5000 slachtoffers NS-transporten WOII krijgen financiële vergoeding

Bijna 5000 slachtoffers en nabestaanden krijgen een financiële vergoeding wegens de NS-transporten tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dat maakte de commissie die de aanvragen beoordeelt donderdag bekend, nadat het meldpunt bijna elf maanden open is.

Holocaust-slachtoffer Salo Muller, president-directeur NS Roger van Boxtel en voorzitter Job Cohen tijdens de presentatie vorig jaar van het advies van de Commissie Individuele Tegemoetkoming Slachtoffers WOII Transporten NS over hoe de Nederlandse Spoorwegen (NS) schadevergoedingen kan betalen aan mensen die in de Tweede Wereldoorlog op transport zijn gezet.Beeld ANP

Van in totaal 7000 aanvragen zijn er ruim 6000 beoordeeld. Ongeveer duizend aanvragen werden niet toegekend omdat bij de aanvraag niet kon worden voldaan aan de gestelde voorwaarden. Het uit te keren bedrag is tot nu toe 38 miljoen euro. Van de toegewezen aanvragen zijn er 700 afkomstig van directe slachtoffers, ruim 3850 van kinderen van slachtoffers en ruim 200 van weduwen of weduwnaars.

De Nederlandse Spoorwegen heeft destijds in opdracht van de Duitse bezetter vanuit Nederland meer dan honderdduizend Joden, Sinti en Roma tot aan de landsgrenzen vervoerd met als eindbestemming concentratie- of vernietigingskampen. Daarmee werd geld verdiend. De NS bood in 2005 excuus aan voor de transporten, maar kende geen financiële genoegdoening toe.

Na veel gesprekken met nabestaanden, met name Holocaustoverlevende Salo Muller, besloot de NS in 2018 over te gaan tot het uitkeren van vergoedingen. Over de beste manier om dit uit te voeren, gaf de Commissie Individuele Tegemoetkoming Slachtoffers WOII Transporten NS vorig jaar advies aan de NS, die dat overnam. Sinds 5 augustus 2019 kan een aanvraag worden gedaan tot een jaar na dato.

Aan een ander advies heeft de NS inmiddels concreet invulling gegeven, meldt de commissie. Zo is aan het NIOD gevraagd een vooronderzoek te starten naar de rol van de NS tijdens de Tweede Wereldoorlog, gericht op de transporten.

Herinneringscentra

Eerder was al bekend dat de NS, bij wijze van een collectieve erkenning voor slachtoffers die niet in aanmerking komen voor een vergoeding, 5 miljoen euro geeft aan de herinneringscentra Kamp Westerbork, Kamp Vught, Kamp Amersfoort en het Oranjehotel. Met deze groep slachtoffers slachtoffers bedoeld die de Tweede Wereldoorlog niet overleefden en geen nabestaanden achterlieten, maar ook verzetsstrijders, politieke gevangenen en dwangarbeiders. Het geld gaat naar ‘educatie voor jongeren, met bijzondere focus op discriminatie waaronder antisemitisme tot aan de dag van vandaag’.

Die 5 miljoen toont een ‘gebrek aan respect’ voor het leed dat de nazimoord op Joden en Roma teweeg heeft gebracht, schrijft Ronny Naftaniel, vicevoorzitter van het Centraal Joods Overleg donderdag op de website van de Volkskrant. Hij noemt de situatie ‘beschamend’.

Afgelopen vrijdag uitten Joodse organisaties ook al kritiek op dit onderdeel van het pakket. Volgens Naftaniel hebben het Centraal Joods Overleg en andere vertegenwoordigers bij de NS aangedrongen op overleg ‘zodat een respectvolle regeling bereikt kon worden’. Het bedrag beschikbaar voor niet-overlevenden zou ‘in proportie moeten zijn’ met de vergoedingen aan de overlevenden en hun nabestaanden, vinden zij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden