Twee urban cowboys komen naar Nederland

Na jaren sappelen in rockbandjes vonden twee Duitsers de sleutel voor succes: country. Nu staat bij The BossHoss de zaal vol rockers met cowboyhoeden. ''Yee Haw!''

Wat begon met countrycovers van bekende nummers uit andere genres, mondde uit in het schrijven van eigen nummers. Country, maar wel met een rauwe edge. ''Liever een elektrische gitaar met distortion dan een banjo,'' zegt zanger-gitarist Sascha Vollmer, alias Hoss Power. Het eerste nummer dat hij voor The BossHoss schreef heet Yee Haw, en is het lijflied geworden van de band. ''Tijdens de show zitten mensen erop te wachten,'' zegt zanger Alec Völkel, alias Boss Burns, ''ze willen allemaal 'Yee Haw' roepen.''

In Duitsland is de band binnen een paar jaar zeer succesvol geworden. ''The BossHoss is een way of life geworden,'' zegt Völkel grinnikend. Voor optredens zitten groepjes mannen op de parkeerplaats te barbecuën. Zittend op een baal hooi, laarzen aan en hoed op.

Nu proberen de cowboys Nederland ook warm te krijgen voor hun 'Truck 'n Roll'. De cd Stallion Battalion ligt sinds kort ook hier in de winkel. Veel eigen werk, en een paar covers; van het nummer Gay Bar (Electric Six), van Drop it like it's hot (Snoop Dogg). Ça plane pour moi is de single geworden, opgenomen met de originele zanger van het lied, Plastic Ber-trand.

De country van The BossHoss is country met een knipoog. Maar ook al is de snik in de stem ironisch, ze houden oprecht van de muziek, benadrukken de twee.

De muziek was ook leuk om mee op te treden, merkte het duo toen vrienden in 2004 bleven vragen om eens met die covers het podium op te gaan. Ze verzamelden wat muzikale vrienden voor een gelegenheidsformatie, en hadden onmiddellijk succes. ''We bleven spelen, en plots kwamen er in Berlijn onbekenden op ons af: zijn jullie van die freakerige cowboyband?''

Een manager spoorde hen aan om de boel wat serieuzer aan te pakken en een plaat te maken. Die sloeg landelijk aan. Zo werden de twee muzikanten die al jaren hun best deden door te breken met rock, uiteindelijk bekend met country.

Niet alleen dankzij de rauwe countryrock, ook dankzij de stijl van de band, waar zanger Völkel over waakt. Net als Vollmer is hij grafisch ontwerper, en dat zie je. De website zit vol met cowboyverwijzingen. Als merchandise zijn er stevige The BossHossringen te koop en voor de Nederlandse tournee maakten ze oranje shirts met Hup Hup Holland en achterop BossHoss 08.

Helemaal cowboy wordt het niet op het podium, zegt Völkel. Hij beschrijft hun kleding liever als 'urban cowboy'. Geen lasso's dus, geen leren beenbeschermers. Gewoon boots, spijkerbroek, hemdje en hoed. En drank natuurlijk.

www.thebosshoss.com (LIEDEWIJ LOORBACH)

null Beeld

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden