Plus

Wordt een opinieblad monumentenzorg?

Vrij Nederland is op drift geraakt. Het tijdschrift, dat een jaar geleden een maandblad werd, zou overwegen de complete redactie te ontslaan, iets dat HP/De Tijd al eerder deed. Hebben de Nederlandse opiniebladen nog bestaansrecht?

Beeld Sjoerd van Leeuwen

Ooit was de wereld van de gedrukte media overzichtelijk. Er waren kranten voor het dagelijkse nieuws en er waren opiniebladen voor achtergrond, analyse en, inderdaad, opinie. Het blad op je koffietafel verraadde wie je was: in progressieve kringen las men Vrij Nederland, in conservatieve gezinnen Elsevier en onder linkse intellectuelen was De Groene Amsterdammer het lijfblad.

Die tijd is niet meer. Kranten namen in de jaren tachtig steeds meer de rol van opiniebladen over. Vooral in de zaterdagbijlagen en in de rond de millenniumwisseling gelanceerde magazines kwamen meer lange interviews, uitgebreide ­reconstructies en lijvige essays, voorheen het domein van de opinieweekbladen.

Die werden in het defensief gedrongen, al helemaal toen het internet zijn intrede deed en advertentie-inkomsten daardoor nog verder daalden. De oplagen van de vier nog bestaande opiniebladen is de afgelopen twintig jaar fors geslonken, en met name Vrij Nederland, dat in de jaren zeventig bijna 120.000 abonnees had, moet vrezen voor zijn voortbestaan.

Vorig jaar transformeerde het roemruchte tijdschrift al van week- tot maandblad, onlangs schreef NRC Handelsblad dat hoofdredacteur Ward Wijndelts alle ­redacteuren wil ontslaan en het blad voortaan door freelancers wil laten volschrijven. HP/De Tijd, sinds 2012 een maandblad, onderging dit proces al eerder: zelfs de hoofdredacteur werkt er op freelancebasis.

Welk bestaansrecht hebben de opinie­bladen nog? Wie leest ze, wat is hun functie?

Vrij Nederland
Hoofdredacteur Wijndelts wil niets loslaten over zijn vermeende reorganisatieplan. Uit de cijfers van het Nationaal Onderzoek Multimedia (NOM) blijkt dat het slecht gaat met het blad: de oplage zakte van ruim 28.000 in 2017 naar ruim 20.000 in 2018. John Jansen van Galen, voormalig Haagse Post-hoofdredacteur en schrijver van De gouden ­jaren van het linkse levensgevoel over Vrij Nederland, begrijpt het wel.

"Vroeger werd je nog ­weleens aangeschoten met de vraag: 'Heb je ­deze week de VN gelezen?' Dat hoor ik nu nooit meer. Er staan mooie stukken in, maar niets wat je gelezen moet hebben omdat je anders niet kunt meepraten. Als je VN doorbladert, krijg je al gauw de indruk: interessant, geschreven door goede stilisten, maar ik leg het eens opzij en zie wel of ik het nog oppak."

Ook ontbreekt het VN aan eigenzinnigheid, zegt Van Galen. "Vrij Nederland was vroeger uitgesproken, de intellectuele spreekbuis van links. Nu heeft het nauwelijks identiteit."

NRC meldde dat van de twaalf vaste krachten bij VN er nog drie zouden overblijven als Wijndelts' voorstel wordt aangenomen: twee ondersteunende redactieleden en hijzelf. Een onvermijdelijk plan, zegt Van Galen - een groep schrijvende redacteuren is veel te kostbaar voor een maandblad.

Dat Vrij Nederland op korte termijn wordt ­opgeheven, is onwaarschijnlijk. In de statuten van uitgever WPG staat dat het 'primaat' bij VN ligt, wat inhoudt dat het er alles aan moet doen om Vrij Nederland uit te geven.

Van Galen: "Ik denk dat het daardoor nog wel een tijdje uit kan zingen. En als VN toch verdwijnt, zal het medialandschap niet verarmen. Achtergrondreportages, interviews en reconstructies maken de dagbladen ook - en beter. Aan opinievorming ontbreekt het de lezer ook niet; kijk naar The Post Online of Joop."

Van Galen is niet droevig om de slechte staat van VN. "Het is niet anders. Als een blad geen functie meer heeft, wordt het monumentenzorg het nog langer in stand te houden."

Elsevier
Verreweg het grootste opinietijdschrift is Elsevier, al liggen de hoogtijdagen van het blad ook alweer even achter ons. Rond de eeuwwisseling had Elsevier nog zo'n 140.000 abonnees, daar zijn er nog 60.000 van over.

Volgens hoofdredacteur Arendo Joustra is ­Elsevier Weekblad, zoals het officieel heet, rechts noch conservatief. "We zijn scherp zonder ideologisch te zijn, maar uit discussies op de redactie blijkt wel dat we liberale opvattingen hebben." Wel wordt Elsevier gelezen door mensen die zich overwegend aan de rechterkant van het politieke spectrum bevinden.

Het blad ageert steevast tegen te hoge belastingdruk en het klimaatbeleid van het kabinet en waarschuwde al ver voor de opkomst van Pim Fortuyn voor de keerzijden van immigratie.

"Elsevier is een burgerlijk blad, en daar zijn we trots op," zei Joustra eerder dit jaar in deze krant. "Elsevier staat voor Nederlandse waarden, voor niet meegaan met alle nieuwe wanen en moderniteiten."

Overigens zal Elsevier, dat in 1891 werd opgericht als maandblad, niet lang meer onder haar eigen naam bestaan. Eind 2016 werd het tijdschrift door uitgever ­Relix (voorheen Reed Elsevier) verkocht aan het kleinere New School ­Media. Bedongen werd dat tot juni 2019 de naam ­Elsevier Weekblad gevoerd mag worden, daarna wordt het EW-Elsevier Weekblad, en vanaf ­december 2020 heet het EW.

De Groene Amsterdammer
De Groene Amsterdammer, opgericht in 1877, is het enige tijdschrift dat zich aan de misère weet te onttrekken. De oplage van het weekblad, door de intelligentsia liefkozend De Groene genoemd, stijgt al jaren. "De afgelopen tien jaar is het aantal lezers bijna verdubbeld, van 13.000 naar 24.000," zegt hoofdredacteur Xandra Schutte.

"Wij bedienen een niche, dat geeft ons de vrijheid om een slag intellectueler te zijn dan dagbladen, die een bredere doelgroep moeten bedienen. Doordat we elke week verschijnen kunnen we wel inspringen op de actualiteit, maar altijd met iets meer distantie dan kranten. De nadruk ligt op onderzoeksjournalistiek en diepgravende reflectie."

Naast artikelen over politiek en maatschappij is er in De Groene veel aandacht voor literatuur, filosofie en kunst. Het blad deinst ook niet terug om de stamina van de lezer te testen: artikelen van vijfduizend woorden zijn geen uitzondering.

De Groene Amsterdammer heeft twaalf schrijvende redacteuren in dienst. Zo'n vast team is essentieel, meent Schutte.

"Een opinieblad ademt de geest van de redactie. Die bepaalt de toon van het blad, maar is ook belangrijk voor de ideeënvorming. De beste artikelen ontstaan door permanent in gesprek te blijven als redactie. Het stuk dat in het blad komt, is bijna nooit het idee zoals dat in eerste instantie is geopperd."

HP/De Tijd
"Zoals je kunt horen aan mijn opgewekte stem gaat het best goed met HP/De Tijd," zegt hoofdredacteur Tom Kellerhuis. De oplage mag dan weer licht gedaald zijn het afgelopen jaar, van ruim 22.000 tot net iets meer dan 21.000 stuks: online gaat het naar wens, met maandelijks 600.000 unieke bezoekers.

"We gaan flink op online inzetten. We lanceren 1 mei een nieuwe website, met een betaalmuur en onlineabonnementen. Daar is de tijd nu wel rijp voor."

Toch ging het lang niet altijd zo prima met het blad. Toen Kellerhuis in 2014 aantrad, trof hij de redactie in 'miserabele' toestand aan. "Er zat nog één stagiair, die prompt was gepromoveerd tot hoofdredacteur. Ik dacht echt dat het was gedaan."

Twee jaar daarvoor werd HP/De Tijd een maandblad en vertrokken alle schrijvende ­redacteuren. Op dit moment werken er zo'n tien journalistieke medewerkers (hoofdredacteur, vormgevers, eindredacteuren, chef redactie en webcoördinator), allen op freelancebasis.

Over zo'n kern- of rompredactie, waar Vrij ­Nederland momenteel ook op afstevent, klinken vaak bezorgde geluiden. Zonder vaste schrijversploeg zou een titel smoel verliezen, en freelancers zouden niet de tijd krijgen om ­onderzoeksjournalistiek te bedrijven.

"Ik snap die stemmingmakerij niet, en ben het oneens met Xandra Schutte, die dat beweert. Ik zie geen kwaliteitsverschil in de stukken van freelancers en vaste redacteuren, en we sparren regelmatig met elkaar over ideeën. Een vaste redactie is log en duur. En mensen in dienst zitten veilig op een salaris, dus ze hoeven niet zo nodig. Wie voor ons schrijft, presteert elke maand, en is nooit ziek, zwak of misselijk."

Bestaansrecht heeft HP/De Tijd dan ook zeker, meent Kellerhuis. "We zijn niet links of rechts: we zijn pragmatisch, schrijven over ­zaken die ons interesseren. Onderzoek doen we ook nog steeds: denk aan de Han ten Broeke-affaire, die leidde tot het aftreden van het VVD-Kamerlid."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden