PlusInterview

Chirurg: ‘Alleen met extra mensen kunnen we alle uitgestelde zorg wegwerken’

Het zal nog tot 2022 duren totdat het stuwmeer aan uitgestelde zorg is weggeopereerd. Maar het kán, zegt Jaap Bonjer, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde en chirurg in het Amsterdam UMC. ‘Alleen als we alles op alles zetten en heilige huisjes omverwerpen.’

In het Leids Universitair Medisch Centrum wordt een covidpatiënt behandeld. Door de coronacrisis hadden ziekenhuizen het afgelopen maanden te druk voor veel reguliere zorg. Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
In het Leids Universitair Medisch Centrum wordt een covidpatiënt behandeld. Door de coronacrisis hadden ziekenhuizen het afgelopen maanden te druk voor veel reguliere zorg.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Op de teller staan 140.000 uitgestelde operaties. Wat niet op de teller staat, zijn de klachten die zich nog bij de huisarts moeten openbaren. De huisartsen hebben sinds het begin van de pandemie 1,4 miljoen minder verwijzingen geschreven. De verwachting is dat veel patiënten tijdens de coronacrisis met pijn, vlekjes, druk op de borst en andere symptomen zijn blijven doorlopen en zich vroeg of laat met een verwaarloosde klacht bij de huisarts melden. Hoeveel mensen dat zijn, is gissen, schreef minister Tamara van Ark (Medische Zorg) woensdag in een brief aan de Tweede Kamer over het ‘plan inhaalzorg’. Waarmee ze komen, is ook onbekend.

Feit is: er ligt een stuwmeer aan uitgestelde zorg en dat moet voor begin volgend jaar worden weggeopereerd. In zijn algemeenheid geldt: hoe acuter de klacht, hoe eerder de patiënt aan de beurt moet komen. Ziekenhuizen werken in de regio samen om patiënten te spreiden. Ook worden de coronapatiënten nog altijd verdeeld, zodat de ziekenhuizen evenveel ruimte hebben om hun reguliere zorg op te schalen. Jaap Bonjer, chirurg in het Amsterdam UMC en voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde, is blij dat er een plan ligt.

Begin 2022 moet alle inhaalzorg zijn weggewerkt. Is dat haalbaar?

“Ja, dat denk ik wel. Maar dan moeten we wel met zijn allen vaststellen dat dit een heel groot probleem is. En we moeten bereid zijn om alles op alles te zetten, heilige huisjes omver te werpen en naar onconventionele oplossingen zoeken.”

Wat is zo’n onconventionele oplossing?

“We kunnen leren van wat we op de ic’s en covidverpleegafdelingen hebben gedaan. We hebben daar anders geschoolden ingezet om de intensivisten en ic-verpleegkundigen te ondersteunen. Dan moet je denken aan medisch specialisten, anesthesiemedewerkers, operatie-assistenten en medisch specialisten in opleiding. Die aanpak zou ik graag kopiëren bij het aanpakken van de uitgestelde zorg, want ook in de operatiekamers is weer een tekort aan personeel. Bij Amsterdam UMC trainen we studenten geneeskunde, die toch in een wachttijd zitten voor de coschappen, in handelingen zoals het voorbereiden van medicatie, wondverzorging en het inbrengen van maagsondes en urinekatheters. Als zij bijspringen, kun je de werkdruk voor de verpleegkundigen verminderen en uiteindelijk de capaciteit verhogen.”

Veel personeel is uitgevallen vanwege langdurige klachten na Covid-19 of een burn-out. Kan het ziekenhuis de extra inhaalzorg wel aan?

“Ja, maar wel alleen met steun van die extra mensen. Natuurlijk is het belangrijk dat de mensen die knetterhard hebben gewerkt, rust nemen. Maar na die rustperiode zullen we er toch weer even heel hard tegenaan moeten. Vrij veel mensen werken parttime in de zorg. Probeer vijf dagen per week te werken om dit hele grote probleem op te lossen. Nog even de kiezen op elkaar.”

Hoe ziet dat er in aantallen uit?

“De schatting is dat 140.000 patiënten nog steeds wachten op een ingreep. In normale tijden worden er 100.000 operaties per maand in Nederland gedaan. We gebruiken de infrastructuur van de ziekenhuizen en de zelfstandige klinieken van maandag tot en met vrijdag. Als wij de komende zes maanden de OK’s ook op zaterdag gebruiken, dan opereren we met zijn allen 20.000 patiënten extra per maand en hebben we voor de kerst een heel groot deel van de zorg ingehaald. Al realiseer ik me dat het sommetje makkelijk is gemaakt, en dat de uitvoering weerbarstiger zal zijn.”

Het inhaalplan van minister Van Ark rept ook van een goede samenwerking tussen de ziekenhuizen en de privéklinieken.

“Dat lijkt me goed. De patiënten die in de klinieken kunnen worden geopereerd, zijn gezonde mensen met een klacht. Je wilt tweedeling in de zorg voorkomen. Wat je niet wilt, is dat mensen die eigenlijk nog wat langer kunnen wachten al eerder zorg krijgen, omdat ze toevallig een goede kandidaat zijn voor de privékliniek, terwijl je de capaciteit van privékliniek misschien op een andere manier zou willen benutten. Ik kan me situaties voorstellen waarbij het handig is om personeel uit de klinieken in de reguliere ziekenhuizen in te zetten. Daar wil ik met de klinieken over in gesprek.”

De klinieken zullen niet staan te springen. Die zijn ook afhankelijk van hun eigen omzetten.

“Daarom is het zo belangrijk om te zeggen: wij gaan het komende half jaar of jaar onze maximale best doen, om, even los van alle financiële beslommeringen, een enorm probleem voor die ruim 140.000 patiënten op te lossen. Als je vanuit omzet gaat redeneren, kom je met je voeten in de modder vast te staan. Dan kom je er niet meer uit.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden