PlusTheater

Tonio laat zien dat verdriet niet alleen eenzaam maakt, maar ook egoïstisch

In een kale enscenering doorlopen Progy Franssen en Jacqueline Blom de diverse stadia van wanhoop van een ouder in rouw. 

Porgy Franssen en Jacqueline Blom moeten als rouwende ouders het verdriet een gezicht geven. Beeld Piek

“We zitten in een slecht toneelstuk, een drakerig vervolg op Virginia Woolf!” werpt de getergde schrijver zijn vrouw in Tonio voor de voeten. De overeenkomst: ook een echtpaar dat worstelt met de dood van een kind. Het verschil: de zoon in Who’s Afraid of Virginia Woolf? is verzonnen, de 21-jarige Tonio is echt dood.

De toneelbewerking van A.F.Th. van der Heijdens gelijknamige requiemroman door Ignace Cornelissen (ook regie) gaat over rouw. Verpletterende, verwoestende rouw. Een rouw die de ouders elk onder hun ‘eigen stolp van doffe verbijstering’ plaatst. Die tot de verzuchting leidt dat het iets troostends heeft ‘door zijn vernietiging de vernieling in te gaan’.

Onthutsende werkelijkheid

Porgy Franssen en Jacqueline Blom spelen de vader en moeder die het verdriet een gezicht moeten geven. Anderhalf uur staan ze zonder onderbreking op het toneel: deze onthutsende werkelijkheid is hun gezamenlijke verhaal. Zij probeert de draad op te pakken, hij bijt zich vast in de feiten rond het ongeluk – alsof een minuscule reconstructie hem dichter bij zijn verdwenen zoon zal brengen. Drank is daarbij een vriend die verdooft en doet vergeten. Tot het besef weer als een moker binnendreunt: “We zitten tot onze respectieve sterfdata met een levensgroot verdriet op schoot.”

Cornelissen koos voor een kale enscenering met een hoofdrol voor het witte achterdoek van een foto­studio: Tonio wilde fotograaf worden. Als een schim wervelt de over­ledene (urban dancer Luc de Raad) op live gemixte klanken van Wouter Snoei over het toneel. Hij verwijdert lege whiskyglazen, vangt zijn instortende moeder op, danst met zijn getormenteerde vader – de troost van de herinnering.

Onhandige omhelzingen

Franssen en Blom doorlopen de diverse stadia van hun wanhoop mooi ingetogen. Op een enkele uitbarsting na is hun spel beheerst. Met onhandige omhelzingen proberen ze er voor de ander te zijn, maar hun rauwe verlies verdraagt geen inmenging van buitenaf: de aanhoudende toenaderingspogingen van haar moeder stuiten slechts op verwijt.

Misschien is dat wel het schrijnendste inzicht van deze toneelbewerking: verdriet maakt niet alleen eenzaam, maar ook egoïstisch. Tonio’s moeder is niet in staat te beseffen dat zij óók kind van een moeder is. Ze rechtvaardigt haar eigen botheid met haar verdriet.

In zijn droefenis voelt de mens zich uniek, maar door zijn onvermogen over zijn eigen ellende heen te kijken, plaatst hij anderen op afstand. We kunnen naar elkaar reiken, uiteindelijk is rouw een eenzaam proces – dat is het ontluisterende gevoel ­waarmee je als toeschouwer de zaal verlaat.

Tonio

Door Hummelinck Stuurman
Gezien 18/1 Leiden
Te zien 15/2 Schouwburg Amstelveen, 2-5/4 DeLaMar

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden