PlusBoeken

Vertaling Tsjechov leest als een trein onder de onmetelijke Russische hemel

Anton Tsjechov in het midden, omringd door acteurs van het Moskous Kunsttheater in 1898. Beeld Getty Images
Anton Tsjechov in het midden, omringd door acteurs van het Moskous Kunsttheater in 1898.Beeld Getty Images

Bij bijna ieder kort verhaal van Anton Tsjechov denk ik aan het einde van zijn weergaloze toneelstuk Oom Vanja. De melancholieke Sonja zegt daar onder meer dat we moeten ‘leven!’ Met een uitroepteken. Dat het leven zwaar is en vol beproevingen, maar dat God zich ooit over ons zal ontfermen en dan komt er een nieuw, stralend leven en ‘we zullen op het ongelukkige bestaan van nu terugkijken met vertedering, met een glimlach (…)’

Wat hier wordt gezegd, is wat in bijna alle verhalen van Tsjechov terugkomt: de onstuitbare drang te léven en nog eens te léven, tegen alle klippen op, hoop op betere tijden, de hoop die kracht geeft, de moed die hoop te hebben.

De dertig beste verhalen is de efficiënte titel van deze nieuwe uitgave. Uit zijn rijke oeuvre is nog wel een boek met dertig beste verhalen samen te stellen, en nog een. Ik beschouw Tsjechov als een van de grootste schrijvers uit de wereldliteratuur, de koning van het korte verhaal, door veel eminente schrijvers als leermeester geëerd. En voor iedereen die wil begrijpen wat literatuur moet doen, is het inspirerend je in dat meesterschap te verdiepen.

Hoewel, verdiepen? Dat is niet eens nodig, lees de verhalen, blijf ze herlezen, wat niet moeilijk is, want ze blijven levenslang aantrekkelijk.

Tranen

Van al die verhalen, die ik door en door ken, wil ik tekens wéér weten wat erin op het spel staat en hoe ze aflopen. Telkens wil ik de betoverende vertelkunst weer op volle kracht meemaken, opgaan in het drama dat altijd heftig een drama is, de tranen zien, de handen die in wanhoop ten hemel worden geheven, de klachten en verzuchtingen horen, de wodka proeven en me laten verbluffen door de superieure natuur die eeuwig is en zich niets aantrekt van alle mislukkingen, beslommeringen en triomfen.

Die vertelkunst maakte Tsjechov zich al vroeg eigen. Kon ook niet anders: hij begon met het schrijven van korte verhalen voor kranten en tijdschriften. Dat stelde een paar basiseisen aan een verhaal, waarvan de belangrijkste (nog steeds) zijn dat de lezer binnen een paar zinnen moet weten in wat voor een verhaal die verzeild is geraakt, wie de hoofdpersoon is en wat die wil. Graag in een niet al te gecompliceerde stijl.

Nogmaals, Tsjechov publiceerde zijn verhalen in kranten en tijdschriften en die moesten snel gelezen kunnen worden tussen alles wat de krant of het tijdschrift nog meer te bieden had. Klinkt simpel, maar is hard werken. De dwingende levendigheid van het begin moest gehandhaafd blijven en om de lezer af en toe op adem te laten komen, kwam de natuur te hulp.

In het eerste verhaal is die er al in tweede alinea, lekker sentimenteel, wat bij Tsjechov nooit een probleem is: “In de tuin was het stil en koel; over het gras lagen donkere, roerloze schaduwen. Van heel ver weg, mogelijk zelfs van buiten de stad, klonk de roep van kikkers. Mei, de lieve meimaand, was aangebroken! De lucht nodigde uit tot diep inademen en tot gedachten aan de geboorte van een andere lente, buiten in de bossen en velden, mysterieus, wondermooi, weldadig en heilig, ontoegankelijk voor de zwakke, zondige mens. Je zou zomaar willen huilen.”

Zoveel humor

Met die laatste woorden brengt hij het verhaal weer terug bij de mensen die vaak alle reden tot huilen hebben, want haast altijd leiden ze een leven dat niet is wat het zou moeten zijn. Nooit brengt een natuurbeschrijving het ritme van een verhaal om zeep. Integendeel, soms zit je er op te hopen en daarna heb je meteen weer zin verder te lezen.

En zóveel humor! Neem het verhaal Hartje. In de eerste zinnen zit een vrouw voor haar huis in gedachten verzonken. De uitbater van een amusementspark staat woedend op het erf te schelden op de regen en op het publiek van zijn park, en niet zo’n beetje ook. Nee, niet uit te leggen, je voelt de slappe lach grommen. Geweldig. De vrouw krijgt medelijden en wordt verliefd, terwijl het ook nog een onooglijk mannetje is. Dat is tekenend voor Tsjechov, dat is de kern van zijn prachtige werk: mededogen.

Het nawoord in dit onweerstaanbare boek is van Sophie Levie, de vertaling van Hans Boland: als een trein onder de machtige en onmetelijke Russische hemel.

Fictie

Anton Tsjechov
De dertig beste verhalen
Vertaald door Hans Boland
Athenaeum-Polak & Van Gennep, €49,99, 752 blz.

De dertig beste verhalen van Tsjechov, Beeld
De dertig beste verhalen van Tsjechov,
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden