Plus Achtergrond

Asieladvocaten: ‘Aandacht kan ook schadelijk zijn’

Daniël Buters zaak werd in de media gebracht door zijn vrienden. Beeld Daniel Cohen

Als hij buiten de publiciteit was gebleven, zat Daniël Buter misschien nog steeds vast. Hoewel media-aandacht kan helpen, mijden advocaten die route het liefst. ‘Je wil dit soort zaken binnen het rechtssysteem afhandelen.’ 

Het is niet ‘de meest zuivere weg’, erkent advocaat ­Maartje Terpstra. Haar cliënt Daniël Buter was vorige week het middelpunt van een media­storm. Ondanks de voorlopig gunstige afloop heeft Terpstra er een gemengd gevoel bij: “Eigenlijk wil je dit soort zaken binnen het rechtssysteem afhandelen, en niet via de media.”

Maar soms breekt nood wet, weet ook Terpstra. De 19-jarige geboren en getogen Amsterdammer Buter bleek vanwege een reeks slordigheden en misverstanden geen papieren te hebben, zat vier weken in de cel en dreigde te worden uitgezet naar de Dominicaanse Republiek, een land waar hij nog nooit was geweest. Toen de zaak, onder meer in Het Parool, ruim aandacht kreeg, en Buter een nieuwe aanvraag voor een verblijfsvergunning deed, kwam hij op vrije voeten. Hij mag de uitkomst van de procedure thuis afwachten.

Terpstra wil niet te veel meer zeggen over ­Buter, daarmee zou ze de zaak kunnen schaden. De stelling dat de media-aandacht een ­positieve rol heeft gespeeld in de vrijlating van Buter durft ze echter wel aan. Daniëls vrienden waren al voor hem in de bres gesprongen, maar de zaak raakte in een stroomversnelling toen media er lucht van kregen. Politieke partijen luidden de noodklok en burgemeester Halsema zocht ­contact met staatssecretaris Ankie Broekers-Knol en de IND om Buter vrij te krijgen.

De uitkomst mag dan positief zijn voor haar cliënt, Terpstra vindt de manier waarop ‘juridisch en moreel’ niet helemaal zuiver. “Wie wel en wie niet in Nederland mag zijn, hoort niet af te hangen van hoe mediageniek een zaak is. Het is geen populariteitsshow. ­Bovendien kun je niet ­iedereen blootstellen aan een mediacircus: vooral kinderen zijn vaak kwetsbaar.”

Asieladvocaat Wil Eikelboom wil een misvatting over zijn werk rechtzetten: het is zelden de advocaat die ervoor zorgt dat een zaak in de media komt. “Meestal is het de schooldirecteur of de voetbalvereniging die aandacht voor de zaak vraagt. De meeste zaken bereiken nooit de talkshowtafels. Dit kan namelijk averechts werken – je kunt procedures doorkruisen.” Ook kan media-aandacht voor een specifiek geval ervoor zorgen dat meer mensen in vergelijkbare situaties zich melden. Dat maakt het voor politici lastiger om de regels soepeler te hanteren.

Lastig parket

Naar aanleiding van de affaire rond de Armeense kinderen Lili en ­Howick besloot het kabinet deze zomer de discretionaire bevoegdheid – waarbij een minister of staatssecretaris in schrijnende ­gevallen een verblijfsvergunning kan geven – te schrappen. De druk op ­bewindspersonen om bij zaken die in de publiciteit kwamen de hand over het hart te strijken, zou zorgen voor willekeur. Door de IND het laatste woord te geven, moest de emotie uit het proces worden gefilterd. Het beoogde effect: de ­media opzoeken heeft geen zin meer.

In de praktijk kan het anders lopen, vermoedt advocaat Eikelboom. Er kunnen meer gevallen komen zoals Sahar, Mauro, Lili en ­Howick en Nemr, omdat een belangrijke ‘stille’ route voor individuele ­gevallen is afgesloten. In het verleden werd het middel vaker ingezet dan publiekelijk bekend is. Rita Verdonk, bijvoorbeeld, maakte tijdens haar ministerschap voor de VVD 1100 keer keer gebruik van haar discretionaire bevoegdheid, Fred Teeven (VVD) kneep 300 keer een oogje toe. Gerd Leers (CDA) maakte slechts 80 keer gebruik van zijn bevoegdheid.

Mauro, Lili en ­Howick, Sahar en Nemr werden symbolen van het asielbeleid en brachten de verantwoordelijke ­bewindspersoon in een lastig parket.

Nu die stille route niet meer bestaat, is het niet ondenkbaar dat wanhopigen de media benaderen om van de daken te schreeuwen hoe ­onrechtvaardig hun situatie is – in de hoop dat er tóch nog ergens een maas in de wet wordt ­gevonden.

Mediastorm

Kenners benadrukken dat media alleen in een uiterst geval moeten worden benaderd. Defense for Children, dat kinderen bijstaat in proce­dures, kiest bij voorkeur voor de juridische route. “Media-aandacht is echt een laatste red­middel,” zegt woordvoerder Daniëlle de Jong. ­“Allereerst hebben wij journalisten niet aan een touwtje: niet elke zaak is even mediageniek. ­Bovendien kan een mediastorm ook weerstand oproepen bij degenen die de zaak beoordelen.”

“Het belangrijkste: media­-aandacht kan het kind schaden. Het kan heel heftig voor ze zijn, en als ze later een baan zoeken, zal de zaak altijd naar boven komen op Google. Daarom houden wij media in individuele ­gevallen zo veel mogelijk af. Dat klasgenoten en buren in actie komen voor schrijnende gevallen kun je alleen niet tegenhouden.”

Discussie

Advocaat Eikelboom vindt het ook ‘niet altijd fraai’ om een zaak via de media te spelen, maar ‘als advocaat dien je het belang van je cliënt’, dus als het echt niet anders kan, dan moet het. Bovendien, voegt hij daaraan toe, kan het ook goed zijn als het beleid een gezicht krijgt. “Op die ­manier kun je een discussie losmaken: willen we dit met z’n allen? En als het antwoord nee is, dan moeten we dat beleid misschien wel veranderen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden