PlusInterview

Violiste Liza Ferschtman: ‘Ik durf steeds meer alles in te zetten’

Het is te danken aan de Wigmore Hall, de Londense concertzaal die het verst vooruit plant van allemaal, dat we de komende jaren in Nederlandse kerken en zalen kunnen genieten van violiste Liza Ferschtman met de Sonates en Partita’s van Johann Sebastian Bach.

Liza Ferschtman: ‘Hoe meer je kunt spreken op je viool, hoe beter je je publiek bereikt.’Beeld Marco Borggreve

‘Ik weet al heel lang dat ik in januari 2023 in Londen die stukken ga spelen,” zegt Liza Ferschtman aan de telefoon. “En zoiets moet je opbouwen. Dus was ik van plan over een tijdje Bach in kerken en kleine zalen te gaan spelen, en later in wat grotere. Maar nu mijn agenda, zoals bij iedere musicus, door de coronacrisis is schoongeveegd, was dit een uitgelezen kans meteen maar aan het studeren te slaan.”

Dat klinkt alsof ze die beroemde werken van Bach voor viool solo voor het eerst gaat uitvoeren, maar niets is minder waar. De grote Chaconne uit de Partita nr. 2 is zelfs het stuk dat ‘ik in mijn leven het allervaakst heb gespeeld’.

Hoezeer ze dat stuk heeft geïnternaliseerd en hoe verzengend mooi ze het kan spelen, liet ze op 6 mei horen tijdens de Empty Concertgebouw Sessions, ook op YouTube te bekijken. “Dat was nog midden in de stilteperiode. Ik greep de mogelijkheid om daar te spelen met beide handen aan. Het was een bijzondere ervaring in die lege Grote Zaal. Je hebt altijd een publiek nodig, maar bij de Chaconne keer je zozeer naar binnen, dat je je eigenlijk altijd heel alleen voelt en zeker in het Concertgebouw, in die ruimte en die akoestiek. Bach zette Sei Solo op de titelpagina van het manuscript, ‘wees alleen’. Misschien bedoelde hij Sei Soli, zes solo’s, maar Sei Solo is wel zo toepasselijk.”

Van alle Sonates en Partita’s kent ze de Partita nr. 1 in b klein relatief het minst goed. “Vanwege de toonsoort en zeker ook de vorm is die moeilijk. Alle violisten spelen die minder vaak en ik dus ook. Het publiek heeft meestal ook niet meteen houvast omdat er minder onmiddellijk aansprekende melodieën in zitten. De muziek heeft iets statigs, iets naar binnengekeerds en melancholieks.”

Ontdekkingstocht

De mooiste versie die ze kent, is trouwens die van de Amerikaanse mandolinespeler Chris Thile (ook op YouTube te bewonderen; je weet niet wat je ziet en hoort).

Deze stukken van Bach spelen, is een oneindige ontdekkingstocht, zegt ze. “Soms voel je dat je er bijna bent en dan komt er een vrijheid in je spel waar je al een hele tijd naar op zoek bent. Ik zoek de ontspanning die hoort bij heel goede cellisten, maar die is op een viool moeilijker te bereiken omdat je in de Sonates en partita’s meer akkoorden en harmonieën moet spelen dan in de Cellosuites.” Door haar viool omlaag te stemmen naar 415 Hz (‘voor het juiste geronk en gezoem’) en de lichtste strijkstok te gebruiken die ze heeft, probeert ze de gewenste ontspanning te stimuleren.

“Ik heb heel veel hulp aan Anner Bijlsma’s boek Senza Basso, waarin hij zijn inzichten als vooraanstaand Bachvertolker heeft opgeschreven. De humor en de frisse blik, gevormd door zijn persoonlijkheid en kennis, zijn diep inspirerend. Zijn centrale punt is dat je in die stukken praat. Je bent als een soort dominee aan het vertellen over de grote menselijke dingen des levens. En de laatste jaren durf ik daardoor steeds meer alles in te zetten om de retoriek te ondersteunen. Vaak gaat dat om minuscule details, die veel teweegbrengen. Er wordt in die stukken in de romantische uitvoeringspraktijk vaak teveel gladgestreken. Dat gaat ten koste van ‘het verhaal’ dat je wilt vertellen, al is dat zo langzamerhand een cliché geworden en dus een beetje een ongelukkig manier om het te verwoorden. Maar de kern is: hoe meer je kunt spreken op je viool, hoe beter je je publiek bereikt. Maar ik word natuurlijk nooit echt een barokviolist. Ik ben overigens van mening dat het niet zou hoeven uitmaken of je op een moderne viool of een barokviool speelt.”

Op YouTube is bij haar fantastische vertolking van de Chaconne te zien dat ze tijdens het spelen pumps met angstaanjagend hoge hakken draagt. Hoewel ze er zeer solide geaard en verankerd op staat, zou je denken dat je wel prettiger schoeisel zou kunnen aantrekken als je op het punt staat dit hoogst virtuoze stuk te spelen.

Vorm van ijdelheid

Ze moet lachen om de opmerking. “Ik ben het gewend. Die hoge hakken zijn mijn concertschoenen. Ze horen bij het ritueel. Bij een dansvoorstelling van LeineRoebana heb ik die ­Chaconne ook gespeeld, wel een keer of dertig zelfs, en toen liep ik op blote voeten, net als de dansers. Ik werd er nóg geaarder van. Misschien zijn die hakken ook wel een vorm van ijdelheid, of zelfs onzekerheid. Eigenlijk wil je je op een podium zo comfortabel voelen als in je studeerkamer en daar draag ik ook geen hoge hakken. Ik ga er eens over nadenken.”

Liza Ferschtman speelt Bach, 20/8 Oude Kerk, Soest, 23/8 Vredeskerkje, Bergen aan Zee, 26/8 Willem Twee, Den Bosch, 29/8 Waalse Kerk, Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden