John Grisham was voor het eerst in Nederland. ‘This is total fun.’

Plus Interview

Thrillerauteur John Grisham: ‘De doodstraf? Een verschrikking’

John Grisham was voor het eerst in Nederland. ‘This is total fun.’ Beeld Marco Okhuizen

Hij was advocaat, maar verhalen vertellen kon hij beter. John Grisham (64) vond in zijn thrillers een mix van feelgood en feelbad: het goede overwint, maar kwaad woekert voort. Na 41 boeken is hij nog niet klaar.

Hij is voor het eerst in Nederland. “This is total fun!” roept John Grisham een paar keer. Beter dan het eenzame werk van schrijven. Elk jaar begint hij op 1 januari aan een nieuw boek en zes maanden later is het klaar. “Dan ben ik het ook zat. Na vier maanden schrijven verwerk ik de kritiek van mensen die ik vertrouw, discussieer ik met redacteuren en schrijf ik nieuwe versies – ik houd van verhalen vertellen, maar ik ben blij als het handwerk voorbij is.”

Het mag vandaag dus total fun zijn, Grisham, succesauteur, schuwde de afgelopen 25 jaar signeersessies en interviews. “Meestal hield ik die verplichtingen af. De verkoop was toch wel goed. Nu ik ouder word, kijk ik er anders tegenaan. Ik heb er nu wel plezier in.” Bij die woorden schenkt Grisham koffie in alsof hij zelf de gastheer is. Joviaal stelt hij voor eerst even rustig een sip (slok) te nemen. “Let’s take it easy.”

Nu u het zegt, uw personages nemen ook vaak een sip.

“Klopt. Ik zeg tegen mezelf: laat die mensen nu eens wat anders doen dan take a sip. Het komt doordat ik zelf de hele dag door koffie, groene thee en water drink. Ik moet iets doen met m’n handen. Maar dank voor deze tip, ik denk dat in het volgende boek niemand meer een sip zal nemen.”

In het pas verschenen De onschuldigen gaat het over mensen die ten onrechte veroordeeld zijn, zelfs tot de doodstraf. Wat inspireerde u?

“Tot vijftien jaar geleden had ik geen benul van het drama van de wrongfully convicted, mensen die onschuldig in de gevangenis zitten. De eerste gevallen van mannen die op hun executie wachtten maar dankzij dna-onderzoek werden vrijgelaten, heb ik totáál gemist!”

“In 2004 kwam ik in aanraking met de Innocence Movement, mensen die zich inzetten voor de duizenden onschuldigen in Amerikaanse gevangenissen. Ik ontdekte, als romanschrijver: al die verhalen zijn meeslepend, rijk, intrigerend. Het lijden, het onrecht, de verspilling van levens, tijd, geld. Al die foute veroordelingen hadden voorkomen kunnen worden, maar het rechtssysteem maakte ze mogelijk.”

We lezen bij u over rechters die altijd in het nadeel van een verdachte beslissen. Aanklagers en politiemensen die bewijzen laten verdwijnen om een veroordeling te krijgen. Komt dat veel voor?

“Het komt voor. Te vaak. Ik beschrijf in De onschuldigen een getuige-deskundige die veel zou weten over bloedsporen. Hij heeft een cursus van een dag gevolgd en reist langs rechtbanken om een oordeel over forensische bewijzen tegen verdachten te geven. Altijd in het voordeel van de aanklager, die hem betaalt. Zulke oplichters bestaan, al worden ze gelukkig steeds vaker ontmaskerd dankzij mensen als mijn hoofdpersoon Cullen Post.”

Wat moet er veranderen?

“Ik heb daar geen eenduidig antwoord op. De Amerikaanse juryrechtspraak bijvoorbeeld is een goede zaak, maar dat het oordeel van een jury unaniem moet zijn, is een onding. Een eenling heeft daardoor te veel macht. In mijn ogen moet vooral de mentaliteit veranderen van de mensen die het systeem uitvoeren: advocaten, officieren van justitie, rechters.”

De doodstraf?

“Een verschrikking. Iemand doden vinden we fout, waarom zou de staat het wel mogen? Maar de doodstraf is op z’n retour. De afgelopen tien jaar zie je in de VS een dramatische terugloop in het aantal vonnissen en uitvoeringen. Niet vanwege een doortastende wetgever, maar vanwege moedige jury’s. Die zijn voorzichtiger nu er dankzij dna-onderzoek zoveel vonnissen uit de jaren 1980 tot 2010 worden herzien.”

“Een tweede reden: de advocaten zijn beter geworden. Ze laten jury’s overtuigend zien uit welke vaak vreselijke omstandigheden een verdachte voortkomt, ook als zijn schuld onomstotelijk vaststaat.”

Al bezig met het volgende boek?

“Altijd. Ik ben nog lang niet klaar. Er zijn in de wereld van het recht zoveel fantastische verhalen te vinden. Neem de opiatencrisis: dagelijks overlijden circa 150 Amerikanen aan een overdosis pijnstillers; mensen die verslaafd zijn geraakt aan medicijnen die ze voorgeschreven hebben gekregen en die farmaceutische bedrijven met agressieve marketing aan de man hebben gebracht. Rechtszaken zijn gaande, ik zal er een dikke vette roman aan overhouden, al weet ik nog niet wanneer.”

“Mijn volgende boek gaat over mensen die als 14-, 15-jarige een moord hebben gepleegd en veroordeeld zijn volgens het volwassenenrecht. Ze komen nooit meer vrij, het zijn drama’s. Je kunt dat een kind niet aandoen, wat het ook heeft gedaan.”

Beeld RV

Grisham groeide op in de zuidelijke staat Mississippi, in een plattelandsmilieu waar racisme en conservatisme welig tierden. Dat hij ooit schrijver zou worden en op zou komen voor minderheden en minderbedeelden – hij schenkt veel geld aan goede doelen – had hij toen niet kunnen dromen. “Het heeft jaren gekost me los te maken van de ultraconservatieve normen en waarden van mijn omgeving.”

Wie informatie over hem zoekt, vindt op tientallen sites dezelfde anekdote: dat hij in 1984 in een rechtszaal in Hernando, Mississippi, meemaakt hoe een 11-jarig meisje een getuigenis aflegt. Ze is slachtoffer van een gewelddadige verkrachting. Je leest hoe dit de jonge Grisham aan het denken zette: wat als de vader van dat meisje de daders had vermoord? Zo zette hij zich aan het schrijven van A Time to Kill, elke morgen van 5 tot 8 uur. Hij deed er drie jaar over.

Is dit zo’n geromantiseerd verhaal dat iedereen overneemt en aandikt?

Geruime tijd is hij stil. Tikt tegen zijn waterglas. Dan, zacht: “Nee. Nee. Zo is het gegaan. Ze vertelde het sober en waardig en helder. Ik kende de vader, er was gossip in de stad: hij gaat wraak nemen. Iedereen in die zaal was stil terwijl het meisje sprak, ik zag de emotie van de juryleden en de rechter. Ik vroeg me opeens af: wat zou die jury met de vader doen als hij wraak neemt? Het was aangrijpend, ze sprak wel een uur. Vandaag zie ik haar nog voor me. En ik hoor nog haar stem.”

De onschuldigen

The Guardians (De onschuldigen), het 41ste boek van John Grisham, verscheen in oktober (Bruna, 22 euro). Hoofdpersoon is Cullen Post, een advocaat die zich inzet voor mensen die onschuldig vastzitten. Hij zoekt onverdroten naar verloren aanwijzingen, getuigen die zich verborgen houden, experts die bewijs anders kunnen interpreteren en mogelijkheden om vonnissen te herroepen. Post geeft niet om geld, net zomin als de drie kleurrijke karakters met wie hij vanuit een morsig kantoortje samenwerkt. Post is geïnspireerd op Jim McCloskey, een voormalige gevangenisdominee die in de Verenigde Staten 63 onschuldigen vrij wist te krijgen, onder wie vele terdoodveroordeelden.

John Grisham 

John Grisham was vanaf 1981 tien jaar advocaat in Southaven, Mississippi, en van 1983 tot 1990 lid van het Huis van Afgevaardigden van die staat. Zijn eerste boek, A Time to Kill (De jury), verscheen in 1988, nadat het door – naar verluidt – 28 uitgevers was afgewezen. Zijn tweede boek The Firm (Advocaat van de duivel) werd onverwacht een megasucces, waarna A Time to Kill alsnog volgde. Grisham is de grondlegger van de legal thriller, de spannende roman waarin de ontknoping (deels) in de rechtszaal plaatsvindt. Gedurende zijn loopbaan is Grisham meer en meer een sociaal bewogen auteur geworden. Racisme, rassenscheiding, maatschappelijk onrecht en het in veel opzichten falende Amerikaanse rechtssysteem zijn thema’s in zijn werk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden