Plus

Viktor & Rolf: 'Ons handschrift? Strak barok'

Voor Viktor & Rolf is mode veel meer dan een mooie jurk. Zij verbinden al 25 jaar esthetiek met maatschappijkritiek en zelfreflectie, inclusief surrealistische knipoog. De Kunsthal in Rotterdam viert hun jubileum met een retrospectief.

Rolf Snoeren (op de foto) en Viktor Horsting balanceren in hun werk vol overtuiging tussen schoonheid en twijfel. Beeld Imke Panhuijzen

Ze mogen Rihanna, Björk, ­Madonna, Cate Blachett en Michelle Obama tot hun fans rekenen. Lady Gaga droeg een van hun creaties in de ­video van haar nummer Telephone. En Mabel Wisse Smit gaf prins Friso het jawoord gekleed in een jurk van hun hand.

Binnen het nationale modelandschap staan Viktor Horsting en Rolf Snoeren op eenzame hoogte. Sinds ze als eerste Nederlanders werden toegelaten tot de Chambre Syndicale de la Haute Couture, de organisatie die bepaalt wie een plekje krijgt op de hautecouturekalender, opereren ze als gelijken tussen grote internationale modehuizen als Chanel, Dior en Armani.

Ze hebben naam gemaakt met theatrale, spraakmakende shows waarin de grenzen van de mode van elastiek lijken te zijn. Jurken vertonen gaten alsof er een horde uitgehongerde wolven op los is gelaten. Modellen zijn omwikkeld met oversized strikken of omhangen met 70 kilo jute. En op de catwalk zingt Tori Amos een slaapliedje vanachter de piano.

Parijs beschouwen de ontwerpers als hun 'modethuis,' maar Amsterdam is hun woonplaats. In de 17de-eeuwse voormalige burgemeesterswoning aan de Herengracht werken ze met een twintigkoppig team aan de volgende wintercollectie die op 4 juli wordt gepresenteerd in Parijs.

Tegelijkertijd bereiden ze zich voor op de opening van Viktor & Rolf: Fashion Artists 25 Years, hun jubileumtentoonstelling in de Rotterdamse Kunsthal.

Uit die tentoonstellingstitel spreekt een bepaalde ambiguïteit. Beschouwt u zichzelf meer als kunstenaars of als modeontwerpers?
Rolf: "We hebben die titel verzonnen omdat het een vraag is die ons vaak gesteld wordt. Uiteindelijk is het allebei: wij voelen ons fashion ­artists."

Viktor: "Wat ons misschien anders maakt dan andere ontwerpers is dat we mode gebruiken om verhalen te vertellen. Maar dan wel binnen de context van mode. Een show is bij ons een performance. Tegelijkertijd kijken we heel goed naar de wetten, de regels van het spel en wat je ermee kunt doen. En daar vragen bij stellen."

Atomic Bomb uit 1998 ging over de angst voor het aanstaande nieuwe millennium, Black Hole uit 2001 was een reactie op 9/11. De verhalen die u met uw collecties vertelt zijn vaak maatschappelijk geëngageerd.
Rolf: "Mode is een vertaling van de tijdgeest. Wij zijn niet zo geïnteresseerd in trends. Het gaat ons meer om het vertalen van alles wat je ziet en hoort in iets wat betekenis heeft."

Viktor: "Mode is een medium en dat gebruiken we op verschillende manieren. In de laatste couturecollectie zijn we bijvoorbeeld bezig geweest met recycling. Wij zijn ons stoffenarchief ingedoken en hebben een nieuwe collectie gemaakt op basis van alle oude stoffen die we nog in huis hadden."

"Alleen tule hebben we toegevoegd als nieuw materiaal. Dat hebben we allemaal door elkaar gevlochten en verweven. ­Vanuit hetzelfde idee hebben we een kleine ­collectie ontworpen en die samen met Zalando geproduceerd. Dan kun je een veel groter publiek aanspreken."

U uit regelmatig kritiek op de mode-industrie. De On Strike-collectie uit 1996 bestond uit een postercampagne waarmee u in staking ging ­tegen het moordende ritme van de mode-­industrie. Waar komt die behoefte vandaan om uw eigen werkveld zo de maat te nemen?
Rolf: "Het modesysteem fascineert ons mateloos maar het irriteert ook, het wringt. Als we ergens betekenis aan willen geven dan moeten we daar iets mee doen."

Viktor: "We willen dingen ook altijd ana­lyseren. Als iets ons irriteert, dan gaan we
daar oeverloos over praten."

Parijs beschouwen de ontwerpers als hun 'modethuis,' maar Amsterdam is hun woonplaats. Op de foto: Viktor Horsting. Beeld Imke Panhuijzen

Rolf: "Er zijn zoveel regels en wetten binnen de mode. En wij vragen ons daarvan af: waarom is dat zo? En kan dat anders?"

Hoe wordt daarop gereageerd door collega's?
Rolf: "Het duurt vaak even. We hadden een keer een collectie rondom het woord NO, alles was NO. Een paar jaar later zei iedereen: het modesysteem is oververhit en dat jullie collectie ­vatte dat heel goed samen. Maar toen we het ­deden was er veel tegenstand. Zo van: je hebt wel kritiek, maar geen oplossing."

Die reactie is misschien niet zo vreemd. Sommige collecties lijken een diep gevoelde frustratie uit te stralen. Zodanig dat je bijna zou denken: waarom gaat u niet iets anders doen?
Viktor: "Ik denk dat ambivalentie een beter woord is dan frustratie. Wij voelen veel ambi­valentie, niet alleen over mode maar überhaupt in het leven. We hebben ervoor gekozen dat te gebruiken in plaats van te ontkennen.

"Er is ­binnen ons werk inderdaad kritiek en twijfel, maar ook een groot gevoel voor romantiek en schoonheid. En altijd de drang om iets te ­maken."

Is dat ook de reden waarom u ooit gekozen heeft voor de mode?
Viktor: "Als ik voor mezelf spreek: ik vond mode altijd iets mysterieus en magisch. Wij zijn van voor het internet. Een doodenkele keer zag je een tijdschrift of tv-programma en dat had iets heel bijzonders, wat je in je dagelijks leven niet ziet."

"Parfumreclames bijvoorbeeld of foto's van een show in Parijs. Nu hoef je maar op Instagram te kijken en je wordt ermee doodgegooid. Dat was toen niet. Dat gevoel van mysterie heeft me altijd gevoed."

Rolf: "Er zijn maar weinig disciplines waar ­alles zo samenkomt. Die shows, dat is echt ons werk. Die tien minuten, het is zo geconcentreerd. Dat vind ik heel mooi."

Viktor en Rolf kwamen elkaar tegen op de kunstacademie in Arnhem. Na hun afstuderen in 1992 vertrokken ze naar Parijs, waar ze vergeefs probeerden een baan te vinden. De ommekeer kwam een jaar later. Het tweetal nam deel aan de belangrijkste modewedstrijd ter wereld, de Salon Européen des Jeunes Stylistes in het Zuid-Franse stadje Hyères.

Hun grote baljurken, gemaakt van tweedehands kleding en goedkope lappen, bliezen de jury omver, die ze meteen alle beschikbare prijzen toekende. Ze werden naar het podium geroepen als Viktor & Rolf. Een merk was geboren.

Hoe kwam u erbij om samen deel te nemen aan die wedstrijd?
Viktor: "We hadden altijd het idee dat het te gek zou zijn om met z'n tweeën iets te ondernemen en het moment was gewoon daar. We hebben die mogelijkheid voor onszelf gecreëerd...."

Rolf: "....omdat er die wedstrijd was in Zuid-Frankrijk. Het was voor ons echt een eenmalig project. We dachten: we doen mee en daarna gaan we ergens werken. Toen we die wedstrijd wonnen, ging iedereen ervan uit dat wij een merk waren. Maar dat zat helemaal niet in ons hoofd. We zijn er door anderen over gaan nadenken. Het is ons bijna overkomen."

Hoe werkt u samen? Is er bijvoorbeeld een vaste rolverdeling?
Rolf: "Wij zijn analytisch ingesteld, maar deze samenwerking werkt goed, we weten niet precies waarom en dat analyseren we dan weer niet echt. Dan gaat het mysterie misschien ­kapot."

Viktor: "Het startpunt is altijd de datum van de nieuwe show. We beginnen met praten. ­Vervolgens maken we schetsen, die we heen en weer schuiven."

Rolf: "Soms gaat het snel, maar soms moet je het er echt uittrekken."

Wat doet u in geval van een impasse?
Viktor: "Dan komt er een deadline en moet je het forceren. Maar daar gaat wel een enorme periode van chagrijn aan vooraf. Als het moment komt dat we tegen elkaar zeggen 'misschien moeten we maar geen show doen dit seizoen' dan beginnen we te voelen dat er echt iets moet gebeuren. En dan komt er altijd weer wat. Want geen show is natuurlijk geen optie."

Hoe zou u uw eigen handschrift omschrijven?
Viktor: "Strak barok."

En wat zijn wat u betreft de meest onderscheidende elementen daarvan?
Viktor: "We werken altijd met een uitgesproken silhouet. Dat kan variëren van een atoombom tot iets met een A-lijn rok."

Action Dolls, uit de haute couturecollectie van 2017. Beeld Marijke Aerden

Rolf: "En het is op een of andere manier surrealistisch. Dingen zijn uitvergroot of andersom of herhaald. Er is altijd wel iets dat niet klopt. Wat wij uiteindelijk willen is een complex en gelaagd ontwerp neerzetten, dat niet gelijk te doorgronden is."

Uw materiaalgebruik is heel divers, van zijde en satijn tot neopreen en pvc. Heeft u bepaalde voorkeuren?
Viktor: "Bij ons komt het materiaal eigenlijk pas als we weten waar we naartoe willen. Wij zullen niet snel dingen vanuit een materiaal ontwerpen. Maar omdat we graag vormen bouwen, ­gebruiken we vaak compacte en stijve materialen."

In het jaar 2000 namen Viktor & Rolf afscheid van de haute couture. Ze wilden meer dan collecties maken die alleen op de catwalk gezien worden door een kleine elite en daarna in het museum belanden.

Ze gingen zich toeleggen op het ready-to-wear segment: kleding die daadwerkelijk verkocht en gedragen kan worden. Hun shows bleven echter altijd couturestukken bevatten. Het bleef Viktor & Rolf en daar hoort spektakel bij.

In de beginjaren ging het commercieel voor de wind. Er waren samenwerkingen met onder andere Swarovski en H&M, maar ook met kinderwagenfabrikant Bugaboo en koffergigant Samsonite.

Vijf parfums werden gelanceerd en een boetiek in Milaan geopend. Maar de crisis hakte er stevig in en daarna leek de rek eruit. The Final Curtain-collectie uit 2015 was de laatste ready-to-wear collectie.

Waarom hebt u toentertijd de overstap ­gemaakt naar ready-to-wear?
Rolf: "Wij dachten: als modeontwerper moet je ready-to-wear hebben. Zo moet je opereren als merk. Totdat we erachter kwamen dat we daar niet gelukkig van worden."

Waarom niet?
Rolf: "Het ging veel te snel. Wij zijn toch het ­beste in couture en concepten, niet in de best draagbare broek voor de beste prijs."

Toch heeft u 13 jaar ready-to-wear gemaakt. Wat heeft u meegenomen van die jaren?
Viktor: "Snelheid. We kunnen nu veel sneller werken."

Wat publiek betreft biedt ready-to-wear de mogelijkheid meer mensen aan te bereiken. Dat zou u moeten aanspreken.
Rolf: "Het was eigenlijk nog steeds een elite­publiek. De hele modewereld bestaat uit elitepubliek. Daarom vinden wij het zo leuk dat ons werk nu te zien is in de Kunsthal. Nu kan iedereen het zien."

Uit de NO ready-to-wear collectie, in museale opstelling. Beeld Wayne Taylor

Viktor: "Bovendien is deze tentoonstelling een selectie van wat wij het sterkste vinden van de afgelopen 25 jaar. Die stukken gaan een relatie met elkaar aan die nooit eerder bestond."

Rolf: "Plus: we kunnen het eindresultaat ook echt controleren. We kunnen precies zeggen: nu is een collectie af. Een modeshow kun je niet oefenen. En wij zien de show zelf nooit. Dat is een heel andere vibe."

Terugkijkend op die 25 jaar, wat vindt u zelf sleutelstukken of hoogtepunten in uw oeuvre?
Viktor: "De Russian Doll-collectie was een belangrijk moment. Alleen al omdat het zo'n extreme keuze was om maar één model te gebruiken, dat we op het podium zelf hebben aangekleed, laag over laag."

"Wij vonden het zelf een beetje eng. Niet zozeer de performance, maar dat je zoiets presenteert als modeshow, als couture, in Parijs. Het kon ook helemaal misgaan. Maar er werd goed op gereageerd. Vaak is dat trouwens wel een criterium: als we het zelf eng vinden, is het een teken dat het iets nieuws is."

Rolf: "De eerste coutureshow die we weer deden na 13 jaar ready-to-wear, in 2013, was ook belangrijk. Die ging over rust en concentratie. Alle patronen van de kleding waren gemaakt op een bepaalde manier van zitten en staan. Dat was mooi als de modellen gingen lopen, want dat gaf heel rare vormen. Uiteindelijk eindigde het als een zentuin. Alles heeft z'n plek, alles heeft z'n reden."

Welke collecties of shows beschouwt u als minder geslaagd?
Viktor: "We hadden een keer een show waar we om zijn verguisd. De modellen konden niet zo goed lopen omdat ze klompen met hakken droegen. Het idee was dat ze allemaal hun ­eigen eilandje waren, hun eigen catwalkshow."

"Ze hadden hun eigen licht op de schouders, een hele constructie. We hadden alles geoefend maar in de zaal kregen ze een spotlight op zich gericht waardoor ze niets meer zagen. Het was een fiasco."

Rolf: "De slechtste kritieken ooit!"
Viktor: "Maar in het museum ziet het er ­schitterend uit."

U bent ooit begonnen met de ambitie een modehuis op te zetten dat ook na uw vertrek zal voortbestaan. Geldt die ambitie nog steeds?
Rolf: "We hebben geleerd dat het een modehuis moet zijn op onze eigen voorwaarden. Niet op een manier waarvan iedereen denkt dat het moet. We zijn heel dankbaar voor alles wat ons overkomen is. Het enige dat we nu niet meer willen, is tienjarenplannen maken. We willen tevreden zijn in het moment en mooi werk ­maken."

Viktor & Rolf: Fashion Artists 25 Years: 27/5 t/m 30/9 in Kunsthal Rotterdam.

Kunsthal vip-evenement 26/5: interview met Viktor & Rolf door gastcurator Thierry-Maxime Loriot.

The House at the End of the World, 2005, ready-to-wear. Beeld David LaChapelle Studio

Cv

Viktor Horsting (Geldrop, 1969) & Rolf Snoeren (Dongen, 1969)

1989-1992 Kunstacademie Arnhem, afdeling mode
1993 Drie prijzen op Salon Européen des Jeunes Stylistes, Hyères
1994 Eerste museale groepstentoonstelling: L'Hiver de l'Amour in Parijs
1999 Eerste publicatie: Viktor & Rolf 1993-1999
2000 Eerste ready-to-wear collectie voor vrouwen: Stars and Stripes
2000 Eerste museale retrospectief: Viktor & Rolf Haute Couture in ­Groninger Museum
2003 Eerste ready-to-wear collectie voor mannen: Monsieur 1
2004 Ontwerp kostuums 2 Lips and Dancers and Space van Nederlands Dans Theater
2005 Lancering eerste parfum voor vrouwen: Flowerbomb
2005 Opening eerste boetiek in Milaan
2006 Lancering eerste parfum voor mannen: Antidote
2013 Opening flagshipstore in Parijs
2015 Laatste ready-to-wear collectie: Final Curtain

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden