Plus

Wie volgt Beatrix Ruf en haar internationale erfenis op?

Ging Beatrix Ruf terecht weg bij het Stedelijk? Kenners zijn het niet eens. Maar over haar erfenis is meer eensgezindheid: ze bracht de nieuwste stromingen en spannende jonge kunstenaars. 'Ze sprong overal snel op in.'

Beatrix Ruf trad in 2014 aan als nieuwe directeur van het Stedelijk Museum. Beeld Jean-Pierre Jans

'Het is een verlies voor iedereen: het mu­seum, de stad, het land. De enige die met het terugtreden van Beatrix Ruf iets wint, is de journalist die een zogenaamde onthulling doet. De bericht­geving was speculatief. Als zo'n bericht momentum krijgt in de media, is er onvoldoende tijd om adequaat te reageren en worden er onherroepelijk ook politieke afwegingen gemaakt."

Paul Geertman, directeur van Aedes Real Estate en sponsor van het Stedelijk Museum, vertegenwoordigt het ene kamp in het koningsdrama rond Beatrix Ruf. Die groep, die zich ook stevig roert op sociale media, ziet een hetze.

Het andere kamp huldigt het standpunt 'don't shoot the messenger'. "Het is de taak van de journalistiek om feiten boven tafel te halen," vindt Xander Karskens, directeur van het Cobra Museum in Amstelveen. "En Rufs positie was onhoudbaar geworden."

Minder dan drie jaar geleden werd Beatrix Ruf binnengehaald als opvolger van de moeizaam communicerende Ann Goldstein. De voormalige directeur van Kunsthalle Zürich maakte een prima start. Ze fietste door Amsterdam, sprak al snel Nederlands en bleek goed benaderbaar.

Binnen het museum boterde het echter niet tussen haar en zakelijk directeur Karin van Gilst, die drie weken geleden opstapte. Dat was de opmaat voor een reeks artikelen in NRC Handelsblad, waarin Ruf werd beschuldigd van belangenverstrengeling en gebrek aan transparantie.

Een schenking van de Duitser Thomas Borgmann bleek gekoppeld aan een aankoop van 1,5 miljoen euro. Bovendien bleek Ruf een kunstadviesbedrijf te hebben dat in 2015 een winst maakte van ruim vier ton. Dinsdag maakte Ruf bekend haar functie neer te leggen.

Slimme tentoonstelling
Over Rufs erfenis bestaat weinig verschil van mening. Haar internationale oriëntatie en inhoudelijke kennis worden geroemd. Een enkeling is niet te spreken over haar programma, zoals verzamelaar Bert Kreuk. "Saaie shit," is zijn oordeel.

"Ze was doorgeslagen in de richting van sociaal-activistische kunst, die momenteel erg in is. Het grote publiek vindt het echter niks en dat zag je terug in de dalende bezoekcijfers."

Karskens roemt Ruf juist om haar engagement. "Ze had niet alleen oog voor de politiek-maatschappelijke actualiteit, maar wist ook heel snel op dingen in te springen en ze uit te werken. Dat is geen opportunisme. Bovendien toonde ze een hele reeks jonge kunstenaars, van Ed Atkins tot Jordan Wolfson en Seth Price, die de nieuwste stromingen vertegenwoordigen."

Kunstenaar Gabriel Lester vindt het jammer dat het weer 'een rommeltje' is in het Stedelijk. "Het grootste probleem is dat jong talent nauwelijks meer een podium heeft. Het is als in een echtscheiding. Papa en mama maken er een rommeltje van en twintig jaar later zeggen ze: we waren zo met onszelf bezig dat we de kinderen een beetje vergaten."

Bovendien vreest Lester dat dit voor sommige politici aanleiding is om 'de poten onder het instituut weg te zagen', door te korten op subsidies.

Volgens Benno Tempel, directeur van het Gemeentemuseum Den Haag, was de tentoonstelling van Isa Genzken in 2015/2016 het hoogtepunt van Rufs directeurschap. "Dat was de enige tentoonstelling die erin slaagde om de oudbouw en nieuwbouw met elkaar te verbinden. Die tentoonstelling zat heel slim in elkaar."

Ruf werd vaak verweten dat ze haar lievelingskunstenaars uit Zürich opnieuw in Amsterdam toonde, maar dat vinden veel betrokkenen logisch. Een tentoonstellingsmaker bouwt immers een netwerk om zich heen en begint bij een nieuwe baan niet bij nul.

Tempel: "Ze had een helder beleid met internationale hedendaagse kunstenaars. Dat waren deels herhalingen van wat ze al in Zürich had gedaan, maar het naar Nederland halen van die namen is ook goed. Binnen het Nederlandse spectrum kiest het Stedelijk voor een internationale aanpak, met veel buitenlandse bezoekers."

Verlekkerd kijken
Martijn Sanders, voormalig directeur van het Concertgebouw en voorzitter van het Stedelijk Museum Fonds: "Ze trok zich niet veel aan van de bestaande canon, maar wilde er juist aan bijdragen. Onder haar bewind was het museum meer avant-gardistisch dan in de voorgaande periode."

"Haar stijl sloot aan bij die van grote directeuren uit het verleden, Willem Sandberg en Edy de Wilde. Dat ze de collectiepresentatie helemaal vernieuwde, hoort daarbij."

"Ruf was in staat om kunstenaars van internationaal statuur te trekken," constateert Bart Rutten, die als hoofd collecties onder en met haar werkte totdat hij dit voorjaar artistiek directeur werd van het Centraal Museum in Utrecht.

Dat Rufs internationale netwerk wel degelijk het verschil maakte, illustreert Rutten aan de hand van de collectie-Borgmann, die het Stedelijk ontving in 2016. "Het was niet vanzelfsprekend dat die zeshonderd werken bij het Stedelijk terecht zouden komen. Grote, internationale musea zaten er verlekkerd naar te kijken. Maar het werd Ruf gegund."

"Dat de 1,5 miljoen euro, die daarnaast is betaald voor een immense installatie van Matt Mullican en zes belangrijke schilderijen van Michael Krebber, niet in de boekhouding zijn gekomen, is heel erg slordig. Maar gezien de kwaliteit van deze omvangrijke collectie heeft het Stedelijk haar kunnen verwerven voor een fractie van wat ze op de internationale markt waard is."

Ook galeriehouder Jorg Grimm vindt de Borgmanndeal heel aantrekkelijk. "Het Stedelijk heeft dit een beetje onhandig aangepakt. Als ze hadden gezegd: we kopen een aantal werken voor 1,5 miljoen, maar krijgen daar honderden werken voor een veelvoud van dat bedrag gratis bij, dan heb je een heel ander verhaal."

Complexe geschiedenis
Ruf richtte zich op de internationale kunst­wereld maar bewoog zich, anders dan haar voorganger Ann Goldstein, ook regelmatig in het Amsterdamse galeriecircuit. "Haar internationale netwerk was ook een aanwinst voor kunstenaars hier," stelt grafisch ontwerper Irma Boom, bekend van talloze boeken met internationale kunstenaars.

"Ze sprak ook mij aan met de vraag waarom mijn werk wel in de collectie van het MoMA zat maar niet in die van het Stedelijk. Daar heeft ze toen iets aan gedaan."

Of het Stedelijk na het vervroegde vertrek van twee buitenlandse directeuren weer in staat zal zijn een internationaal zwaargewicht aan zich te binden, wordt alom betwijfeld.

"Ik denk dat het nu lastiger is geworden om een geschikte directeur te vinden," zegt Els van Odijk, directeur van de Rijksakademie. "Een kandidaat stapt in de sporen van een complexe geschiedenis, waardoor hij of zij toch twee keer zal na­denken."

Sommigen pleiten voor een Nederlander. "Sjarel Ex van Boijmans in Rotterdam of Benno Tempel van het Haagse Gemeentemuseum," stelt Bert Kreuk voor. "Die kennen de cultuur en zijn van onbesproken gedrag." Anderen willen vooral rust in de tent. Karskens: "Een volgende directeur moet stabiliteit brengen en lang zitten."

Lees ook deze lezersbrieven over het opstappen van Ruf: 'Stedelijk is speeltje geworden van de rich and famous' (klik)

Tempel laat desgevraagd weten geen belangstelling te hebben, maar ook dat er genoeg geschikte kandidaten zijn. "Kijk naar directeuren en collectiehoofden van grote en middelgrote musea in Europa. Daar zitten veel geschikte kandidaten bij."

Geloven in mythes
Ron Soonieus, partner van adviesbureau Camunico en bestuurslid van diverse culturele organisaties, kan nog wel iets positiefs zien in de huidige situatie. "Het ontbreekt het museum al heel lang aan een duidelijke identiteit en strategie. Ook Ruf lukte het niet om die neer te zetten. Nu is er de ruimte om wel scherp te definiëren wat het museum wil en kan zijn."

"Daarvoor is rust en tijd nodig en een directeur die deze ambities als uitgangspunt neemt, niet die van zichzelf. De kans dat zo iemand ook in de Power 100 van ArtReview staat, acht ik zeer gering."

Ook Tempel vindt dat de raad van toezicht de identiteit van het museum nu scherper moet definiëren. "Ze zijn de core van hun identiteit kwijt en geloven in hun eigen mythes. Vooral de mythe van Sandberg is heel hardnekkig en werpt een reuzengrote schaduw over het museum."

"Het Stedelijk van Sandberg is nooit zo bijzonder geweest. Wat hij deed paste in een internationale context. In het Moderna Museet in Stockholm gebeurden bijvoorbeeld vergelijkbare dingen. Bovendien heeft Edy de Wilde veel beter verzameld."

En juist die verzameling twintigste-eeuwse kunst, daar zou het museum volgens Tempel veel meer van moeten profiteren. "Dan zou het Stedelijk een internationaal belangrijke speler kunnen worden."

1.500.000

Het Stedelijk kreeg een gewilde, kostbare collectie van de Duitse verzamelaar Thomas Borgmann, maar verzuimde te melden voor enkele werken 1,5 miljoen euro te hebben betaald.

Mogelijke opvolgers

Dirk Snauwaert (1963)
Artistiek directeur bij Wiels, centrum voor hedendaagse kunst in Brussel, sinds 2004. Ervaring in Duitsland en Frankrijk. Heeft een internationaal netwerk en een scherpe blik op ontwikkelingen in de mondiale kunst. Werd ook in 2014 genoemd als mogelijke kandidaat.

Hans-Ulrich Obrist (1968)
'Starcurator' met bijna legendarische status. Maakte zijn eerste tentoonstelling als 23-jarige in zijn keuken. Vaste waarde in de Art Review Power 100. Momenteel artistiek ­directeur van Serpentine ­Gallery in Londen.

Ann Demeester (1975)
Van oorsprong Vlaamse letterkundige, bouwde in twintig jaar ijzersterk cv. Begonnen als assistent van kunstpaus Jan Hoet werkte ze in het Belgische SMAK en het Duitse Marta. In Amsterdam gaf ze leiding aan W139 (2003-2006) en De Appel (2006-2014). Nu directeur van het Frans Hals ­Museum in Haarlem.

Rein Wolfs (1960)
Nederlandse veteraan die het goed doet in het buitenland. Naast zes jaar als hoofd presentaties bij Boijmans Van Beuningen gaf hij leiding aan grote instellingen in het Zwitserse Schaffhausen en Zürich, en Kassel en Bonn in Duitsland.

Okwui Enwezor (1963)
Van oorsprong Nigeriaanse dichter en kunsthistoricus, baarde opzien als directeur van Documenta 11 (2002). Grossiert in biënnales en andere internationale megatentoonstellingen. Sinds 2011 directeur van Haus der Kunst in München. Kent het Stedelijk van de tentoonstelling Snap Judgments, die hij er in 2008 maakte.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden