Plus Interview

Thrillerauteur Charles den Tex: ‘Ik wil de lezer iets meegeven’

In Verloren vrouw van Charles den Tex heeft een van de hoofdpersonen elektronica in haar hoofd. Daarmee kan zij op afstand worden bestuurd. 

Charles den Tex: ‘Als je lezer het ongeloof­waardig noemt, heb je het niet goed opge­schreven.’ Beeld Koen Verheijden

Charles den Tex (67) houdt van verrassende wendingen. Opeens duikt hij op vanuit de rug: “Zo! Jij moet het zijn.” Schrikken, maar eigen schuld, meent de schrijver. “Nooit met je rug naar de deur zitten. Een crimineel doet dat ook niet.”

Thrillerauteurs genoeg in Nederland, en vermakelijk zijn ze soms best, maar zelden geven ze de lezer iets mee om over na te denken. Charles den Tex doet dat wel, ook in Verloren vrouw, zijn vijftiende thriller. “Maar niet opdringerig,” zegt hij relativerend. “Ik wijs niet met het vingertje. Als de lezer alleen maar een spannend verhaal wil, is het mij best.”

Verloren vrouw begint met een curieuze ontmoeting. Een jonge vrouw, Djenna, ligt in een steeg bewusteloos in haar eigen kots; Luc vindt haar midden in de nacht en geeft haar onderdak. Zij is haar geheugen kwijt en wil haar identiteit vinden; Luc is een oplichter die zijn identiteit juist verbergt. Samen gaan ze op zoek naar haar verleden en zij helpt hem bij z’n frauduleuze praktijken in vastgoedland. Ze stuiten op machtige vijanden en gevaarlijke groeperingen uit wisselende milieus en coterieën, die iets van Djenna willen – en van Luc. En van elkaar.

Het boek daagt lezers uit. U springt heen en weer tussen mensen en tijdlagen. Je leert steeds iets bij over de samenhang, maar er komen ook nieuwe vragen bij.

“De structuur is complex. Van dit boek heb ik dan ook meer versies geschreven dan ooit; zo veel verhaallijnen gecombineerd – zo had ik het nog nooit gedaan. Ik heb lang gepuzzeld voor ik het idee had dat alles goed was vastgehouden en klopte. Kom ík eruit, dacht ik, dan de lezer ook.”

U houdt zich strak aan de vereisten van het genre: wat geweld, wat seks, korte hoofdstukken, elk met een spanningsboog en een wending.

“Ik houd van vaart en verrassing; dat past bij het genre. Lang ben ik bang geweest voor die kenmerken, ik dacht: het zijn clichés. Tot ik in de gaten kreeg dat je ze moet gebruiken en tegelijk toch het cliché moet vermijden. Dat werkt, als je het goed doet tenminste. Geweld, seks en moord zitten er met mate in, toch? Ze komen als vanzelf met het verhaal en het genre mee, soms, maar ze zijn zelf niet het verhaal.”

Djenna heeft software in haar hersenen, draden die zich vertakken, elektroden die impulsjes geven. En een interface waarmee derden haar kunnen besturen. Alleen, de verbinding is verbroken. Of is dit een spoiler?

“Ik zit er al lang niet meer mee als artikelen iets over mijn plot prijsgeven. En het bestaat al hè, dat is weinig bekend. Wat ik doe in mijn boeken is alles één stap verder duwen en dan kijken: wat gaat er mis? Wat zijn de gevaren? Welk misbruik is mogelijk? Dan gaat het over fraude, machtsmisbruik en, zoals in dit geval, over het manipuleren van mensen.”

De boodschap is belangrijker dan het vermaak?

“Nee, ik wil de lezer vermaken en hem in het vermaak iets meegeven. Alleen als hij of zij dat wil, het is geen lesboek. En ik dring zeker geen oordeel op, zoals over technologie die we in hersenen kunnen implanteren. Zelf heb ik daar namelijk ook nog geen oordeel over. Wel als het mogelijk wordt dat anderen die software bedienen: dát lijkt me verkeerd. Maar is het verkeerd als je straks zelf aan de knoppen zit en bijvoorbeeld een extreem hoog niveau van concentratie inschakelt? Dat weet ik nog niet.”

Wat u vertelt, is op zichzelf niet geloofwaardig, als je er goed naar kijkt.

“De kunst is het ongeloofwaardige geloofwaardig te brengen. ‘Realistisch’ vind ik geen aanbeveling, dan lees ik de krant wel. Realistisch wordt al gauw saai. Je moet als romanschrijver over een rand gaan, je overdrijft, je speculeert – zoals ik over het besturen van andermans hersenen. Als je lezer het ongeloofwaardig noemt, heb je het niet goed opgeschreven.”

’Waarheid is een achterhaald begrip’, laat u een personage zeggen. Is dat ook uw mening?

“Ja, we leven langzamerhand in een wereld waar de waarde van feiten onder druk staat. Waarheidsvinding, factchecking, het zijn achterhoedegevechten. Dat is een uitvloeisel van de digitalisering. Alles wat is gezegd en geschreven, is vindbaar, wordt bewaard en komt terug, feiten en niet-feiten. Wat oorspronkelijk waar is, is niet meer uit te maken. Internet is de check, maar het is volkomen onbetrouwbaar. En dat wordt almaar erger. Je doet er niets tegen.”

Lezers kiezen altijd iemand met wie ze zich identificeren. Hier hebben ze alleen de keuze uit killers, oplichters en straatschuimers.

“Dat is opzet, good guys bestaan niet in dit boek. Ook niet in de werkelijkheid. Mensen zijn heus niet alleen maar slecht, maar good guys? Zie jij ze? Ik niet.”

Beeld rv
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden