Harro Kras: ‘Beleidsmakers kunnen moeilijk inschatten hoe intensief onze beveiliging is en hoeveel voorbereiding en samen­werking die vergt.’

Interview

Baas dienst persoonsbewaking: ‘Iedereen beveiligen is een utopie’

Harro Kras: ‘Beleidsmakers kunnen moeilijk inschatten hoe intensief onze beveiliging is en hoeveel voorbereiding en samen­werking die vergt.’ Beeld Remko de Waal/ANP

Na de moord op advocaat Derk Wiersum roept Den Haag om meer beveiliging. Harro Kras, hoofd van de speciale dienst voor persoonsbewaking DKDB: ‘Iedereen zwaar beveiligen is een utopie’.

In de twee jaar dat u de Dienst Koninklijke en Diplomatieke Beveiliging (DKDB) leidt, vecht u tegen het capaciteitsgebrek. Na de moord op advocaat Derk Wiersum klinkt de roep om zware beveiliging voor advocaten, aanklagers, rechters... Wat denkt u dan?

“Allereerst denk ik aan de heftigheid voor de familie die dit overkomt. Dat is ieders eerste emotie. Daarna weet je dat dit gevolgen heeft voor veel, maar zéker voor ons werk. We zijn met hoofdofficieren, politiechefs en anderen bijeengekomen om de impact te bespreken. Nu al werken we intensief samen rond alles wat met liquidaties te maken heeft, maar we kijken wat nog meer kan. Laat ik voorop stellen dat het nog geen zekerheid is dat Ridouan Taghi achter deze moord zit, maar onwaarschijnlijk is het niet. Dan bedenk je: wat is de volgende stap?”

Wat is het antwoord op die vraag?

”Onder leiding van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid gaan we vanuit het rijk en politie en justitie nóg intensiever samen optrekken. Dat is mooi.”

Hoe voorkom je dat het apparaat log wordt?

“Bij het rijk draait vooral veel om coördinatie. Decentraal zitten gezag en uitvoering dichter op elkaar: daar heb je de hoofdofficieren van justitie, hun beleidsmedewerkers en de uitvoerders van de politie. Wij komen wat betreft persoonsbeveiliging pas in de ergste variant in beeld.”

Hoeveel personen hebben die allerzwaarste beveiliging door de DKDB?

“Dat wisselt en daar doe ik geen uitspraken over, maar het is bijzonder arbeidsintensief en kan dus voor maar een zeer beperkt aantal mensen tegelijk. Het is heel ingrijpend – zeker voor diegenen die het ondergaan – en er komt zóveel bij kijken. Ik merk dat beleidsmakers moeilijk kunnen inschatten hoe intensief onze beveiliging is en hoeveel voorbereiding en samenwerking die vergt. Wij beveiligen nooit iemand alleen. De lokale politie, bedrijven waar mensen werken: er zit heel veel samenwerking achter.”

Begin 2018 luidde uw DKDB de noodklok over het enorme capaciteitsgebrek. Hoe is het nu?

“Onze dienst is plusminus vierhonderd man groot, enkele tientallen niet-operationele medewerkers meegerekend. We hadden meer dan tachtig vacatures. Een kleine anderhalf, twee jaar hebben we met veel partijen aan de instroom gewerkt. In plaats van twee klassen van vijftien man per jaar hebben we dit jaar vier klassen opgeleid. Niet iedereen haalt het. Na de intensieve selectie, screening, training en het inwerken duiken we begin 2020 onder de tien procent onderbezetting. Dat is een grote klus.”

Intussen werd in maart vorig jaar de broer van kroongetuige Nabil B. vermoord. Zijn grote familie had beveiliging nodig. De moord op zijn advocaat is een nieuw dieptepunt. De roep om beveiliging van héél veel personen klinkt nu.

“De moord op Derk Wiersum is extreem. Wéér een overtreffende trap. De moord op de broer van de kroongetuige werkte als katalysator voor verbetering van processen rond het bewaken en beveiligen van personen. Nu is de vraag of iedereen persoonsbeveiliging van de DKDB kan krijgen. Nee, dat kan niet. Dat moet je ook niet willen. In onze open samenleving wil je niet dat veel mensen door gewapende escortes worden begeleid, hoezeer dat gevoel nu opkomt, en we zijn ook maar één radertje in het geheel.”

In Italië kan het ook, klinkt het hier en daar.

“Zij hebben veel meer beschermde getuigen en daar zijn rechters en advocaten vermoord, en soms zes, zeven mensen uit de familie van een spijtoptant. Toch, ook in Italië is het verre van ideaal. Aanklagers en rechters verkassen voortdurend of leven in een kazerne, ver van hun familie. Zo is het in meer landen. Intussen gaat het moorden er vaak door.”

“Hoe heftig het ook klinkt met het schrikbeeld van deze week: hier willen we niet dagelijks vele mensen in de zwaarste beveiliging rondrijden. We willen géén politiestaat zijn waarin je alléén al het geweld probeert te voorkomen.”

De politiek vraagt wél meer zware beveiliging.

“Het is een utopie dat we iedereen zwaar kunnen beveiligen. Je moet dat fijnmazig en met maatwerk doen. Bovendien bestaat iets dat wij doelwitsubstitutie noemen: als criminelen niet bij hun doelwit kunnen, pakken ze zijn broer, vriend, advocaat of een ander. Je kunt niet alles afdekken en moet doen waar we goed in zijn: slim samenwerken. We werken er keihard aan om alle risico’s te reduceren en in te dammen, maar panklare oplossingen hebben we niét.”

Bij het zoeken naar beveiligers heeft u veel concurrentie van andere diensten die goed getrainde, scherpe mensen nodig hebben. Dat zijn juist de diensten waar u mee samenwerkt.

“Wij werken fantastisch samen met de Dienst Speciale Interventies (waar arrestatieteams onder vallen) en de Brigade Speciale Beveiligingsopdrachten van de Marechaussee (BSB). We hebben ook concurrentie van de burgermaatschappij. Maar concurrentie is gezond, en het is mooi als mensen na wat jaren bij ons zedenrechercheur of specialist cybercrime willen worden.”

“De andere kant is dat de politie kampt met vergrijzing en veel mensen nodig heeft. We moeten niet alleen onze vacatures invullen, maar verder professionaliseren. Samen op verschillende niveau’s kunnen beveiligen. Bizar genoeg betekenen afschuwelijke, beeldbepalende gebeurtenissen – zoals de moorden op Pim Fortuyn (2002) en Theo van Gogh (2004), de aanslag op de koninklijke familie in Apeldoorn (2009) en de moorden op de broer van de kroongetuige (2018) en op advocaat Wiersum – dat we steeds verder professionaliseren.”

“Helaas is het ook zo dat één gek meer kan bedenken dan tien wijze mannen hadden kunnen vermoeden en dat je nooit op alles voorbereid bent. Daar moeten we mee leven.”    

Geen pers bij rechtszaak

De verdachte van de moord op advocaat Derk Wiersum is vermoedelijk toch geen tiener. Na tips over de zaak schat de politie zijn leeftijd op 20 tot 25 jaar en niet op 16 tot 20, zoals de politie eerder vermoedde. Wiersum werd woensdag bij zijn woning in Buitenveldert doodgeschoten. Als gevolg van de moord mogen pers en publiek dinsdag en donderdag niet naar de rechtszaak tegen de voortvluchtige crimineel Ridouan Taghi en zijn vermeende handlangers. Normaal gesproken zijn rechtszittingen altijd openbaar, behalve bij minderjarige verdachten. Journalistenvakbond NVJ en het Genootschap van Hoofdredacteuren verzetten zich tegen het besluit. “De pers moet ook in dit soort moeilijke omstandigheden zijn controlerende en verslaggevende taak kunnen vervullen.” De Amsterdamse rechtbank wijst op de korte tijd sinds de moord. “De implicaties daarvan zijn op dit moment nog niet te overzien.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden