Plus PS

'Yoghurt jam rijstwafels' appen is helemaal niet oppervlakkig

Bellen, jongeren doen het niet meer, merkt ook journalist Marjolijn de Cocq. De communicatie bestaat uit een spervuur van appjes. 'Wij denken: wat oppervlakkig, maar die berichtjes hebben een enorm bindend effect.'

Telefoneren is voor de mobiele generatie van nu de minst gebruikte functie op hun smartphone Beeld Kristel Steenbergen

'Kunnen we pizza eten en als je ze zelf gaat maken, neem blauwe kaas mee'; 'Hey hebben we een map waar A4 in kan weet je wel en zo niet kan je die dan kopen'; 'Yoghurt jam rijstwafels'; 'Waar is de oplader'. Zomaar wat appjes van mijn dertienjarige dochter aan haar moeder.

Niks 'lieve mam, mag ik', niks 'lieve mam, wil je'. Dit is hoe zij communiceert. Met een spervuur aan korte mededelingen, zonder aanhef of interpunctie.

Als ze al belt, doet ze dat ook via Whatsapp, want dat heeft een gratis belfunctie - de boodschappen even bondig of kortaf. Het apptelefoontje aannemen is kennelijk niet de bedoeling, het gaat haar om de snelle boodschap.

Puberlingo
Telefoneren, het is voor de mobiele generatie van nu de minst gebruikte functie op hun smartphone. En telefoonetiquette, iets waar bedrijfsmatig nog cursussen voor blijken te worden gegeven, is voor de appertjes de minste zorg.

"Hey ik hier," is mijn dochters introductie bij de ­dagelijkse Facetimesessies met haar beste vriendin van de lagere school. Als er al een introductie is. Door de deur heen valt het toch al haast onverstaanbare puberlingo niet te volgen, op een paar verontwaardigde 'watdefoks' na.

Zoals de vader van een leeftijdgenootje reageert: "Mijn zoon is zo onbeleefd aan de telefoon dat ik denk dat het maar beter is dat hij helemaal niet meer belt totdat hij op inburgeringscursus is geweest."

Uit de Monitor Jeugd en Media van stichting Kennisnet, gespecialiseerd in ICT en onderwijs, blijkt dat 68 procent van de jongeren het liefst in berichtvorm communiceert - tegenover 18 procent die belt.

Van alle apps die ze gebruiken, geven jongeren aan vooral Whatsapp niet te kunnen missen als functie op hun mobiel. Maar help, hoe moet dat dan met de omgangsvormen? Wat komt er zo terecht van die dochter van mij, als ze niet eens een beleefd telefoongesprek kan voeren?

Patti Valkenburg, hoogleraar Media, Jeugd en Samen­leving aan de UvA, relativeert. "We bellen allemaal minder," constateert ze. Kijk hoe het interview met haar tot stand is gekomen: eerst een mailtje, pas daarna een belafspraak. "We zijn veel meer gaan e-mailen, ook op het werk. Je e-mailt eerder dan je belt. En met intimi gebruiken we andere sociale media, Whatsapp voorop."

Minder bescheiden
En die 'onbeleefdheid', als je het zo wilt noemen, kun je volgens Valkenburg, auteur van het boek Schermgaande Jeugd, breder trekken. "De huidige jongere generaties hebben meer zelfvertrouwen. Ze zijn assertiever en, als uiterste, narcistischer. De jonge moderne mens is veel minder bescheiden in het benaderen van anderen."

"Ik las laatst een mooi stuk in The New York Times waarin een universitair docent zich beklaagde over de horkerige manier waarop studenten haar benaderen. Dat maken we allemaal mee. Al zijn er ook heel beleefde studenten. Maar de omgangsvormen zijn sowieso enorm gedemocratiseerd en geïnformaliseerd. Dat proces is al sinds de jaren zestig ingezet."

Daarnaast, zegt Valkenburg, hebben de sociale media een ontremmend effect. "Dat je je eerder, directer uit, is op sociale media bijna de norm geworden. Meer directe ­contacten, meer directe vragen, meer directe positieve of negatieve reacties. Dat leidt uiteraard tot een veranderde communicatie. Maar dat er minder wordt gebeld vind ik niet erg, wat de geschiedenis heeft uitgewezen is dat de mens altijd in staat is zich aan te passen. En met Face­timen en de Whatsapp-belfunctie ontstaat weer een nieuwe vorm van bellen."

Pointillistisch schilderij
De eindeloze salvo's korte berichten die pubers elkaar sturen, Valkenburg vindt ze zelfs mooi. "Allemaal van die kreten zo heel kort achter elkaar, als wij dat zien, denken we: wat oppervlakkig. Maar als je het echt goed bekijkt, zie je dat ze enorm bindend werken."

"Wat ze willen weten, is dat de ander er ís. De eigen taal van pubers hebben ze ook met die sociale media vormgegeven. En al die kleine boodschappen betekenen samen wat, al is dat voor ons moeilijk te begrijpen. Je moet het zien als een pointillistisch schilderij: al die kleine puntjes vormen samen een groter geheel."

Verjaardagsfeestje van een veertienjarige, geschetst door haar moeder Hanne van der Kolk. Groep meiden in een kringetje op de grond. Met hun telefoon. "En maar Whatsappen en Snapchatten, terwijl ze dus naast elkaar zitten. Hun sociale leven gaat constant door op hun telefoon en als je even niet meedoet, heb je gelijk iets gemist. Het is niet zoals wij vroeger uren en uren met een vriendin zaten te bellen. Zij communiceren groepsgewijs."

Solliciteren
Jongeren moeten hun identiteit nog ontwikkelen, zegt etiquettedeskundige Gonnie Klein Rouweler van Image Consultancy, en passen hun taal aan, aan die binnen hun (Whatsapp)groep. "Maar dat zullen ze naarmate ze ouder worden vanzelf ook weer corrigeren. Je moet ze die ruimte geven."

"Daarnaast moet je ze als ouder wel de normen en waarden bijbrengen en zelf het goede voorbeeld geven. Zodat ze wel meekrijgen wanneer ze met twee woorden moeten spreken. In hun communicatie is alles korter en sneller, ze schrijven woorden niet meer voluit. Maar als ze later gaan solliciteren, moeten ze wel duidelijk kunnen communiceren en formuleren."

Als een peuter naar een banaan wijst en 'naan' zegt, doe je dat volgens Klein Rouweler als ouder haast automatisch: 'O, wil je die banaan?' "Je kunt deze lijn doortrekken. Als jouw dochter appt: 'yoghurt, jam', kun je antwoorden met: 'Ha lieverd, wil je dat ik yoghurt en jam meeneem? Groetjes, mama.' Maar niet te veel er bovenop zitten, doe het spelenderwijs."

Gonnie Klein Rouweler: 'Je moet ze als ouder wel de normen en waarden bijbrengen en zelf het goede voorbeeld geven' Beeld Kristel Steenbergen

We moeten wat omgangsvormen betreft in dat snelle ­berichtjesverkeer nog onze weg vinden, zegt Klein Rouweler. Maar etiquette is iets wat meegaat met de tijd dus ook daar zullen zich duidelijker regels ontwikkelen.

Lief en behulpzaam
De telefoon, zegt Remco Pijpers van Kennisnet en Mijn Kind Online, is als minicomputer voor jongeren een heel ander medium geworden dan het vroeger was. "En nee, dat vind ik niet jammer. Uit onderzoek van onder meer de Universiteit van Amsterdam blijkt dat ze er heel veel profijt van hebben, dat ze die berichtjes, 'texting', ervaren als een veilige manier om met elkaar te communiceren."

Of dat 'veilige berichtenverkeer' wellicht latere telefoonangst in de hand werkt, daarover durft Pijpers geen uitspraken te doen. "Ik kan me nog herinneren dat ik stage liep op de redactie van het Limburgs Dagblad en het doodeng vond om te bellen. Maar ik kan niet zeggen of telefoonangst van nu met het appverkeer te maken heeft, ik ken geen onderzoek in elk geval waaruit ik kan putten."

De dochter van Hanne van der Kolk belt nog wel - soms. "Naar mij toe altijd heel kort: ja hoi, goed, ik app je. Maar ik denk echt dat kinderen best kunnen aanvoelen wanneer ze beleefd moeten zijn, al is dat misschien een aanname."

Mijn dochter trekt zich het liefste terug op de wc als ze haar zeldzame telefoongesprekjes voert - niet vanwege telefoonangst, maar uit pricvacyoverwegingen. Die telefoontjes zijn met mijn Whatsapp- en Snapchatvrije moeder, dus ze zal wel moeten. "Hoi oma," meer mag ik niet horen. Maar volgens mijn moeder is ze dan best gezellig en meedeelzaam. Oef! Het kan dus wel.

Ach, dat kortaffe, zeg Pijpers, dat hoort ook bij de leeftijd. "Ik denk dat jongeren echt wel weten hoe het hoort en niet hoort, en dat het helemaal goed zit met deze generatie. Ze zijn vaak ook heel lief en behulpzaam naar elkaar toe en ja, dat uiten deze generaties met appjes, foto's en emoticons."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden