PlusAchtergrond

Van Gogh had een hekel aan tulpen, Monet vond ze schitterend

Claude Monet moet zijn ogen hebben uitgekeken toen hij Nederland in 1886 bezocht. In Rijnsburg en ­Sassenheim was de Franse schilder onder de indruk van de ‘enorme velden vol bloemen, wonderlijk mooi overigens, maar wel om de arme schilder gek te maken. Het is niet te doen met ons povere palet.’

Claude Monet - Bollenveld met windmolen van Rijnsburg.
 Beeld Musée d’Orsay
Claude Monet - Bollenveld met windmolen van Rijnsburg.Beeld Musée d’Orsay

Monet, die in totaal zes schilderijen in de bollenstreek maakte, is prominent opgenomen in het boek De schilders van de Duin- en Bollenstreek van ­Werner van den Belt en Bob Hardus.

Terecht, want Monet bracht de ­kleurenpracht van de bollenvelden prominent in beeld. Monet had overigens tijdens zijn bezoeken aan Nederland – in 1871, 1874 en 1886 – veel oog voor motieven die wij nu een beetje stereotiep zouden vinden. Molens aan het water, grachtenhuizen, oude havens, zeilschepen, de besneeuwde Gelderse Kade en houten ophaalbruggen. Het zijn onderwerpen die tegenwoordig worden geassocieerd met buitenlandse toeristen, wat ­Monet natuurlijk ook was.

Noodgreep

Monet was met zijn motiefkeuze nogal een buitenbeentje. De schilders van de Duin- en Bollenstreek is een wat ongemakkelijk boek, omdat keer op keer duidelijk wordt dat veel beeldend kunstenaars helemaal geen oog hadden voor kleurige bollenvelden. Te kitscherig, te kleurig, te kunst­matig vonden ze in de negentiende eeuw al. Beroemde Nederlandse kunstenaars brandden er hun vingers niet aan. De dominante kunststroming was de Haagse School met een gedempt, somber palet, waardoor deze beweging ook wel werd aangeduid als de ‘grijze school’. Ook latere generaties als George Breitner, Isaac Israëls, Willem Witsen, Kees van Dongen, Leo Gestel en Jan Sluijters liepen met een grote boog om de bollen­velden heen.

De titel van het boek lijkt vooral een noodgreep. Het is duidelijk dat de schrijvers een kunsthistorische verhaallijn wilden aanbrengen, maar dan zouden er grote gaten in het ­verhaal vallen. Om dat op te vangen werd de Duinstreek uit de hoge hoed getoverd, waardoor de tekst en de beeldselectie zich niet hoefden te beperken tot bollenvelden. Zo konden ook negentiende-eeuwse schilderijen worden opgenomen van het Noordzeestrand en het bijbehorende vissers­leven, destijds razend populaire ­thema’s.

Vol fouten

Storend is ook dat het boek vol fouten staat. Van Van Gogh zouden meer dan 8000 brieven bewaard zijn gebleven – dat zijn er veel minder. De tulpenmanie vond volgens de auteurs plaats in de zestiende eeuw – dat was honderd jaar later. En de academie in Den Haag wordt ‘Rijksacademie’ genoemd, terwijl die in Amsterdam staat. Wat waarschijnlijk wel klopt is dat Van Gogh wordt gepresenteerd als allereerste kunstenaar die een ­bollenveld naar de werkelijkheid schilderde. Dat waren, misschien niet toevallig, hyacinten. Van Gogh had een gruwelijke hekel aan tulpen, vanwege de associatie met hebzucht en speculatie tijdens eerdergenoemde tulpenmanie.

Maar dit schilderij van Van Gogh was een beetje een losse flodder. Het schilderen van bollenvelden bleef het domein van een enkele Amerikaan, Belg of Duitser.

Hotelkamer

Dat veranderde enigszins met schilders als Ferdinand Hart Nibbrig, Gerrit Willem Dijsselhof en Anton Koster, die een wat kleurrijker palet hanteerden dan de voorgaande generatie. Alexej von Jawlensky componeerde in 1916 een bijna abstract tulpenveld en Jan Cremer schilderde tulpen­velden uit de herinnering, vanuit zijn New Yorkse hotelkamer. Tulpen ­waren een aanleiding om geome­trische kleurvlakken te schilderen of een ironisch commentaar op het landschap, zoals bij Lucassen. De Franse kunstenaar Daniel Buren maakte in 1987 en 1988 bij de Keukenhof een kunstwerk met duizenden tulpen in lange, gestreepte banen. Tulpen werden ineens conceptuele land art.

Werner van den Belt en Bob Hardus, De schilders van de Duin- en Bollenstreek, WBooks, €22,95, 240 blz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden