Plus

Theaterdirecteur Madelein van der Zwaan: ‘Ik weet alles van wasgoed’

Madeleine van der Zwaan (1968) is directeur van theater Carré, dat nu is gesloten. Ze vroeg vaste bespelers als Youp van ’t Hek en Bert Visscher om Amsterdam via een campagne een hart onder de riem te steken.

Madeleine van der Zwaan op de Klapstoel  Beeld Harmen de Jong
Madeleine van der Zwaan op de KlapstoelBeeld Harmen de Jong

Laren

“Ik ben er geboren, maar ben grotendeels opgegroeid in Hilversum, als jongste van drie meiden. Ik zat er op het gymnasium. Ik bedacht me laatst dat dit jaar precies 35 jaar geleden is dat ik daar mijn diploma haalde. 35 jaar! Even slikken. Als het straks na corona weer mag, moeten we echt een reünie houden.”

Studentenkamer

“Ik kan hem tegenwoordig bijna aanraken vanuit mijn kantoor in Carré. Is dat niet bizar? Toen ik deze baan kreeg, voelde het als het rond­maken van een cirkel. In de tweede helft van de jaren 80 deelde ik een etage aan de Achtergracht met een klasgenoot. Als ik de deur uitstapte, zag ik haar links meteen liggen, die mooie dame aan de Amstel. In die tijd ben ik ook voor het eerst naar een voorstelling geweest, van Freek de Jonge. Mijn plekje kan ik nog bijna precies aanwijzen: boven in de galerij. Wat leuk is om te merken nu ik hier zelf werk: iedereen weet zijn eerste keer nog. Zo veel indruk maakt dit theater.”

Enen en nullen

“Ik wist na het gymnasium zeker dat ik naar Amsterdam wilde. Ben aan de UvA gaan studeren. Maar beroepsmatig? Geen idee nog. Psychologie leek me interessant vanwege het inzicht in het denkproces van mensen. Maar omdat die studie soms ook wat vaag was, ging ik er informatica bij doen. Op dat gebied is alles uiteindelijk een 0 of een 1. Heerlijk overzichtelijk. Uiteindelijk ben ik afgestudeerd in een kruising van beide: sociaal-wetenschappelijke informatica. De combinatie van gevoel en verstand is nog steeds heel belangrijk voor me. Ik werk op basis van kennis en ervaring. Maar uiteindelijk moet er wel gevoel bij komen.”

Waspoeder

“Mijn eerste klus bij Unilever. Als twintiger begon ik als assistent-brandmanager van All, het wasmiddel. Toen moest ik ineens alles van wasgoed weten. Duurde niet lang voor vrienden me gingen bellen: ‘Zeg, ik heb een wijnvlek op mijn overhemd. Weet jij wat ik moet doen?’”

“Waspoeder is niet het meest sexy product, dat weet ik ook wel. Maar het gaat bij zo’n baan niet om het wasmiddel zelf. Belangrijker zijn de mensen die hun was doen. Wat ik leuk vond, was praten met klanten. Vragen stellen als:

‘Wat is wassen voor jou?’ Zo leer je over welke afwegingen consumenten maken voor ze tot een keuze komen. Consumer insights heet die informatie. Als je die goed doorgrondt, maakt het uiteindelijk niet veel uit of je een blikje soep of wasmiddel wil verkopen.”

Vertraging

“Daarover heb ik weleens grapjes gehoord, ja. Maar ik werkte niet voor de treinen bij NS, maar was directeur van Servex, een dochterbedrijf dat de retail op de stations verzorgt. Ik heb de eerste Starbucks in Nederland, op Utrecht Centraal, mogen openen. We begonnen ook met Rituals. Zo’n concept was nieuw op een station. Toen ik met kerst thuis een groot diner voor mijn team met partners hield, kreeg ik een zware gouden schaar cadeau. Omdat ik zo veel lintjes doorknipte met al die openingen.”

Cornetto

“In a cup, denk ik er dan meteen achteraan. Met de Cornetto in een bakje in plaats op een hoorntje ben ik intensief bezig geweest. Toen ik begin deze eeuw voor Unilever in Manilla ging werken, wilden we onze handijsjes ook op de Filipijnen introduceren. De Cornetto is bedoeld voor tieners. Maar die bleken – weer die consumer insights – anders dan in Nederland het liefst samen van hetzelfde ijsje te eten. En tja, samen likken van een hoorntje geeft toch een ander gevoel dan wanneer je lepelt uit een bakje. En vergeet ook niet dat het daar bijna altijd boven de 30 graden is. Vanwege de smeltende kliederboel zijn bakjes met ijs er sowieso populairder dan handijsjes. Maar ja, Cornetto was wel iconisch. En de grote baas van dat merk, een Italiaanse ijsmaker, was trots op zijn hoorntje. Talloze gesprekken hebben we gevoerd hem van die cup te overtuigen. Uiteindelijk mocht het. Het werd een groot succes, we werden er marktleider mee.”

Beatrix

“Ik heb het genoegen gehad de prinses vele malen in Carré te mogen verwelkomen. Tijdens formele momenten en bij privébezoeken. Maar ik heb me voorgenomen dat wie hier ook op bezoek komt, dat in alle rust en privacy mag doen. Ik laat me er niet over uit. Zenuwachtig ben ik bij dat soort gelegenheden niet. We hadden bij de viering van 200 jaar koninkrijk bijna de gehele koninklijke familie te gast. Dat is een flinke beveiligingsoperatie. Dan moet je zeer geconcentreerd zijn. Na afloop ben ik dan vooral blij dat iedereen weer veilig thuis is.”

Freek de Jonge

“Ik ben groot fan, dat is waar. Maar van heel veel van onze vaste bespelers ben ik groot liefhebber. Wrijving met Carré voordat ik aantrad? Daarvan heb ik nooit iets gemerkt. Net als met veel andere artiesten heb ik in mijn eerste jaar uitgebreid met hem kennisgemaakt. Dat soort gesprekken is altijd heel inspirerend. Claudia de Breij heb ik twee jaar geleden bijvoorbeeld gevraagd om voor Carré een speciale voorstelling te maken. Die is prachtig geworden. Zo zonde dat we in oktober de dag van de première dicht moesten. En ook Paul van Vliet heb ik veel gesproken. Op mijn eerste dag lag er een lieve welkomstbrief van hem op mijn bureau. Vijf jaar geleden heb ik hem overgehaald om zijn 80ste verjaardag groots bij ons te vieren. Wat ik me levendig herinner: de repetities met Paul, Jochem Myjer, Bert Visscher, Youp van ’t Hek en Herman van Veen. De lol van die vijf grootheden rond de vleugel. Memorabel.”

Trapeze

“De val van de trapezeacrobaat Kristina Vorobeva was een van de twee dramatische gebeurtenissen die ik als directeur heb meegemaakt. De ander was het overlijden van acteur Jeroen Willems, in 2012. Hij werd onwel tijdens de repetities voor de viering van ons 125 jarig-bestaan en overleed vlak daarna in het ziekenhuis. Een zwarte bladzijde. Elk jaar op 3 december bel ik met Jeroens moeder. En dat blijf ik doen.”

“En toen dus dat vreselijke ongeluk tijdens het kerstcircus van 2019. Kristina en haar man Rustem werken altijd zonder vangnet. Dat kan niet anders. Maar als zoiets misgaat, is dat je ergste nachtmerrie. Ik schoot meteen in crisismodus. Hoe vang je het publiek in de zaal op? Wat zeg je tegen de mensen die al wachten voor de volgende voorstelling? En uiteraard probeer je de direct betrokkenen te steunen waar het kan. Ik heb Kristina bezocht in het ziekenhuis. Daar ontmoette ik ook haar moeder. De producenten van de show hadden haar meteen uit Rusland over laten komen. Ze sprak geen woord Engels, maar vloog me in de armen. En zo hebben we even staan huilen. Een moment van moeder tot moeder. Kristina zou misschien nooit meer kunnen lopen, werd gezegd. Maar we zijn nog geen jaar verder en ze zweeft weer met Rustem door de lucht. Ongelooflijk wat een wilskracht die dame aan de dag heeft gelegd.”

Oudroze bankjes

“Toen we open wilden op anderhalve meter, was onze eerste ingeving om rijen stoelen weg te halen. Maar dat zag er zo triest uit. De nadruk lag te veel op wat er ontbrak. We besloten er iets nieuws van te maken. Online begon ik te zoeken naar bankjes. Hoeveel ruimte heb je eigenlijk nodig om lekker te zitten met z’n tweeën? Na meetwerk bleken er 67 loveseats te passen in de stalles. De fabrikant was zo enthousiast dat hij ze besloot te schenken en ons publiek vond het geweldig. Het voelt huiselijk en gezellig. Maar natuurlijk, zodra het kan komen er weer ouderwets 1756 stoelen.”

Faillissement

“We bestaan al 133 jaar. Niemand kan zich een Amsterdam zonder Carré voorstellen. En dat gaat ook niet gebeuren. Maar deze situatie is dieptriest en loodzwaar. Ook voor ons. We krijgen geen exploitatiesubsidie. Dus geen inkomsten betekent ook dat alles 100 procent platligt. Gelukkig hadden we redelijk snel door hoe groot de impact van deze pandemie zou kunnen worden. Alles wat we aan kosten konden besparen, hebben we gesneden. En ja, daar hoorden helaas ook ontslagen bij. Echt een hel, die gesprekken. Voor iedereen. Ook voor wie wel is gebleven. We zijn toch een soort familiebedrijf. Wat ons zou helpen? Dat we weer open kunnen. Zo eenvoudig is het.”

Tandem

“Daar heb ik lang op gefietst, met mijn dochter Tessa. Ik kocht hem op Terschelling waar we toen ze klein was met z’n tweeën rondtoerden op een huurexemplaar. Een tandem leek me een gezellige en veilige optie voor in de stad. Inmiddels zit ze in de vijfde klas van de middelbare school en is de tandem buiten bedrijf.”

Posters

“In de eerste maanden van de pandemie hadden we een groot doek met de tekst ‘Zorg goed voor elkaar’ aan de gevel. Nu dachten we: het gaat zo vaak over wat er allemaal niet doorgaat, we moeten de moed erin houden. Hartverwarmend bleek de betrokkenheid van onze vaste bespelers, van Herman van Veen tot Brigitte Kaandorp, die zelf bemoedigende teksten voor op de rode posters maakten. Zo maken we de stad een beetje vrolijker.”

Sera Markoff

“Wat een leuke, enthousiaste vrouw. Geweldig hoe ze het voor elkaar krijgt om kinderen op de basisschool al te interesseren voor de wetenschap. Zo denk ik ook over kunst en cultuur: laat die alsjeblieft al van jongs af aan in de lesprogramma’s terugkomen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden