PlusInterview

Zij maken bijna naakte jazzmuziek: ‘Duospelen is heel kwetsbaar’

Saxofonist Maarten Hogenhuis en gitarist Jesse van Ruller maakten samen het album Spirits High. Vanavond presenteren ze het in het Bimhuis. ‘Zonder die covidshit was het misschien een gewone jazzplaat geworden.’

Peter van Brummelen
Jesse van Ruller (l) en Maarten Hogenhuis Beeld Jonathan Herman
Jesse van Ruller (l) en Maarten HogenhuisBeeld Jonathan Herman

Gitarist Jesse van Ruller (49) draait al zijn halve leven mee in de Nederlandse jazzscene. Saxofonist Maarten Hogenhuis (35) kwam iets later kijken, maar heeft inmiddels ook een eerbiedwaardige staat van dienst opgebouwd. Zoals dat gaat in de jazz hebben ze vaak met elkaar gespeeld. Van Ruller tegen Hogenhuis: “Hoe oud was jij toen we voor het eerst samenspeelden in Alto, een jaar of negentien toch nog maar?”

Sinds nog niet zo lang vormen ze een duo, waarvan vandaag het debuutalbum Spirits High verschijnt. Er bestaan ontelbaar veel jazzalbumswaarop saxofoon en gitaar klinken, maar een jazzalbum met alléén saxofoon en gitaar? Hogenhuis en Van Ruller zouden er geen voorbeeld van weten. “Referentiemateriaal was er dus niet,” zegt de eerste. “Maar dat wij als duo heel goed bij elkaar passen, weten we sinds een huiskamerconcert dat we in coronatijd met zijn tweeën deden.”

Is het niet raar spelen zonder bassist en drummer? “Duospelen is op een bepaalde manier heel kwetsbaar,” zegt Hogenhuis. “Je kunt je nergens achter verschuilen. Maar het is ook heel tof, zo met zijn tweeën. Qua tempo en dynamiek zijn we heel flexibel. Als je zo met zijn vieren met wilt spelen, moet je elkaar met zijn allen wel héél goed aanvoelen.”

Volgens van Ruller zitten hij en Hogenhuis vooral ritmisch op één lijn. “Beiden benaderen we muziek vaak als een drummer. We houden van een funky groove. In onze hoofden gaat het van tikketakketikketakkietak.

Goede verstandhouding

Waarschijnlijk van belang voor hun ritmisch zo goede verstandhouding is dat beide muzikanten ook een ‘beetje drummen,’ zoals ze dat noemen. En wat de samenwerking verder vergemakkelijkt, is dat Hogenhuis ook zijn weg weet op de gitaar. “Bij ons thuis was vroeger alles. Ik heb me op de sax gestort, maar heb ook veel gitaar gespeeld. De laatste tijd doe ik het weer meer. Bij de singer-songwriter Stan Vreeken sta ik als gitarist op het podium. En voor Spirits High heb ik een stuk op gitaar gecomponeerd.”

Jesse van Ruller klinkt op het album niet zoals jazzgitaristen meestal doen. Zijn toon is niet warm en wollig, maar direct en scherp,als die van een rockgitarist. Het heeft allemaal te maken met de gitaar die hij gebruikt, zegt hij. “Geen hollow body, maar een Fender Telecaster, waar ik heel dikke snaren op heb gezet en die ik een kleine terts lager heb gestemd.”

Dat gitaargeluid is op Spirits High niet de enige verwijzing naar de wereld van de popmuziek. Als invloeden noemen de makers pop- en rockacts als Sufjan Stevens, Grizzly Bear, Andrew Bird en Blake Mills. Hogenhuis: “Je hoort ze niet één op één terug in wat we doen, het zit meer in de manier waarop het album tot stand is gekomen. Normaal is een jazzalbum een registratie van een moment. Het zijn in wezen live-albums. Bij Spirits High was er echt sprake van een post-production; net als popmuzikanten dat vaak doen, zijn we nog verder gaan sleutelen aan de opnames.”

Enthousiast ingezet

Effectapparatuur werd daarbij soms zo enthousiast ingezet dat de gitaar een enkele keer nauwelijks meer te herkennen is. “We hadden wel als regel dat de geluiden echt uit onze instrument moesten komen, er mochten geen samples aan te pas komen,” zegt van Ruller.

Hogenhuis: “We hadden ook echt de tijd om zo te pielen, hè. Zonder die covidshit was dit misschien een gewone jazzplaat geworden.”

Van Ruller zegt in het duoschap met Hogenhuis vaak ver buiten zijn comfortzone te treden. “Een gitaar is zowel solo- als begeleidingsinstrument. Als begeleider van Maarten voel ik me heel comfortabel. Maar wat doe ik als hij niet speelt? Moet ik dan de boel gaande houden of kan ik als solist een heel eigen weg inslaan? Het leidt tot veel denkwerk. Bij een optreden voel ik me, voor het eerst in tijden, soms super ongemakkelijk.”

“Alsof je in je onderbroek op het podium staat,” vat Hogenhuis opgewekt samen.

Bimhuis, vanavond 20.30 uur

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden