PlusInterview

Zangeres Lakshmi Persaud woonde op haar veertiende al in een kraakpand: ‘Ik voelde me daar veilig’

Als kind liep ze thuis altijd op haar tenen, vooral niet te veel lawaai maken. Maar op het podium voelt zangeres Lakshmi Swami Persaud (29) zich veilig. ‘Ik dacht: nu ben ik Lakshmi Music en jullie kunnen allemaal de tering krijgen.’

Nienke Blokhuis
Lakshmi Persaud: 'Een paar leraren van de Herman Brood Academie zeiden na een week al dat ze spijt hadden dat ze me hadden aangenomen.' Beeld Hilde Harshagen
Lakshmi Persaud: 'Een paar leraren van de Herman Brood Academie zeiden na een week al dat ze spijt hadden dat ze me hadden aangenomen.'Beeld Hilde Harshagen

Het zijn drukke tijden voor zangeres Lakshmi Swami Persaud (29). Het afgelopen jaar deed ze mee aan Wie is de Mol?, bracht ze twee singles uit, rondde ze haar voorjaarstour af, hield ze een TedTalk over consumentisme en maakte ze een mini-horrorfilm.

Nu werkt ze aan haar theatertour Droom die in september begint, en is haar nieuwe single net uit. Sun into Colour heet het nummer, een dromerig liedje waarin ze zingt over hoe ze uit haar hoofd, terug haar lijf in gaat. Want in dat hoofd, daar zit ze vaak. En ze is niet te beroerd een buitenstaander mee te laten kijken.

Als ze praat zet ze als het ware de motorkap van haar brein open en wijst ze aan: dit doet ze uit schuldgevoel, dit streven komt voort uit bewijsdrang, dit hier is allemaal onzekerheid. En soms blijft die vinger boven de kap zweven, en weet ze het even niet.

Veel van haar analyses leiden terug naar haar jeugd in Wijchen. Geen leuke tijd. Als dochter van een Surinaams-Hindoestaanse vader en een fulltime werkende moeder was ze een bijzonderheid in het overwegend witte stadje. “Ik viel volledig buiten de boot. Ik had heel lang, zwart, pluizig haar, was klein en megagevoelig. Het totaalpakket voor een slechte ervaring. In mijn herinnering werd ik elke dag gepest, maar toch kan ik me dat niet voorstellen. Wel hing er altijd een bepaalde sfeer, dat alienachtige gevoel dat je er echt niet bij hoort.”

De situatie thuis hielp ook niet mee. Je ouders zijn gescheiden toen je acht jaar oud was.

“Die scheiding was een opluchting, want toen was het eindelijk rustig. Daarvóór was er vaak die spanning van twee mensen die om elkaar heen draaien om maar niets te triggeren bij elkaar. Ik liep daardoor altijd op mijn tenen: niet te veel lawaai maken, geen speelgoed pakken dat geluid maakt.”

Op haar veertiende mocht Lakshmi naar ‘Eigenwijs’, een speciale middelbare school. ‘Voor probleemjongeren,’ zo vertelt ze, met aanhalingstekens in de lucht. “Mijn ouders vermoedden dat ik depressief was: ik was neerslachtig, at slecht.”

“Op Eigenwijs kreeg ik mijn eerste vriendje, die half bij zijn vader woonde en half kraakte. En zo ben ik heel geleidelijk uit huis gegaan op mijn veertiende, en gaan kraken. Als ik nu iemand van veertien zie, denk ik: wat een baby! Maar voor mij was het goed. Je moet me gewoon laten, nog steeds. Mijn ouders wisten ook dat het niet hielp als ze er bovenop zouden zitten.”

Op je veertiende in een kraakpand: voelde dat wel veilig?

“Ja, veel veiliger dan hoe ik me daarvóór voelde. De meeste mensen daar waren iets ouder en ontfermden zich een beetje over mij. Natuurlijk waren er daar ook de klassieke gevallen van krakers die tachtig uur achter elkaar aan het feesten waren, maar daar bleef ik van weg. Ik wist: dat wil ik niet. Ik ben heus ook weleens een paar dagen naar de klote gegaan. Ik wilde op mijn achttiende naar de Herman Brood Academie, dus het leek me beter als ik dan nog een goede conditie had.”

Waarom wilde je dat?

“Eigenlijk wilde ik ballerina worden, ik heb heel lang gedanst. Maar al snel wist ik dat ik dat niet zou trekken, omdat je daar ook veel met autoriteit te maken hebt. En ik mocht daar niks zelf maken, en dat wilde ik juist. Mijn vader had me wat akkoorden op de gitaar geleerd, toen ben ik liedjes gaan schrijven en covers van Nirvana en Radiohead gaan doen. Muziek leek me beter, al dacht ik dat ik niet echt kon zingen.”

“Toen ik werd aangenomen op de Herman Brood Academie was ik nog wel heel erg een puber. Alles vond ik stom: de roosters, en dat je met onbekende muzikanten in een band moest zitten, en dat ik covers moest doen. Een paar leraren zeiden na een week al dat ze spijt hadden dat ze me hadden aangenomen.”

“Op een of andere manier heeft dat me gevoed. ‘O ja, jullie hebben spijt? Kom, ik zal eens wat laten zien!’ Pas na mijn afstuderen kreeg ik de vrijheid om te doen wat ik wilde. Ik ging naar de Kamer van Koophandel, schreef mijn eigen label in en dacht: nu ben ik Lakshmi Music en jullie kunnen allemaal de tering krijgen!”

Waarom zo boos?

“Er moest gewoon veel verwerkt worden denk ik, van de afgelopen twintig jaar. Na die eerste high na mijn afstuderen merkte ik dat ik steeds vlakker werd. Met mijn werk ging het goed en ik haalde wel kicks uit optredens, maar ik voelde me verder superwaardeloos. Als ik met vriendinnen zat te praten deed ik wel mee, maar ik was ook helemaal weg. Ik voelde niks. Ik ben naar een psycholoog gegaan en die concludeerde dat ik een chronische milde depressie had. Dan functioneer je wel en je komt je bed wel uit, maar verder is het... vlak. Een soort hulsje.”

Wat leerde je bij de psycholoog?

“Vroeger dacht ik: joh, ik ben gepest, wie niet, boeien. Die attitude, dat helpt echt niet. Ik heb geleerd mijn gevoel serieus te nemen. Dat is heel oncomfortabel, want ik kwam op een plek waar het fokking veel pijn doet. Daar moest ik doorheen, en dat kon ik pas een paar jaar geleden. En het is niet zo dat ik nu klaar ben. Ik moet er steeds weer doorheen, constant weer. Dat gebeurt nu allemaal.”

Ik heb ergens gelezen dat je soms op Twitter alleen maar bagger over jezelf zit te lezen.

“Ja dat doe ik nog steeds.”

Waarom?

‘Geen idee! Het is niet lekker of zo. Of nou, misschien ook wel, op een vieze manier. Ik kan gewoon niet slapen voordat ik dat heb gecheckt, bijvoorbeeld na een tv-optreden. Ik ben zelfs in staat om uit bed op te staan en aan het aanrecht in het donker al die tweets te lezen. Ik probeer nog steeds te bedenken waar dat vandaan komt.’ Zelfdestructie? ‘Misschien, of misschien is het ook wel aandachtsgeilheid. Zo van: in ieder geval praten ze over me. Of iets rebels, om bepaalde mensen op te fokken. Word maar even boos op me! Dat heeft iets heel lekkers.’

Lakshmi Persaud: 'Ik ben naar een psycholoog gegaan en die concludeerde dat ik een chronische milde depressie had. Dan functioneer je wel en je komt je bed wel uit, maar verder is het... vlak. Een soort hulsje.' Beeld Hilde Harshagen
Lakshmi Persaud: 'Ik ben naar een psycholoog gegaan en die concludeerde dat ik een chronische milde depressie had. Dan functioneer je wel en je komt je bed wel uit, maar verder is het... vlak. Een soort hulsje.'Beeld Hilde Harshagen

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden