PlusAchtergrond

Van couture tot de rafelranden: 250 jaar Amsterdamse modegeschiedenis in De Nieuwe Kerk

Maison Amsterdam, de modetentoonstelling in De Nieuwe Kerk die zaterdag opent, is qua timing een wrange maar welkome oppepper. De geroemde vrijzinnigheid van de stad staat er centraal, een reminder nu het uitgaansleven platligt.

Ook de iconische straatfotografie van Ed van der Elsken ontbreekt niet op de expositie.  Beeld Nederlands Fotomuseum / Ed van der Elsken
Ook de iconische straatfotografie van Ed van der Elsken ontbreekt niet op de expositie.Beeld Nederlands Fotomuseum / Ed van der Elsken

Werkelijk iedere ontwerper die werd gevraagd werkte maar wat graag mee, sommigen maakten een speciale creatie voor de tentoonstelling. Zo is Maison Amsterdam het feestje geworden waar we al zo lang naar snakken: een viering van alle modecreativiteit die er in de stad huist, een feest der zelfexpressie. Amsterdam mag dan de allure van Parijs ontberen, het is al jaren de jeanshoofdstad van Europa, de eigenzinnigheid van ontwerpers als Viktor & Rolf, Iris van Herpen en Ronald van der Kemp wordt internationaal zeer gewaardeerd. De Zeedijk is een broedplaats van streetwear en multi-creatieven, én het was The Fabrikant aan het Singel die ‘s werelds eerste virtuele jurk via een blockchainevent verkocht voor ruim 8000 euro.

Maar láng daarvoor was er al Fong Leng die met haar leren patchworkmantels en wilde zondagmiddagfeestjes in haar boetiek in de P.C. Hooftstraat – veel champagne, een blote borst hier en daar – het establishment choqueerde. Weer zo’n honderd jaar dáárvoor bedacht iemand een zogeheten wandelrok waarin een koord was verwerkt, waardoor deze iets kon worden opgehaald om zo comfortabel door het Vondelpark te kuieren. Dat alles en nog veel meer, dat moest te zien zijn in De Nieuwe Kerk.

Trouwjurk met hotpants

Op papier waren de plannen voor de tentoonstelling dan ook wel erg groots, je loopt er met zevenmijlslaarzen door 250 jaar modegeschiedenis, maar dat voelt in de praktijk – verrassend – niet irritant vluchtig. Er ís ook zoveel interessants bewaard gebleven – in het depot van het Amsterdam Museum in Noord alleen al 7000 kledingstukken en accessoires, en het ís ook doodzonde om een ontwerper over te slaan. En dan boden ook nog eens particulieren spontaan fantastische stuks aan, waaronder een trouwjurk met hotpants uit 1971 van Frans Molenaar.

Derhalve was het een hele puzzel om álles erin te krijgen, zegt projectconservator Ninke Bloemberg van het Centraal Museum Utrecht, dat voor deze gelegenheid de handen ineensloeg met het Amsterdam Museum en De Nieuwe Kerk. Twee jaar werd er aan de tentoonstelling met de ondertitel ‘de stad, de mode, de vrijheid’ gewerkt. Het resultaat is een ontdekkingstocht met bekende en onbekende ontwerpers uit heden en verleden. Begeleidende teksten mogen dankzij de verruimde coronamaatregelen gelukkig weer uitgebreider zijn. Daarbij is er een audiotour waarin Bianca du Mortier, conservator Kostuum van het Rijksmuseum, vertelt over het eerste chique Amsterdamse modepaleis Hirsch, maar ook model Sophie van Kleef die een boetiek runde, couturier Jan Taminiau en Bonne Reijn zijn er te horen.

Ook zijn er korte films te zien met persoonlijke verhalen. Zo legt Jeangu Macrooy de symboliek uit achter zijn songfestivaloutfit, vertelt mode-journalist Aynouk Tan over haar kleurrijke uiterlijk en een breed genderspectrum, en verhaalt Peter Bercx, Korps Mariniersveteraan, over zijn missie naar Sarajevo om vrede af te dwingen. “Dit uniform is alles wie ik ben, daarom sta ik ook met trots op vier mei op de Dam. Dit uniform staat ook voor vrijheid, en vrijheid is niet vanzelfsprekend.”

Snuffelen aan japonnen

Publiek wordt in De Nieuwe Kerk virtueel verwelkomd door burgemeester Femke Halsema voorzien van regenboogambstketen, en struint er langs de Dam, Zeedijk, Oostelijke Handelskade en het Vondelpark. Het kan er snuffelen aan japonnen van tweehonderd jaar oud, proteststijlen uit de hippie- en punkbeweging en reformjaponnen die artistiekelingen droegen naar het Concertgebouw, aangevuld met foto’s van Ed van der Elsken, Paul Huf en George Breitner. Het Keti Koti Festival in het Oosterpark komt aan bod, met schitterende hoofddoeken (angisa’s) en volumineuze rokken (koto’s), die zich na de slavernijperiode ontwikkelden met invloeden uit verschillende culturen. Onder meer te zien in een ontwerp van Xhosa.

In de zogeheten catwalkzaal komt alles wat Amsterdam te bieden heeft op artistiek gebied samen, zegt Bloemberg. “Van Max Heymans tot Daily Paper en de vaginabroek die Duran Lantink maakte voor de videoclip van Janelle Monáe, meer Amsterdam kun je toch niet hebben.” De mannequins zijn goudgespoten, in stijl met het beroemde koorhek en de kroonluchters. Alle historische stuks worden er gepresenteerd op torso’s – maatwerk – omdat het rugpand veel smaller is dan tegenwoordig gebruikelijk. “Vrouwen stonden vroeger met hun schouders naar achteren, dat zijn wij verleerd.”

Tanja Trijbels met een mantel en hoed van couturier Max Heymans op het Leidsplein in 1961. Beeld Hans Dukkers/Maria Austria Instituut Model
Tanja Trijbels met een mantel en hoed van couturier Max Heymans op het Leidsplein in 1961.Beeld Hans Dukkers/Maria Austria Instituut Model

Pieter Eckhardt, conservator van De Nieuwe Kerk krijgt kippenvel van De Roze Genderkapel, waar een ontwerp van Ninamounah gecombineerd wordt met de jurk die outsiderkunstenaar Alex Naber ontwierp in samenwerking met Sophie Hardeman, én een outfit van Robert Jasper Grootveld, aka de rookmagiër van het Spui, die in de jaren vijftig al in drag over straat ging en in de jaren zestig happenings hield waarbij hij rondom Het Lieverdje danste en mensen al kettingrokend waarschuwde tegen de tabaksindustrie. Zijn kleding wordt opgeluisterd door een audiofragment van Freek de Jonge.

Even verderop waan je je er in ‘de intieme uitgaanskapel’ weer even in Club RoXY, waar iedereen zichzelf kon zijn. Te zien: een outfit van dj Joost van Bellen, waarvan de broek destijds achter de RoXY-draaitafel live beschilderd werd door kunstenaar Jurriaan van Hall. Liep Swan, eveneens behorend tot het interieur van de club, stelde een rode Vivienne Westwood set uit de befaamde piratencollectie (1981) beschikbaar. Van Bellen hangt er ook groot op een foto, samen met kunstenaarsmuze Zu Browka, tijdens een feest in Paradiso. Zu heeft best heimwee naar de hedonistische jaren tachtig. “Toen je na een nacht doorhalen om 06.00 uur halfnaakt naar huis kon lopen en de politie (‘Schat, is het weer zover’) je een lift gaf.”

Je vraagt je af wat zeeheld Michiel de Ruyter, hij ligt sinds 1677 in een grafkelder onder de gewelven, vindt van wat er boven zijn hoofd hangt. Zoals de custommade leren outfits van festisjmerk Herr bijvoorbeeld, veel gedragen in Club Church en op Wasteland.

Verbinder en verhalenverteller Karim Adduchi ontroert met een creatie waarin hij jodendom, christendom en de islam verenigt. Tweehonderd jaar oude priestercapes uit Zuid-Holland mixte hij met een jas gekregen van de chassidische gemeenschap in Antwerpen en een Marokkaans tapijt, waarop hij drie mannen met verschillende religieuze achtergronden uitnodigde om de jurk af te zoomen met een koord om zo alle delen te verbinden. Adduchi: “Het mooie eraan is dat ze op bezoek zijn gegaan in elkaars synagoge, moskee en kerk, en dat ze nu een community opstarten waar mensen met verschillende achtergronden kunnen samenkomen.”

Geweigerd bij een disco

Ook het hoofdstuk onvrijheid ontbreekt niet in de tentoonstelling. Middels een kledingstuk van mode-illustrator Piet Paris bijvoorbeeld, ontworpen door Francisco van Benthum. Een samensmelting van een rok en broek die Paris droeg toen hij in 2009 prinses Máxima ontving tijdens de opening van de Arnhem Mode Biënnale, maar waarin hij enkele uren later (in gezelschap van ontwerper Manish Arora die speciaal uit India was overgekomen) werd geweigerd bij een disco aan de Korenmarkt. “Ik schaamde me rot en ben nog naar de politie gestapt, maar die deden niks.”

Tegen de achtergrond van een blow-up van de koning en koningin tijdens de kranslegging op de Dam op 4 mei, zijn bevrijdingsrokken te zien, een bloes met een Jodenster, een kanten tuniek die in een conservenblikje bewaard een vernietigingskamp overleefde, en een patchworkjurk, gemaakt en gedragen door een creatieve gevangene in een Japans interneringskamp. Ook de Rainbowdress van Mattijs van Bergen ontbreekt niet (een veranderend kunstwerk, zodra een land de wetgeving definitief aanpast, wordt de landsvlag ingewisseld voor een regenboogvlag). Een waarschuwing dat vrijheid in veel landen niet vanzelfsprekend is.

Op weg naar de uitgang loopt het publiek als laatste langs de plek waar Willem Alexander en Máxima in 2002 trouwden, en waar nu de schitterende Valentinojurk achter glas staat opgesteld. Ongetwijfeld de grote publiekstrekker. Modeliefhebbers kunnen ook nog genieten van De Catwalk Club, een serie theatermonologen in de kerk, waarbij acteurs in de huid kruipen van Frank Govers, Fong Leng (levensecht gespeeld door Bo Bojo), Marlies Dekkers en Abderrahmane Trabsini van Daily Paper.

Kortom, een tentoonstelling waarin zoveel liefde voor de stad is gestopt, vol geestige en ontroerende verhalen, dat je er minstens twee keer heen zou moeten.

Maison Amsterdam – De stad, de mode, de vrijheid van 18 september t/m 3 april 2022. Info over de catwalkclubavonden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden