PlusAchtergrond

Zoeken naar taal en polyfonie in de Brakke Grond

Vera Tussing doet in haar voorstelling Mazing onderzoek naar samenzijn. Beeld Alessandra Rocchetti
Vera Tussing doet in haar voorstelling Mazing onderzoek naar samenzijn.Beeld Alessandra Rocchetti

Dans- en performancemakers in Amsterdam willen hun kunst blijven onderzoeken en experimenteren met verschillende disciplines. Ook willen ze collega’s ontmoeten die elders in de wereld werken. Platform BAU doet er wat aan.

‘Het klimaat hier is enorm veranderd,’ stelt Eva Villanueva van BAU, dans- en performanceplatform in Amsterdam. “Woninghuren zijn gigantisch hoog, repetitieruimtes onbetaalbaar. De infrastructuur voor kunstenaars is serieus aangetast. Broedplaatsen, ontwikkelplekken – ze worden wegbezuinigd.”

“Dan kun je als stad niet meer meespelen in de ontwikkeling van de Europese dans en performance. Terwijl je hier waanzinnig goede opleidingen hebt. Amsterdam heeft echt een naam met Dasarts en DAS Theatre. Daar komen studenten uit de hele wereld naartoe. Na hun afstuderen verhuizen ze vervolgens naar steden waar de condities beter zijn. Naar Brussel of Berlijn bijvoorbeeld.”

“Beleidsmakers denken vaak: ontwikkeling, dat doen de gezelschappen er wel bij. Die hebben inderdaad soms nieuwe makerstrajecten. Er wordt niet gezien wat het belang is van het onafhankelijke veld met mid career makers. Samen met jonge makers en gezelschappen vormen zij een compleet ecosysteem.”

Open studiodagen

“Er is hier geen enkele mogelijkheid voor onafhankelijke residenties op het gebied van dans en performance. Daarom heeft BAU samen met een club mensen uit het veld een plan gemaakt. Uitgangspunt is dat de lokale scene en het publiek er ook echt iets aan hebben. Vandaar dat er naast studiotijd voor de kunstenaar open studiodagen, workshops en een openbare eindpresentatie in het programma zijn opgenomen.”

“Daar hebben we partners bij gezocht: de Brakke Grond en Veem House of Performance zijn aangehaakt. Voor volgende edities zijn we ook met het Stedelijk Museum in gesprek.”

“Er is een grote behoefte aan uitwisseling, zo bleek tijdens werkveldmeetings. Daarom hebben we gekozen voor een lokale en een buitenlandse kunstenaar die bij elkaar passen en elkaar kunnen uitdagen. Voor deze piloteditie kwamen we bij Astrit Ismaili en Vera Tussing uit. Ze maken totaal verschillend werk, maar hebben ook iets gemeen. In totaal zijn ze een maand hier, meer geld hadden we niet samen. Maar gelukkig is er nu een beginnetje.”

BAU AIR2 / Vera Tussing en Astrit Ismaili: 4/12, De Brakke Grond.

Aanrakingsberoepen

Vera Tussing (1982, Duitsland) werkte na haar opleiding in Londen als danser en choreograaf in Groot-Brittannië, Canada en België. In haar voorstellingen en installaties onderzoekt ze hoe je door verschillende zintuigen te mobiliseren een actieve connectie tussen performer en toeschouwer kunt creëren.

T-Dance (2014) draaide om de vraag hoe verbinding tot stand kan komen zonder fysiek contact. In Mazing (2016) onderzocht ze hoe een gevoel van samenzijn ontstaat.

Tijdens haar residentie hier ging Tussing op zoek naar een ‘vocabulaire van de aanraking’. Kun je aanraking horen? Is het nodig om aanraking ook te zien? Wanneer is een aanraking seksueel of grensoverschrijdend?

“Ik maak nu tien jaar voorstellingen en installaties, een mooi moment om terug te kijken. Naar alles wat ik heb gemaakt, naar de boeken die ik heb gelezen en naar de interviews die ik heb gedaan met mensen uit ‘aanrakingsberoepen’: van violisten tot sekswerkers en therapeuten. Ik ben tot de conclusie gekomen, dat we geen taal hebben voor onze tastzin. Daar ga ik de komende jaren aan werken en met de hier aanwezige makers ben ik daarover in dialoog gegaan. Als afsluiting van dat traject dans ik een choreografie waarin alle ervaringen en verhalen over aanraking worden gerecycled.”

Zeepaardje, pornoster

Astrit Ismaili (1991, Kosovo) volgde de masteropleiding DAS Theatre in Amsterdam en presenteerde beeldend werk en live performances in New York, Hongkong en Istanboel. Man, vrouw, queer, Kosovaar, Nederlander – Ismaili wil in geen enkel hokje passen en kiest daarom voor de non-binaire aanduiding ‘hen’. Op het podium maakt Ismaili zich los van alle definities en restricties en kan hen worden wat hen wil: water, zeepaardje, pornoster, politicus of kleurrijke bloem. In 2014 maakte hen The day I became a popstar, vier jaar later The New Body.

In de studio van BAU ging Ismaili op zoek naar meer mogelijkheden om zichzelf te heruitvinden: nieuwe bewegingen, nieuw stem­geluid, nieuwe draagbare instrumenten die lichaamsextensies vormen en voorzien zijn van sensoren.

“Ik wil dat een polyfonie van stemmen ontstaat, een dialoog tussen mijn oude en mijn nieuwe lichaam. De grens tussen natuurlijk en artificieel wordt doorbroken, net als die tussen man en vrouw. Niemand ziet mijn geslacht of mijn oorlogsverleden, dit is een compleet nieuwe start voor mij. Wat ik presenteer zijn drie nieuwe identiteiten, er zijn er nog een heleboel meer. Daarom ben ik zo geïnteresseerd in performance: alleen daarin ben je vrij om al die opties te onderzoeken.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden