PlusInterview

Waarom de band Supersister een biografie van 1000 pagina’s verdiende

Supersister maakte in de vroege jaren zeventig progressieve rock. Fred Baggen schreef een lijvige biografie van de groep waarvan zanger en toetsenist Robert Jan Stips nog altijd actief is in de muziek.

Supersister  in 1970 met (vlnr) Ron van Eck (bas), Marco Vrolijk (drums), Sacha van Geest (dwarsfluit), Robert Jan Stips (toetsen, zang).  Beeld
Supersister in 1970 met (vlnr) Ron van Eck (bas), Marco Vrolijk (drums), Sacha van Geest (dwarsfluit), Robert Jan Stips (toetsen, zang).

Supersister – Looking Back, Naked telt 968 pagina’s. Uitgevers worden doorgaans nerveus van zulke dikke boeken, maar ik zie dat u de eigenaar bent van Aldus Boek Compagnie, uitgever van het boek.

“Klopt. Ik mag die dingen zelf beslissen. Bij andere uitgaven wegen commerciële belangen zwaarder, maar dit is ook een heel kleinschalig project. We hebben 750 exemplaren van het boek laten maken en ik hoef er niet mee te leuren bij de boekhandels: het is alleen verkrijgbaar via een speciale website en die van de band.”

Wat maakt Supersister tot zo’n bijzondere groep dat ze een biografie van tegen de duizend pagina’s verdient?

“De band had het geluk tegen een maniakale fan aan te lopen die ook van schrijven houdt. Supersister maakte voor Nederland uitzonderlijke muziek, die wel wordt vergeleken met die van Soft Machine en Frank Zappa. Er zijn niet veel bands die zich op zo’n positie kunnen beroemen. Ik houd al lang van Supersister, nu was het tijd mijn liefde voor hun muziek te koppelen aan de liefde voor het schrijven. Eerder schreef ik boeken over onder meer de Satanskerk en Casa Rosso.”

U bent 53, niet oud genoeg om Supersister bewust te hebben meegemaakt.

“Ik heb het reünie-optreden van Supersister in 2000 in Paradiso meegemaakt, toen hadden ze al 27 jaar niet meer gespeeld. Ik zeg altijd dat ik vijftien jaar te laat ben geboren voor de muziek waar ik van houd. Ik houd ook van jazzrock; de elektrische periode van Miles Davis. En ik heb jaren heel fanatiek naar The Doors geluisterd. Die zet ik nu nooit meer op, de muziek zit in mijn hoofd.”

Hoe leerde u Supersister kennen?

“Als tiener in de jaren tachtig maakte ik lijsten van groepen die ik wilde leren kennen. Daar stond ook Supersister op en in de bibliotheek van Sittard, waar ik op school zat, hadden ze hun debuutalbum Present from Nancy. Zoiets had ik nog nooit gehoord: bijzondere stereo-effecten, een krijsend Farfisaorgel, fuzzbass, waanzinnig drumwerk, dwarsfluit, afwisselende ritmes… Het was een openbaring.”

U hebt veel research voor u boek gedaan. Was wat u zocht makkelijk te vinden?

“Ik heb veel thuis gedaan, maar heb ook veel veldwerk verricht en veel mensen geïnterviewd. Robert Jan Stips zelf was een grote bron van informatie. Echtgenoten en ex-vriendinnen van bandleden hadden plakboeken en knipselmappen. Die bevatten vaak uniek materiaal: artikelen uit buitenlandse kranten en bladen, contracten.”

Wat was uw grootste ontdekking?

“Mag het ook de leukste zijn? Al op zestienjarige leeftijd ambieerde Robert Jan Stips een solocarrière. Hij maakte in de jaren zestig deel uit van Provocation, de schoolband van het Haagse Grotius Lyceum, maar was tussendoor een half jaar blueszanger. Hij wilde kijken of hij dat ook kon. Uiteindelijk keerde hij toch terug naar Provocation, waaruit later Supersister is ontstaan. Robert Jan heeft een enorme vernieuwingsdrang, is altijd op zoek naar nieuwe horizonten.”

Fred Baggen. De auteur is tegelijk ook uitgever van het boek. Beeld Judith Zandwijk
Fred Baggen. De auteur is tegelijk ook uitgever van het boek.Beeld Judith Zandwijk

Goed verhaal ook dat componist Peter Schat ooit van Robert Jan Stips wilde weten hoe hij al die bijzondere geluiden uit zijn orgel haalde, maar dat Stips te stoned was om te kunnen antwoorden.

“Robert Jan was zeker geen excessief drugsgebruiker, maar hij rookte wel eens een jointje. Uitgerekend bij die ontmoeting met Peter Schat was hij te ver heen om te kunnen praten. De wereld van Schat was helemaal niet zo ver verwijderd van die van Supersister. Robert Jan deed conservatorium, de groep speelde ook vaak op conservatoria, ze zullen daar meer componisten hebben ontmoet.”

De muziek van Supersister wordt vaak beschouwd als een Nederlandse variant van de Canterbury Sound van Engelse groepen als Soft Machine en Caravan, die rock, jazz en psychedelica mengden. Terecht?

“Denk ik wel. Canterbury is in dit geval meer dan een topografische regio, er zijn ook Franse groepen die je ertoe zou kunnen rekenen. Zeker de eerste twee albums van Supersister hangen dicht tegen dat Canterburygeluid aan. Het zit ook in de manier van zingen, die net als bij Caravan vooral niet rockachtig is. Rock is masculien, dit is eerder licht vrouwelijk, erudiet ook.”

Het is Supersister nooit echt gelukt door te breken in het buitenland, ook al was de gezaghebbende BBC-disjockey John Peel fan van de muziek.

“Maar ze hebben wel twee tours gedaan in Engeland, toerden ook in Italië en ze deden regelmatig optredens in Frankrijk, Duitsland en België. Het eerste album is ook verschenen in de Verenigde Staten. Het was allemaal voor een klein publiek, maar ze stelden wel degelijk iets voor in het buitenland.”

Robert Jan Stips had na 1974 een lange en bonte, nog altijd voortdurende carrière en speelde in Golden Earring, Sweet d’Buster en The Nits. Hoe verhoudt dat alles zich tot Supersister?

“Robert Jan zelf zegt altijd: the first cut is the deepest. Die vroege muziek betekent veel voor hem, dat is duidelijk. In wat hij later maakte, zaten vaak muzikale of tekstuele verwijzingen naar Supersister.”

“Golden Earring is een verhaal apart. Supersister was nog maar net uit elkaar of Cesar Zuiderwijk stond bij hem op de stoep: ga je met ons mee op tournee door Amerika? Heel andere band, heel andere muziek, maar Robert Jan zei meteen ja. Hij is nooit bang geweest iets totaal nieuws te gaan doen.”

Had een lijvig boekwerk als dit niet een register moeten hebben?

As we speak ben ik ermee bezig. Eerlijk gezegd zijn we qua omvang een beetje uit de bocht gevlogen met dit boek. Hooguit 600 pagina’s zouden het worden, maar daar zijn we dus flink overheen gegaan. Een uitgebreid register zou het nog dikker hebben gemaakt. We wilden ook dat de voorintekenaars het voor de feestdagen in huis hadden. Het register waar ik nu aan werk gaan we binnenkort online zetten.”

Non-Fictie

Fred Baggen
Supersister – Looking Back, Naked
Aldus Boek ­Companie, €29,90.
Te bestellen via supersister-de-biografie.nl en supersister.nl.

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden