PlusAchtergrond

Van Gogh schilderde tijdens psychose: ‘We zien de typische blik van een patiënt’

De authenticiteit van het schilderij Zelfportret (1889) van Vincent Van Gogh werd lang in twijfel getrokken, maar na onderzoek concludeert het Van Gogh Museum dat Van Gogh het zelfportret wel degelijk maakte, aan het eind van zijn eerste, zware psychose. ‘We zien hier een patiënt, een soort schichtig vogeltje.’

Zelfportret (1889), Vincent Van GoghBeeld Nasjonalmuseet Oslo

Het schilderij uit Oslo is het enige werk dat in verband kan worden gebracht met het zelfportret dat Van Gogh op 20 September 1889 in een brief aan zijn broer Theo beschreef als ‘een poging […] uit de tijd dat ik ziek was’ . Van Gogh werd midden juli 1889 overvallen door een zware psychose die anderhalve maand zou duren. Aan het einde van die crisis was hij nog ‘in de war’, zoals hij op 22 augustus schreef, maar desondanks voelde hij zich weer in staat om te schilderen. 

Het zelfportret moet kort na 22 augustus zijn ontstaan en werd begin september gevolgd door zijn twee beroemde zelfportretten uit 1889, nu in de collectie van de National Gallery of Art in Washington en het Musée d’Orsay in Parijs.

In tegenstelling tot die twee laatstgenoemde werken, toont het zelfportret uit Oslo nadrukkelijk een mentaal ziek persoon. Van Gogh heeft zichzelf afgebeeld met licht gebogen hoofd en het lichaam iets weggedraaid. De zijdelingse, schuwe blik is goed herkenbaar en komt vaak voor bij psychotische trekken vertonende, depressieve patiënten. Zijn gelaat heeft een levenloze, neerslachtige expressie die wordt versterkt door de overheersend mistroostige, bruingroene tint. 

Louis van Tilborgh, senior onderzoeker Van Gogh Museum en hoogleraar kunstgeschiedenis van de Universiteit van Amsterdam over het onderzoek: ‘Hoe bang Van Gogh destijds ook was om te erkennen dat hij nu in dezelfde toestand verkeerde als zijn medebewoners in de inrichting, waarschijnlijk maakte hij het portret om te kunnen berusten in wat hij in de spiegel zag, namelijk iemand die hij niet wilde zijn, maar wel was. Het is mede daarom een bijzonder, vermoedelijk therapeutisch werk, het enige waarvan we zeker weten dat Van Gogh het maakte tijdens een psychose.’

‘Waarschijnlijk vals’

In 1970 verscheen een nieuwe editie van de oeuvrecatalogus van Jacob Baart de la Faille, die bedoeld was als een autoritaire, gezaghebbende publicatie waarin voor altijd afgerekend werd met vervalsingen. Daarin werd het zelfportret in Oslo beschouwd als authentiek van Van Gogh. Maar experts hadden openlijk twijfels. De kleur was vreemd en de manier van schilderen klopte niet met hoe Van Gogh normaal schilderde. Bovendien was het type doek dat gebruikt was ongewoon voor Vincent. Bovendien was niet duidelijk wanneer het schilderij geschilderd zou moeten zijn en waar hij het in zijn brieven noemt.

Er was lang onduidelijkheid waar het portret dan geschilderd zou moeten zijn: in Arles, Saint-Rémy of Auvers-Sur Oise. Van Tilborgh: “Men dacht heel lang dat het zijn laatste zelfportret was. Vervolgens dacht men dat het wel eens in Saint-Rémy geschilderd kon zijn en toen werd het ook verbonden aan een briefcitaat, maar dat was het verkeerde briefcitaat.”

In 2002 is het schilderij onderzocht door een restaurator van het museum in Oslo, die concludeerde dat het schilderij waarschijnlijk vals was. Hij vond het gebruikte doek en de manier van schilderen niet in overeenstemming met een echte Van Gogh. Vervolgens heeft een wetenschapper in het museum in 2006 een onderzoek naar de herkomst van het doek en daar kwam uit dat het uit het bezit kwam van mevrouw Ginoux en haar man, de eigenaren van het nachtcafé dat door Van Gogh geschilderd is.”

Droefgeestige kleur

Van Tilborgh vond dat het gebruikte doek in overeenstemming is met de doeken die Van Gogh in september 1889 gebruikte. Het was inderdaad vreemd dat van Gogh zijn gezicht met een paletmes had bewerkt, maar hij kwam tot de conclusie dat dit toch een doel diende. “Waar gaat het nou precies om? Dat paletmes is gek, dus de interventie die hij heeft gepleegd in het gezicht door het glad te strijken is gek. Maar dat is het strikt genomen niet. Ook in andere schilderijen heeft hij de levendigheid onderdrukt door een paletmes te gebruiken. En dat is precies wat hier gebeurd is. Hij heeft een droefgeestige kleur gebruikt. Je zou het moddergroen kunnen noemen. Dat is een typische kleur die hij in Saint-Rémy gebruikte. De reden waarom hij dat doet is dat hij op dat moment depressief was. Je ziet een typische patiënt.”

Er blijkt ook een brief te zijn waarin Van Gogh – die zich inmiddels genezen had verklaard van zijn psychose – aan zijn broer vraagt om meer schildersmaterialen omdat hij weer wil gaan schilderen. Van Tilborgh: “We zien hier dus een patiënt, een soort schichtig vogeltje en ook iemand die vanuit zijn ooghoeken in de spiegel kijkt. Dat is een typische blik van een patiënt want die willen niemand in de ogen kijken.

“Ik denk dat we hier een typische protestant zien die begrijpt dat hij een patiënt is en begrijpt dat hij dat moet accepteren. Wat doe je dan, kijk in de ogen van degene die je bent en die je eigenlijk niet wil zijn. Dat is dit portret.”

Zelfportret (1889) is momenteel te zien op de derde verdieping van het Van Gogh Museum. Vanaf 21 februari zal het te zien zijn in In the Picture, een tentoonstelling die volledig draait om de rol en betekenis van het kunstenaarsportret. Daarna zal het werk terugkeren naar Oslo waar het vanaf de opening van het nieuwe Nasjonalmuseet in de lente van 2021 permanent te zien zal zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden