Plus

Van Gogh was Hockneys leermeester, nu hangen ze naast elkaar

Als student bezocht David Hockney een expositie in Manchester met werken van Vincent van Gogh. Het veranderde zijn blik op de wereld. Nu hangt Hockneys werk naast dat van de leermeester. 'Een schilder als Van Gogh groeit met je mee.'

David Hockney Beeld Bertrand Rindoff Petroff/Getty

David Hockney zit amper op zijn stoel, in een toonzaal van het Van Gogh Museum, of hij legt zijn hand op de arm van een van zijn gesprekspartners en vraagt wanneer die voor het laatst De kleine Toren van Babel van Pieter Bruegel heeft gezien. "Kijk," zegt hij dan, terwijl hij de afbeelding zoekt in een boek over Bruegel, dat hem zojuist door een medewerker van het Van Gogh Museum in handen is gedrukt. "In mijn studio in Los Angeles hangt een reproductie. Of beter gezegd: een extreem grote, haarscherpe print. Zo'n drieënhalve meter hoog. Als je er vlak voor staat, moet je omhoogkijken om de bovenkant van de toren te zien. En je moet omlaagkijken om het water te zien. Dat is toch geweldig? Dat er geen einde is? Die perspectieven... Bruegel hoort bij wat wel de Vlaamse Primitieven wordt genoemd. Primitieven! Maar het is ­fucking geniaal. En zelfs meer dan dat."

Sterrenstatus
De 81-jarige Hockney - pet, groen vest, das, bordeaux­rode schoenen en vrolijk likkend aan een lolly - zit op zijn praatstoel, al kwam de afspraak niet zomaar tot stand. Tweemaal vroeg hij om uitstel, omdat hij in zijn Amsterdamse suite aan het werk was, of even lag te slapen.

Hockney is een kunstenaar met sterrenstatus, zeker sinds zijn schilderij Portrait of an Artist (Pool with Two ­Figures) vorig jaar voor het recordbedrag van ruim 90 miljoen dollar werd geveild. Hij ondergaat het, zo'n geldbedrag zegt weinig over zijn werkwijze of over zijn intenties, stelt hij. "De veilingprijzen voor mijn werk hebben niets met mij te maken. Oscar Wilde zei: 'De enige persoon die alle soorten kunst waardeert is een veilingmeester'."

Hij maakt een weids armgebaar. "Kijk naar de schilderijen van Van Gogh in dit museum. Het enige wat ik belangrijk vind, is dat die meer dan honderd jaar na zijn dood zo direct met mij communiceren. Van Gogh is voor mij een hedendaagse kunstenaar, net als Bruegel. Goede kunst overleeft de tijd en raakt mensen ook in de verre toekomst."

Het is een eer, benadrukt Hockney, dat zijn werk in Amsterdam wordt getoond in combinatie met Van Gogh. Als student, in de jaren vijftig, zag hij schilderijen van Van Gogh op een expositie in Manchester. Sindsdien kijkt hij anders naar de wereld.

"Een schilder als Van Gogh groeit met je mee. Als jongen viel ik voor vooral zijn kleurgebruik. Zoiets had ik nog nooit gezien. Die kleuren dwongen mij, kan ik wel zeggen, om aan mijn eigen achtergrond te ontsnappen en de wereld in te gaan. Nu zie ik vooral hoe helder hij alles waarnam. Van Gogh zag de dingen extreem helder. Hij zag ruimte - veel beter dan andere kunstenaars. Als je Van Gogh drie weken had opgesloten in een derderangs kamer in een motel ergens in een gehucht dan zou hij nog met meesterwerken naar buiten zijn gekomen."

Hockney is gefascineerd door de menselijke blik en het idee dat we eigenlijk allemaal iets anders zien. "Wat is ­deze ruimte precies? Zien jij en ik deze ruimte echt, of zien we objecten? Zien we hetzelfde? De magie van schilderkunst is dat je een ruimte kunt creëren waarin alles ­tegelijk gebeurt."

Duizenden perspectieven
Hockney wenkt een van zijn assistenten, die hem binnen een paar tellen de catalogus van zijn recente tentoonstelling in Los Angeles komt brengen: Something New in Painting (and Photography) [and even Printing]...

Hij laat een van zijn nieuwste werken zien. "Dit is toch net driedimensionaal," zegt hij dan. "Ik weet niet hoe ik het doe, maar ik maak tegenwoordig foto's en collages die op een bepaalde manier ruimtelijk zijn. Het oude perspectiefbeeld kende geen ruimte. Er was maar één verdwijnpunt, en dan stopt de tijd. Daarom verveelt fotografie me ook zo. Het is één specifiek moment - platgeslagen. Schilderijen zijn eindeloos. Als de toeschouwer tenminste de tijd neemt en bereid is om te kijken."

"Als je schildert, moet je naar de wereld kijken. Echt ­kijken! Dat kost tijd, maar als je het doet, ga je steeds meer zien. Meer kleur, meer perspectieven. Kijk eens goed om je heen: alleen hier zie je al duizenden perspectieven. Het is een kwestie van loskomen van dat benauwde gezichtspunt."

Hij haalt zijn iPhone uit zijn zak om iets uit te leggen over perspectieven. "Ik was in het Rijksmuseum en het Rembrandthuis en zag de minuscule portretten die Rembrandt maakte. Net postzegels, maar met een ongeloof­lijke zeggingskracht."

Hockney veegt wat over het telefoonscherm en laat een Rembrandttekening zien van een moeder die haar kind leert lopen. "Schitterend natuurlijk, maar je ziet ook dat haar handen niet zo duidelijk zijn, omdat het perspectief Rembrandt dwong om afstand te houden."

Dan volgt een Picassoschilderij, ook een moeder met een kind. "Het kubisme stelt Picasso in staat dat perspectief los te laten. Zo komen de moeder en het kind van Picasso dichtbij en wordt het werk opvallend warm en teder. ­Picasso is tot nu de enige die kubisme menselijk wist te houden. Ik heb het ook geprobeerd. Het is me niet gelukt."

Verdwijnpunt in de lucht
Op de expositie hangt ook Hockneys schilderij dat hij inspireerde op Meindert Hobbema's beroemde Het Laantje van Middelharnis, uit 1689. "Ik zag het op mijn achttiende, in The National Gallery in Londen. Dat beeld ben ik nooit meer kwijtgeraakt. Het lijkt alsof het maar één verdwijnpunt heeft, aan het einde van het weggetje, maar Hobbema maakte een tweede verdwijnpunt in de lucht. Zo dwingt hij ons om het hele schilderij te onderzoeken. Je kijkt vanzelf naar boven, omdat de bomen op de voorgrond zo hoog zijn."

Hockney werkt naar eigen zeggen 'altijd en overal, al is het maar in mijn hoofd', en daarbij gebruikt hij graag de nieuwste technologieën. Hij schetste op de iPhone en de iPad, en werkt nu volop met de computer. "Ik ben alleen geïnteresseerd in technologie die is bedoeld voor het maken van beelden. Dat ik fotografeerde was logisch. Dat ging om het maken van beelden. In de jaren tachtig tekende ik al met behulp van de computer, maar de technologie was nog niet zo goed. Het duurde een eeuwigheid voordat de lijn die ik tekende daadwerkelijk op mijn scherm verscheen. Dat werkt niet voor iemand zoals ik. Een kunstenaar wil snel resultaat zien. De iPad betekende in dat opzicht een doorbraak."

In de zomer van 2010 sliep hij in een kamer in Rillington, North Yorkshire. De zon kwam op om een uur of half vijf. Hij ervaarde dat moment als betoverend. "Opeens realiseerde ik me dat ik de zon met mijn iPad kon tekenen terwijl ik in mijn bed lag. Ik hoefde er niet uit om kwasten, verf en water te pakken; dat zat allemaal in die iPad. En je kunt het ook nog in het donker doen. Zo heb ik tal van tekeningen gemaakt."

Bonen eten
Zijn scheppingsdrift is en blijft hevig, zegt hij met een brede lach. Hij zou niet weten hoe hij moest stoppen. "Van Gogh had de pech dat hij zijn tijd ver vooruit was en nooit de erkenning heeft gekregen die hij verdiende. Toch ging hij maar door. Stel je eens voor hoe hij in zijn laatste jaren leefde. In de ochtend zette hij bonen op het vuur om daarna de deur uit te gaan om te schilderen. Als hij thuiskwam, at hij zijn bonen. In de avond schreef hij brieven aan zijn broer, waarin hij het had over zijn schilderijen
en zijn kunst, en vervolgens ging hij een paar uur slapen. De volgende dag zag er net zo uit. Hij had misschien een miserabel leven, maar hij wilde niets anders. Hij wilde schilderen. Alleen dan raakte hij in vervoering."

Na een week in Amsterdam vertrekt Hockney morgen naar Normandië. Hij heeft genoten van zijn dagen in ­Nederland. "Ik ben hier in de jaren zeventig meermaals geweest; het boek Grimm's Fairy Tales, waarvoor ik illustraties heb gemaakt, is hier gedrukt. De laatste keer was vijftien jaar geleden, toen stond alleen het oude gebouw van het Van Gogh Museum er. Ik wist niet dat er zulke ­grote zalen waren, waar deze kolossale schilderijen in passen. Amsterdam is een geweldige stad. Ik zie veel jonge mensen op de fiets. Dat maakt deze plek springlevend. In New York, vooral op Manhattan, is dat allang niet meer zo. Die plek is te duur geworden voor jonge mensen, met als gevolg dat zij verdwijnen en de energie plaatsmaakt voor de verveeldheid van rijke zakenmensen."

Normandië
In Normandië stort hij zich de komende maanden op een volgend project. Hij gaat 'het voorjaar' schilderen: The Arrival of Spring in Normandy in 2019. "Mijn inspiratiebron is het tapijt van Bayeux. Dat is zeventig meter lang; als je er langsloopt, beleef je de slag bij Hastings in 1066. Dat ga ik ook proberen. Ik ga een lang en smal schilderij maken, te beginnen met de bomen in de winter. Zo loop je langzaam de lente tegemoet. Ik kan niet wachten om eraan te beginnen. Het wordt een soort film, maar dan met die wonderlijke werking van de schilderkunst: de toeschouwer zélf zorgt ervoor dat het beeld gaat bewegen."

Hockney stopt de lolly voor de zoveelste keer in zijn mond - een teken dat hij nu echt naar buiten moet om te roken. Op weg naar de uitgang zegt hij: "Weten jullie dat in Normandië veel meer bloesemsoorten zijn dan in East Yorkshire? Het gaat van de kersenbloesem via de perenbloesem naar de appelbloesem. En ze komen allemaal op een ander moment uit. Voor mij, de man die dit gaat schilderen. Snap je nu waarom ik nooit zal stoppen? Schilderen houdt mijn hart op gang."

Lees ook: Expo over invloed Van Gogh op Hockney

Hockney in het Van Gogh Museum

Hockney - Van Gogh: The Joy of Nature in het Van Gogh Museum laat de invloed van Vincent van Gogh op het werk van de Britse kunstenaar David Hockney zien. De tentoonstelling is geopend van 1 maart t/m 26 mei.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden