1956, 1999, 2020: het lerarentekort is een terugkerend probleem

Het lerarentekort op basisscho­len is een met regelmaat terug­kerend probleem, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Een leeg klaslokaal in De Slotermeerschool.Beeld ANP

In Amsterdam werden in de jaren negentig al kinderen naar huis gestuurd. In de jaren vijftig was het probleem nog veel nijpender: toen zaten er gemiddeld 36 kinderen in een basisschoolklas. Het ministerie van Onderwijs schatte toen in dat er meer dan drieduizend leraren te weinig waren.

Ter vergelijking: op dit moment heeft de gemiddelde basisschoolklas rond de 23 leerlingen. Het ministerie verwacht in 2022 een tekort van vierduizend leraren.

Het tekort halverwege de vorige eeuw was te wijten aan de babyboom, waardoor er na de oorlog veel meer schoolgaande kinderen waren dan men had geanticipeerd.

De overheid probeerde verschillende inventieve oplossingen. Zo mochten getrouwde vrouwen tot 1956 volgens de wet niet werken, maar nood brak wet: wegens het tekort werd er een uitzondering gemaakt voor werken in het onderwijs. Tevens werden leraren vrij­gesteld van dienstplicht.

Sommige maat­regelen die nu worden getroffen, werden al eerder beproefd. In oktober 1999 stuurde de Lukasschool in Nieuw-West de kinderen een week naar huis, omdat er geen leerkrachten waren – net als zestien basisscholen in hetzelfde stadsdeel afgelopen december hebben gedaan.

Het tekort in de jaren negentig speelde vooral in de Randstad. Het huidige tekort is ook het prominentst in de grote steden. Als er niet wordt ingegrepen, zal het landelijke tekort in 2027 oplopen tot 11.000 docenten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden