atasoy. Ik ben blij dat het allemaal niet doorgaat. Hoe haal je het in je hoofd om de islamitische gemeenschap van nu te vergelijken met de Joden van toen? Dat moslims worden gediscrimineerd is waar, maar dat kun je echt op een andere manier aankaarten dan met dit soort idiote vergelijkingen. Als je je school zo noemt, ben je ongeschikt om kinderen les te geven.”

Levi

“Levi Thomas, mijn zoon, vernoemd naar mijn broer. Hij is 3,5 jaar en nu al een reus. Zo’n ventje relativeert alles. Ik kan me de hele dag wel druk maken over een of ander conflict, als ik thuiskom mag ik een schreeuwende peuter te eten geven. Ik voed hem in mijn eentje op. Best pittig af en toe, maar zo’n kind is het mooiste wat er is, het is je hart buiten je lichaam. Ik vind het heerlijk om hem te zien opgroeien. Als we naar Israël gaan, sleep ik hem gewoon mee en daardoor is hij hartstikke flexibel. Ik verlang naar de dag dat we samen op reis kunnen om nieuwe avonturen te beleven.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden