PlusInterview

Yentl en De Boer: ‘Samen zijn we één geweldig persoon’

Een toekomst zonder elkaar, dat zien ze niet gebeuren. Christine de Boer en Yentl Schieman zaten in coronatijd niet apathisch op de bank, maar werkten keihard aan hun eerste tv-productie: Yentl en de Boer de Serie.

null Beeld Shody Careman
Beeld Shody Careman

Christine de Boer (38, links) valt bijna van haar stoel als in het nieuwe kantoor de bel gaat. Alsof er een straaljager overgiert. Dat moeten we veranderen, zegt ze tegen haar 35-jarige artistieke wederhelft, Yentl Schieman. De ruimte kan sowieso wel wat sfeer gebruiken, is haar antwoord. En inderdaad: een spartaans vertrek in Amsterdam-Oost met een paar stoelen, kale muren en gordijnloze ramen past niet bij het kleurrijke muzikale cabaretduo dat grossiert in warmte, weemoed en humor. Misschien moeten we ons eigen behang laten aanrukken, vervolgt ze. Daarmee doelend op de muurbekleding met hun eigen gezichten die voor de nieuwe tv-reeks Yentl en de Boer de Serie is ontwikkeld. “Of is dat ijdel? Nou ja, we zouden wat banen in de wc kunnen plakken.”

Ze zijn blij met hun tv-avontuur, al eindigde dat enigszins in mineur: zaten ze plotseling vijf dagen in quarantaine, toen een acteur op de set besmet bleek. De Boer: “Ineens was het van werken van 7 uur ’s ochtends tot 8 uur ’s avonds naar thuis op de bank. En na vijf keer een treinbaantje leggen met mijn zoontje geloof ik dat wel. We moesten ook optredens afzeggen. Erg. Want we waren kerngezond.”

Ze laat foto’s zien van zichzelf als heks voor de serie waarin gasten als Freek Bartels, Susan Visser en Theo Maassen hun opwachting maken. Yentl: “We begonnen met denken over televisie omdat wij nooit registraties lieten maken van onze theatervoorstellingen. Dat werkt niet op tv, het komt zo plat over. Maar we kregen best vaak de vraag: waar kunnen we die en die scène terugzien?”

De Boer: “Misschien wilden we wel dat ons wereldje een mysterie bleef. Kom maar naar het theater als je het wilt zien. Als je tv wilt maken, moet je net even anders met het materiaal omgaan. Niet leunen op de illusie van het theater, maar gebruikmaken van de mogelijkheden van film: naar locaties toegaan en elke scène er door make-up en kleding anders uit laten zien.”

Yentl: “Zo hebben we een horroraflevering gemaakt in een bunker bij Uithoorn. En een met een sprookjesbos. De serie vliegt van hot naar her, maar het wordt heel tof.”

De coronaperiode is voor jullie dus niet alleen maar waardeloos geweest?

Yentl: ‘Nee. We hadden jarenlang best wel grote tours: drie, vier keer per week optreden. En maar door, door, door. Nu kregen we ineens de ruimte om te denken: wat willen we nog meer? Die serie was een droom. Ook op ander gebied hebben we stappen gezet. We vonden het belangrijk een eigen kantoor te hebben. Eerder zaten we thuis of in cafés voor overleg en interviews. En we hebben een manager genomen. Tot nu toe deden we alles zelf.”

De Boer: “Daarnaast zijn we begonnen aan een kinderboek, daar werken we nog aan. We grapten al jaren dat we zo’n kinderboek zouden maken als we ooit tegelijk zwanger zouden zijn. Kortom: we hebben een productieve, goeie tijd achter de rug, juist omdat we gedwongen uit een ander vaatje moesten tappen. Apathisch op de bank zitten is ook niks voor ons.”

Yentl: “Maar we hebben elkaar. Wij willen voor elkaar het beste en stimuleren de ander.”

De Boer: “Klopt. Maar zonder jou zou ik nog liever in een teststraat werken dan dat ik thuis zou gaan zitten wachten tot de telefoon gaat.”

Yentl: “En thuis was in de coronaperiode ook best intensief, met een kind. Je wilt creatief zijn en ook nog eens de beste moeder zijn.”

Voor jullie bevalling riepen jullie: we worden er niet zijig door. Is dat gelukt?

Yentl: “Hmmm. Misschien zijn we toch een beetje zijig geworden.”

De Boer: “Ik weet niet of het komt doordat ik moeder ben geworden of door corona. Maar het zorgeloze lijkt er een beetje af. Ik heb het gevoel dat meer mensen ongelukkig zijn, dat zwaarmoedigheid en tweedeling groeien. En ik maak me zorgen om het klimaat. Hoe geef ik de planeet aan mijn kind door? Hij moet over tachtig jaar nog wel kunnen ademhalen en ik hoop niet dat hij op zijn 40ste oorlog moet voeren om drinkwater, of dat het 56 graden is. Als ik die blonde haartjes zie, moet ik soms plotseling huilen.”

In wat voor wereld hopen jullie dat je kinderen opgroeien?

De Boer: “In een gelukkige wereld. Maar het zijn best grimmige tijden. Kinderen gaan met messen naar school, veel jongeren kampen met depressieve klachten. Ik hoop dat hij een blij ei wordt met veel leuke mensen om zich heen.”

Yentl: “Ik hoop dat mijn dochtertje krijgt wat ik heb gehad: een rustige, fijne jeugd. Dat ze kan doen waarvan ze droomt.”

Jullie vak verandert. Letten jullie meer op de grens van een grap, of op de inhoud van sketches?

Yentl: “We maken nooit echt grappen over de situatie in de wereld, we zijn van de tijdloze grappen en liedjes.”

De Boer: “Ik vind het wel goed hoor, om heel bewust en goed te kijken naar de inhoud. Het is een nieuwe tijd. En het is mooi dat iedereen een stem heeft, dat je ook moet opletten of je vanuit een soort geprivilegieerde positie onbewust niet iets kwetsends maakt. In de tv-serie wilden we een jaren 90-videoclip maken en hadden ons haar op een bepaalde manier gedaan, die zou kunnen refereren aan zwarte kapsels. Culturele toe-eigening dus. Onze regisseur Nina zei: ik wil checken bij zwarte vrienden of dat kwetsend is. Zij lieten weten: dit kan echt niet. Nou, dan boeit de verdere discussie mij niet. Dan doen we ons haar toch anders? Klaar. Net zo makkelijk. Er is een verschil tussen maatschappijkritisch cabaret maken en daarbij bewust tegen heilige huisjes trappen en, wat wij deden, per ongeluk iets kwetsends maken doordat je niet goed geïnformeerd bent. Als de grap even leuk blijft zonder te kwetsen, is de keus makkelijk gemaakt.”

Yentl: “Je moet openstaan voor verandering. Ik snap dat de gedachte vaak is: we doen toch ons best? Maar als je kijkt en vraagt, snap je eerder waar gevoelens van anderen vandaan komen. Daar kun je rekening mee houden.”

De Boer: “Sommige mensen blijven hangen in wat ze tien jaar geleden vonden, omdat ze het hypocriet vinden van idee te veranderen. Mensen gaan er soms met gestrekt been in omdat ik drie jaar geleden wat anders zei. Er bestaat toch ook nog voortschrijdend inzicht?”

Jullie kennen elkaar sinds 2005. Hoe houd je een duo goed?

Yentl: “We zijn beste vriendinnen en weten alles van elkaar. We kunnen makkelijk chillen met elkaar en niks zeggen. Maar we zijn pas sinds 2013 Yentl en de Boer. In die tijd hebben we moeten leren hoe je een duo bent. Je moet elkaar kritiek durven geven en daarvoor de juiste momenten uitzoeken. De ander in haar waarde laten. Belangrijk: dat je open bent en niets opkropt. Voorheen was dat wel zo. Dan word je chagrijnig.”

De Boer: “Bij ons hangt nooit iets in de lucht. Het is óf besproken óf geaccepteerd. Je moet ook weten wanneer je de ander even moet laten. We completeren elkaar. Zo voer ik vaker de moeilijke gesprekken als we niet meer met iemand willen samenwerken. Ik vind dat ook niet leuk, maar voor Yentl is het dertig keer erger. Zij zit vaker gedisciplineerd achter de computer, doet de facturen en financiën. Betaalt mensen uit. Dat vind ik de hel. Samen zijn we één geweldig persoon.”

Yentl: “Bij het schrijven van een lied komt bij Christine de tekst sneller, en bij mij de muziek.”

Zien jullie op werkgebied een toekomst zonder elkaar?

Yentl: “Dat gaat niet gebeuren.”

De Boer: “Nee, volgens mij ook niet.”

Yentl: “We zullen op een gegeven moment misschien wat projecten los van elkaar doen, maar Yentl en de Boer blijven centraal staan.”

Yentl en de Boer de Serie, vanaf 5 september, NPO 3

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden