PlusAchtergrond

Bezuinigen is uit, schulden maken is in: vanwaar die ommezwaai?

Prinsjesdag staat in het teken van de economische crisis. Maar ten opzichte van de vorige recessie is de politieke wind 180 graden gedraaid. Bezuinigen is uit, investeren – en schulden maken - is in.

Vroege Oranjefans staan toch bij paleis Noordeinde in Den Haag. Vanwege de coronacrisis ziet Prinsjesdag er anders uit dan normaal.Beeld ANP

Wie anno 2020 in de Tweede Kamer rondloopt kan zomaar op uitspraken stuiten die een decennium eerder de oren zouden doen klapperen. En de meeste Kamerleden zijn zich daar ook wel van bewust.

Neem Aukje de Vries, financieel woordvoerder van de VVD. Haast verontschuldigend nam zij vlak voor de zomer het woord: “Voorzitter. Het klinkt misschien gek uit de mond van een VVD’er, maar wij vinden dat er volgend jaar niet bezuinigd moet worden.” Of minister van Financiën Wopke Hoekstra dat nog even kon bevestigen.

Volgende generaties

Vergelijk dat pleidooi eens met de oproep van toenmalig VVD-fractievoorzitter Mark Rutte in februari 2009, een half jaar nadat het omvallen van Lehman Brothers het wereldwijde financiële systeem in crisis had gestort. Vanuit de oppositie maande hij het vierde kabinet-Balkenende om acuut 10 miljard euro te bezuinigen, zodat het begrotingstekort niet verder zou oplopen. “Anders leggen we de ellende bij volgende generaties,” waarschuwde Rutte.

De latere premier werd aanvankelijk nog genegeerd – het begrotingstekort liep in 2009 en 2010 op tot boven de 5 procent – maar gaf met zijn oproep wel het startschot voor een periode waarin bijna geen enkele partij zich wist te onttrekken aan de mantra van de aan te halen broekriem.

VVD, CDA en PVV begonnen het hakwerk in Rutte I, waarna via het Kunduz-akkoord ook D66, GroenLinks en ChristenUnie het mes verder in de uitgaven zetten. Gevolgd door de PvdA die in het regeerakkoord van Rutte II haar handtekening zette onder extra bezuinigingen en lastenverzwaringen. Uiteindelijk werd er voor bijna 50 miljard bespaard.

Inmiddels is de politieke wind op het Binnenhof 180 graden gedraaid. Het begrotingstekort loopt niet alleen op, de economie wordt ook nog eens met tientallen miljarden euro’s extra gestut via ruimhartige steunpakketten om banen en bedrijven te redden.

Ook kondigde het kabinet vorige week een nationaal groeifonds aan ter waarde van 20 miljard euro. Dat dit geld wordt geleend en de staatsschuld zo verder oploopt, speelt even geen rol. “We moeten ons uit de crisis investeren,” zei VVD-minister Eric Wiebes van Economische Zaken en Klimaat.

Taboe

Zijn collega Wopke Hoekstra (Financiën) zal dinsdag na overhandiging van het koffertje daaraan toevoegen dat dit kabinet nog geen maatregelen neemt om de staatsschuld snel terug te brengen. Daarvoor moet de tijd worden genomen, in plaats van ‘even snel de bomen snoeien’, zei de CDA’er in juni nog.

Bezuinigen is opeens een Haags taboe. Maar de bekering komt wel laat, meent econoom Bas Jacobs. “Ik heb me tijdens de vorige crisis ontzettend kwaad gemaakt over de budgettaire anorexia in Nederland,” zegt de hoogleraar economie en overheidsfinanciën aan de Erasmus School of Economics. “Die heeft tot een dubbele dip geleid die nergens voor nodig was.”

Volgens Jacobs is er in het afgelopen decennium overvloedig wetenschappelijk bewijs bijgekomen dat het snijden in uitgaven en verhogen van belastingen in een crisis schadelijk is voor het economisch herstel. Die waarschuwingen werden echter weggewuifd. Met economisch inzicht had dat niets meer te maken, stelt Jacobs. “Het was een politieke keuze. Nederland nam andere landen de maat omdat ze te weinig begrotingsdiscipline vertoonden. Daardoor moest de regering wel het goede voorbeeld geven en zelf gaan snijden, wat permanente schade aan de economie heeft toegebracht. Mede door die bezuinigingen is de Nederlandse economie toen zo’n 10 procent van het inkomen definitief kwijtgeraakt ten opzichte van de trendgroei. De werkloosheid is in die periode meer dan verdubbeld.”

Zelfinzicht

Zo boud als Jacobs durft bijna niemand het in Den Haag te stellen. Maar zelfinzicht is er wel. Henk Nijboer, al twee kabinetsperioden op rij financieel woordvoerder van de PvdA, wil best erkennen dat er door het vorige kabinet, waar ook zijn partij aan deelnam, ‘te snel en te veel’ is bezuinigd. “De les is geweest dat je moet zorgen dat je anticyclisch investeert”, stelt hij. Wel tekent Nijboer erbij aan dat de crisis van toen van een andere aard was. ,,We zaten destijds in een schuldencrisis. We waren armer dan gedacht. Bovendien stond de geloofwaardigheid van de euro op het spel. Dat zorgde voor andere internationale druk.”

De PvdA’er zit inmiddels in het kamp dat fixatie op schulden een doodlopende weg noemt. Nijboer: “Ik zal niet zeggen dat schuld een zegen is, want rentelasten gaan ten koste van bijvoorbeeld zorg of onderwijs. Maar als de rente laag is of zelfs negatief, zoals nu, dan moet je anders met schuld omgaan. De Europese regels over maximale schuld en tekort kunnen wat mij betreft bij het grof vuil.”

Zover willen ze bij VVD en CDA niet gaan. Want die partijen zijn weliswaar huiverig voor bezuinigingen op de korte termijn, tegelijkertijd benadrukken zij keer op keer dat de nationale schuld niet eindeloos kan oplopen en op termijn teruggebracht zal moeten worden, zonder overigens concreet te worden over een termijn.

Haast is helemaal niet nodig, meent president Klaas Knot van De Nederlandsche Bank. Na de vorige crisis was de staatsschuld na vijf jaar terug op het oude niveau, zo rekende hij de Tweede Kamer in juni voor. “Ik zou er nu echt beduidend langer voor willen nemen,” adviseerde Knot. In de zwartste scenario’s van het Centraal Planbureau stijgt de schuld van bijna 50 naar 75 procent, maar die toename is volgens directeur Pieter Hasekamp geen probleem. “Nederland kan dit soort schuldniveaus aan.”

Begrotingsdiscipline

Toch zijn er ook nog economen die vasthouden aan de harde lijn van begrotingsdiscipline. “We moeten oppassen dat we de schuld niet verder laten oplopen dan strikt noodzakelijk,” meent econoom Lex Hoogduin van de Rijksuniversiteit Groningen.

Hij vindt dat er al in 2022 begonnen moet worden met het actief terugdringen van het begrotingstekort. Ook vindt hij de verlenging van de steunpakketten met maar liefst negen maanden veel te genereus. En investeringen zouden wat hem betreft gewoon uit de reguliere begroting moeten komen, en niet uit een fonds gevuld met 20 miljard euro aan geleend geld. “Voor alle partijen is het nu populair om te roepen dat er niet bezuinigd gaat worden, maar ik hoop dat de wal het schip keert.”

Hij is het oneens met Jacobs dat de focus op begrotingsdiscipline de vorige recessie zou hebben verergerd. Hoogduin: “Voordat de coronacrisis uitbrak stond de werkloosheid op een heel laag niveau. Dat feit is in tegenspraak met de uitspraak dat de economie duurzame schade zou zijn toegebracht. Bezuinigen is weliswaar niet kosteloos, maar de opbrengst is wel dat je daarna veerkrachtig bent. Anders dan veel andere landen hebben wij nu de middelen om de beurs ver open te trekken.”

Jacobs is het niet eens met Hoogduin. “Mensen zijn tijdens de Grote Recessie door verkeerd beleid onnodig hun baan of inkomen kwijtgeraakt. Hoogduin heeft bovendien volstrekt ongelijk dat er geen permanente schade zou zijn. Uit onderzoek blijkt namelijk dat tijdelijke inkomensdalingen, bijvoorbeeld door harde bezuinigingen, voor een aanzienlijk deel permanent worden. Ook al keert de werkloosheid weer terug naar het niveau van voor de crisis.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden