Plus Filmrecensie

The Goldfinch is een visieloze samenvatting van het boek

Natuurlijk, een film van tweeënhalf uur laat uit een boek van bijna duizend pagina’s een en ander weg. Maar The Goldfinch vergeet bijna de kern. 

Na de dood van zijn moeder wordt Theo opgenomen door een welgestelde familie uit de New Yorkse Upper East Side.

Donna Tartts bijna duizend pagina’s tellende roman The Goldfinch (Het puttertje), dat veertien jaar omspant in drie verschillende steden, is getransformeerd tot een tweeënhalf uur durende film. Een haast onmogelijke taak, en het kan regisseur John Crowley dan ook niet echt kwalijk worden genomen dat verfilming niet alles kan omvatten waar de Tarttliefhebber het boek om prijst. Maar door versimpeling van personages en onbegrijpelijke sprongen voor- en achteruit is The Goldfinch een lege opeenstapeling van absurditeiten geworden.

Tegen het einde van Het puttertje, de roman die in 2014 de Pulitzerprijs voor fictie won maar ook fel bekritiseerd werd, beschrijft een Duitse kunstkenner/drugshandelaar Horst het zeventiende-eeuwse schilderij van Carel Fabritius, waar het boek zijn naam aan ontleent. Wat er volgens hem zo bijzonder is aan dit werk is de dubbelheid: je ziet het vogeltje, maar ook duidelijk de klodders en vegen van de verf. “Het bouwt de illusie op,” zegt Horst, “maar, stap dichterbij en het valt uit elkaar in penseelstreken.”

Terroristische aanslag

In vele opzichten lijkt Tartts epische bildungsroman, over de dertienjarige Theo die een bomaanslag in een museum overleeft en uit het puin Het puttertje meeneemt, op dit beroemde schilderijtje. Niet alleen om zijn merkwaardige geschiedenis – het schilderij overleefde een explosie waaraan Fabritius stierf – maar ook door de boven­genoemde dubbelheid. Het verhaal is levendig, maar ook buitengewoon ongeloofwaardig. Tartts pen sleept lezers mee, maar doet hen ook stilstaan bij de absurditeit van haar vertelling.

Zolang het boek maar trouw wordt gevolgd komt dat wel goed, moet Crowley gedacht hebben. Dus propt de verfilming zo veel mogelijk originele plotpunten in tweeënhalf uur en weet daarbij de ziel van Tartts boek compleet te verliezen. Een grove misvatting van de kracht van het boek, die geenszins in het plot ligt. Ontdaan van de wervelende vertelkracht, genuanceerde karakteriseringen en beschouwingen over beeldende kunst is The Goldfinch niets meer dan een ongeloofwaardig verhaal vol nietszeggende details.

Niet dat de film geen veranderingen aanbrengt. De belang­rijkste weglating komt uit het eerste deel van het boek, waarin Theo met zijn moeder een terroristische aanslag in een museum doormaakt. Hierdoor is de film direct al gedoemd te mislukken: de kijker spendeert geen tijd met Theo’s innemende moeder en daardoor komt het verlies van haar niet echt hard aan.

In een verfilming van een boek met trauma als hoofdthema heeft het weglaten van deze gebeurtenis desastreuze gevolgen. Als Theo de aanslag in nachtmerries en flashbacks herbeleeft, ziet de kijker de gebeurtenissen namelijk juist voor de eerste keer. In plaats van de aanslag opnieuw te beleven, heeft de kijker deze informatie nodig om het achtergrondverhaal bij elkaar te puzzelen. Zonder dit inzicht in zijn posttraumatische stress is Theo’s langzame ondergang aan drugsgebruik en fraudepleging nauwelijks te begrijpen.

Prachtig verbeeld

Zo maakt de film van een persoonlijke vertelling een afstandelijk plaatje. Theo’s veranderingen van locatie – van het oude, levendige New York naar het kitscherige en lege Las Vegas en weer terug – spelen een belangrijke rol in het boek. Terwijl dit filmisch prachtig had kunnen worden uitgewerkt, wordt er meteen na Theo’s aankomst in Las Vegas tien jaar vooruitgesprongen, om na enkele scènes weer terug in de tijd te gaan. De opluchting die de lezer voelt bij Theo’s terugkomst in de stad, na jaren drinken en drugs gebruiken met vriend Boris (Finn Wolfhard met een glazige blik en onregelmatig Russisch accent) in de woestijn, ontgaat de kijker geheel.

Natuurlijk moet een verfilming delen van het origineel schrappen. Het probleem is dan ook niet dat de verfilming over gebeurtenissen heen springt, maar dat de film zijn prioriteit verkeerd legt: namelijk bij het vaak woord voor woord citeren van oorspronkelijke dialogen en het precies uitbeelden van bepaalde handelingen. Het puttertje, de kern van het boek, wordt daarbij compleet vergeten en op het einde nog even gehaast aan de film toegevoegd. Dit maakt The Goldfinch een visieloze samenvatting in plaats van een filmische vertolking.

Cameraregisseur Roger Deakins weet het boek prachtig te verbeelden, maar dit blijkt een schrale troost, zelfs voor een verhaal dat over de tijdloosheid van schoonheid gaat. The Goldfinch imiteert de penseelstreken van het origineel heel trouwhartig, maar vergeet daarbij het grotere plaatje te recreëren. Het resultaat is misschien mooi van dichtbij, maar in tegenstelling tot in het boek, komt het puttertje in deze verfilming nooit tot leven.

The Goldfinch

Regie John Crowley
Met Ansel Elgort, Nicole Kidman, Oakes Fegley, Sarah Paulson, Aneurin Barnard, Finn Wolfhard, Luke Wilson, Jeffrey Wright
Te zien in Cinecenter, City, Filmhallen, The Movies, Studio K, Tuschinski

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden