PlusInterview

Zanger Nielson verwerkte het overlijden van zijn neef in de studio: ‘Ik wilde geen muziek meer maken’

Toen een van de beste vrienden – tevens zijn neef – van hitmaker Nielson (Sexy als ik dans) plots overleed, viel het leven van Niels Littooij (31) stil. Na een jaar rouw verwerkte hij zijn verdriet in zes persoonlijke liedjes.

Niels Littooij, alias Nielson: ‘Bij mij werkt het blijkbaar toch zo dat die muziek blijft komen, ook op momenten als deze.’  Beeld Sascha Esmail
Niels Littooij, alias Nielson: ‘Bij mij werkt het blijkbaar toch zo dat die muziek blijft komen, ook op momenten als deze.’Beeld Sascha Esmail

“Nathan was mijn neef. Onze familie is heel hecht – het kan nog zo tegenzitten, we hebben altijd elkaar. En mijn zes broers en mijn neven in het bijzonder. Zeven jaar geleden gingen we voor het eerst met de twaalf neven ­samen op ­vakantie. We werden heel snel heel close. Met Nathan voelde het extra speciaal. Hij was als een broer voor me. Onvoorwaardelijk.

Nathan was geen allemansvriend, maar het was onmogelijk hem niet meteen aardig te vinden. Die aanstekelijke energie heb ik nog nooit bij iemand gezien. Superattent en loyaal. Maar ook soms compleet gek. Stuurde hij ineens een foto dat hij naakt in een treincoupé stond. Waarom?, vroegen we dan. Dan antwoordde hij: ‘Heb je gelachen?’ Ja, enorm. Nou, dat vond hij een goede reden. Hij bleef jong, maar was het laatste jaar ook volwassen aan te worden. Werkte keihard als automonteur en zou gaan trouwen met zijn vriendin.

Maar deze liedjes gaan niet meteen over ­Nathan, hè. Dan zouden ze supervrolijk hebben geklonken, want dat paste bij hem. Hij was kampioen genieten. Juist vanwege die superpositieve instelling hield ik zo van hem. Deze plaat gaat juist over mijn rouw. Over de tijd die volgde op dat verschrikkelijke telefoontje, nu een jaar geleden. Nathan voelde zich al een tijdje niet goed, was extreem vermoeid, had bijna overal pijn, was zijn grapjes kwijt. De eerste testen leken te wijzen op een auto-immuunziekte. Niet best, maar er zou mee te leven zijn.”

Niet meer te redden

“Die dag, toen hij belde, heb ik hem voor het eerst horen huilen. ‘Niels, ik ben de lul,’ zei hij. En daarna: ‘Ik ga dood. Het is geen auto-­immuunziekte, het is acute leukemie.’ Ik ­probeerde hem nog moed in te praten, maar hij was ontroostbaar. Altijd reageerde hij luchtig op tegenslag, maar nu was hij ontroostbaar. Al zei hij snel daarna alweer onze zorgen het ergste van alles te vinden.

Maar er was nog hoop. Hij was 28, hartstikke sterk. Het dubbeltje zou na twee jaar behan­delen misschien wel de goede kant op kunnen vallen. Na een maand zware chemo’s zou ik voor het eerst weer bij hem langs mogen. Tussendoor had hij nog gebeld: dat ik wel op vakantie moest gaan. Had ik nodig, vond hij. Typisch Nathan. Net zoals hij zich druk maakte over mijn broer, die ineens teelbalkanker bleek te hebben.

Op de ochtend dat ik naar het ziekenhuis zou rijden, belde zijn vader. Er was iets helemaal misgegaan. Bij de ochtendronde vond een ­verpleegster Nathan naast z’n bed. Buiten bewustzijn en in een plas bloed, veroorzaakt door een hoofdwond. Wat er precies is gebeurd blijft gissen. Misschien moest hij naar de wc. In elk geval heeft hij geprobeerd op te staan, is hij buiten bewustzijn geraakt – naar later bleek door een bloedprop in z’n hersenen – en gevallen. Hij was niet meer te redden.

Net als die dag van de diagnose zaten we binnen een uur met de hele familie bij elkaar. Stil. Niemand wist iets te zeggen. Maar we waren wel samen. De begrafenis? We stonden er als nevengroep voor een speech, maar ik kon geen woord uitbrengen. Het lukte me gewoon niet.”

Potje bellenblaas

“We hebben hem met de neven naar zijn laatste rustplaats gedragen. Een maand eerder liep ik met de kist van mijn opa op m’n schouder. Man, dit voelde tien keer zwaarder. Letterlijk. Ik dacht zelfs even dat ik het niet zou halen. Daarna hebben we met z’n allen bellengeblazen. Dat was de laatste jaren ons grapje tijdens het stappen. Zo’n goede truc om contact te maken met vrouwen, zo’n potje bellenblaas. Had ik moeten weten toen ik zestien was!

Nathans overlijden is met afstand het heftigste dat ik ooit heb meegemaakt. Niets deed er ineens meer toe. Niet dat ik mezelf het leven ­wilde ontnemen – ik had juist net gezien hoe kostbaar gezondheid is! – maar ik zag gewoon niet meer hoe ik dit gemis ooit moest opvangen. Met een andere neef ben ik een paar dagen weggegaan. Alleen maar janken en drinken. Met sloten whisky konden we de scherpste pijn tenminste even verdoven.

Thuis sloot ik me op in mijn studiootje in de achtertuin. Eerst om rust te vinden, maar op een gegeven moment moest ik toch wat doen met dat melodietje dat ik steeds in mijn hoofd hoorde. Gewoon om het kwijt te raken, want in ­muziek maken had ik totaal geen zin. Maar ik hoorde al snel ook een baslijntje en de drums. Het werkt blijkbaar toch zo bij mij dat die muziek blijft komen. Ook op momenten als deze.

Uiteindelijk ben ik daar toch ook innig dankbaar voor. Wat moest ik anders met al die emoties? En wat prachtig is: mijn nichtjes, de zusjes van Nathan, luisteren af en toe naar die zes liedjes als ze het moeilijk hebben. Ze zeggen dat ik heb verwoord wat zij ook voelen. Dat maakt me trots.”

Tatoeage

“Alleen: mijn leven is er niet lichter van geworden. Helaas. In Hoe dan ook zing ik: De manier om jou te eren/ Is genieten van mijn tijd. Maar nu lukt het me gewoon nog niet. Vandaag gaat het best goed met me. Maar het wisselt nog met de dag, soms met het uur. Dan hoef ik maar een ­foto van hem te zien, en zit ik er weer doorheen.

Toch ga ik er wel mijn missie van maken de draad weer op te pakken, weer te genieten. Ik wil hem trots maken. Volgende week ga ik in theater Caprera een van die liedjes live spelen. Dat gaat fucking moeilijk worden, maar als ik ze zing, is hij er wel een beetje bij.

Vanuit diezelfde gedachte heb ik deze tatoeage van een wegzwevend bellenblaasbelletje ook zo prominent op mijn arm gezet. Als ik straks na een vette show aan de bar sta en me gelukkig voel, hoop ik dat mensen naar die tekening vragen. Dan is Nathan er ook bij, en kunnen we de momenten waarop ik geniet toch samen delen.

De zin in de mooie dingen van het leven komt langzaam terug. We zijn zelfs weer begonnen met schrijven voor Nielson. Ik denk dat er als ­tegenreactie op deze sombere songs een hele vrolijke plaat uit gaat komen. Er moet gedanst worden! Daarmee zou Nathan het ook helemaal eens zijn geweest.”

Nielson treedt op 9 juli om 18.00 uur en 21.00 uur op in Theater Caprera in Bloemendaal.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden