PlusReportage

Tentoonstelling ‘Grensverkenners’ biedt materieel avontuur en historische kritiek

Grensverkenners is geen overzicht van 150 jaar Koninklijke Prijs voor Vrije Schilderkunst, maar een kritische reflectie op ontwikkelingen binnen de schilderkunst. Niet alleen wat en hoe er wordt geschilderd is opgerekt, maar vooral wie er schildert.

De vloerinstallatie van Suzan Drummen bestaat uit losliggende elementen van onder meer papier, glas, kristal, metaal en fournituren. Beeld Benning & Gladkova
De vloerinstallatie van Suzan Drummen bestaat uit losliggende elementen van onder meer papier, glas, kristal, metaal en fournituren.Beeld Benning & Gladkova

Tien dagen deed Suzan Drummen over de installatie van haar werk in het Paleis op de Dam. Het bestaat uit talloze kralen, kristallen, fournituren en stukjes papier en metaal. Zonder vooropgezet plan legden Drummen en assistenten een patroon van cirkels, krullen en lijnen. Het glinsterspul vloekt op een plezierig subversieve manier met de gedempte kleuren van het tapijt. Strategisch geplaatste blauwe glassculptuurtjes vormen een connectie tussen vloer en antiek meubilair.

Je kunt je afvragen wat dit is. Vloersculptuur? Symbiotische installatie? Mandala? De kunstenaar doet er zelf geen uitspraak over maar is wel duidelijk over haar eigen status: Drummen is schilder. Als zodanig won zij in 1989 de Koninklijke Prijs voor de Vrije Schilderkunst. En in die hoedanigheid is zij geselecteerd voor Grensverkenners, de tentoonstelling in de kamers van het Paleis ter ere van het 150-jarige bestaan van de oudste schilderprijs van Nederland.

De titel zegt veel over de bedoelingen van samenstellers Mirjam Westen en Richard Kofi. Onder de winnaars en genomineerden van de afgelopen veertig jaar gingen zij op zoek naar kunstenaars die het medium hebben opgerekt. En daar heeft de jaarlijkse nationale schildervlootschouw geen gebrek aan. Alleen in de afgelopen tien jaar gingen prijzen naar doeken met bijenwas (Lennart Lahuis, 2015), verf die met Vanish Oxi Action is weggepoetst (Vera Gulikers, 2017) of magneten (Bob Eikelboom, 2014). Van dat soort materiële avonturiers toont Grensverkenners – naast Drummens werk – Pardon my Subjectivity! van Isabel Cordeiro. Het is een prop gekleurd canvas gemonteerd op een stofzuigrobot, die zich een weg baant door de kamer van de grootmeesteres.

Politiek engagement

Maar Westen en Kofi leggen liever de nadruk op verbreding van de schilderkunstige thematiek en het veld van beoefenaars. De tentoonstelling is daarom geen historische dwarsdoorsnede. Bekende mannelijke winnaars uit de jaren tachtig en negentig als Emo Verkerk (1981), Steven Aalders (1986), Hans Broek (1992) en Bas Meerman (1996) ontbreken. Veertien van de zeventien exposanten zijn vrouw en politiek engagement wint het van formele schilderkwaliteiten.

Toch is de tentoonstelling bijzonder geslaagd omdat de selectie zorgvuldig is afgestemd op de locatie, soms met een knipoog of beeldrijm. Zo paradeert Ian van Zyls vrouwenvoet in rode pump door de even rode slaapkamer van het Engels kwartier. De ramen lappende vrouw van Mattijs van den Bosch hangt boven de deur van de balkonkamer, waar prominenten als Churchill en koningin Wilhelmina eenzelfde beweging maakten, maar dan zonder zeem.

Vanuit de balkonkamer heb je ook uitzicht op de Vierschaar, waar in de 17de eeuw doodsvonnissen werden uitgesproken. Hier hangen doeken waarop Kim van Norren onder andere zinnen uit de coronaspeech van Queen Elizabeth schilderde. Het Vera Lynn-citaat We Will Meet Again, geplaatst op lichte, vrolijke kleurvlakken, krijgt hier iets wrangs.

Geheel volgens de tijdsgeest ontbreekt de postkoloniale kritiek niet in Grensverkenners. Iris Kensmil geeft met inkttekeningen van Surinaamse verpleegsters in de Justitie­kamer tegenwicht aan honderden jaren onzichtbaarheid. Hetzelfde geldt voor Raquel van Havers levensgrote gemaskerde Afrikanen die in de Oud Raadzaal de concurrentie met de kroonluchter aangaan en het zwarte gezin in zondagskleding van Esiri Erheriene-Essi dat zijn opwachting maakt in de kleine ontvangstkamer.

Zoekplaatje

Topstuk van de expositie is The Family. Het ruim vier meter brede werk kwam net op tijd af en bevestigt Helen Verhoevens status als beste tableauschilder van haar generatie. Te zien zijn leden van de koninklijke familie uit verschillende eeuwen, een heerlijk zoekplaatje. In het midden van dit familieportret, gesitueerd in dezelfde troonzaal als waar het wordt getoond, staat prinses Amalia, de toekomstige koningin. Het is te hopen dat zij de Koninklijke Prijs net zo’n warm hart toedraagt als haar grootmoeder Beatrix, die samen met Claus links voorin aansluit alsof ze bijna te laat was voor deze familiereünie.

Koninklijke Prijs voor de Vrije Schilderkunst 2021

Er meldden zich dit jaar 566 schilders aan voor de Koninklijke Prijs voor de Vrije Schilderkunst, de oudste en belangrijkste schilderprijs van Nederland voor kunstenaars onder de 35 jaar. Dat zijn er twee keer zoveel als in het pre-coronajaar 2019. De lockdown heeft duidelijk tot grote productiviteit in ateliers geleid.

Dat zijn er twee keer zoveel als in 2019. De lockdown heeft duidelijk tot grote productiviteit in ateliers geleid. Toch hecht maar weinig van het genomineerde werk zich blijvend aan het netvlies.

Een uitzondering is Kenneth Aidoo’s mix van Christelijke iconografie, politiek statement en bijna cartooneske vereenvoudiging. Hij verbeeldde de arrestatie van Eric Garner (‘I can’t breathe’) als het wegvoeren van een zwarte Christus, inclusief aureool, door gezichtsloze dienders tegen een scharlaken achtergrond.

Ricardo van Eyk, die inmiddels minstens vier keer genomineerd moet zijn zonder ooit te winnen, gaat stug verder met zijn deconstructie van materialen tot de flarden erbij hangen. Mariska Koolen presenteert een ongebruikelijke installatie van handdoeken en tapijttegels. En Kailili Smith verenigt de straatcultuur van in trainingspak gehesen jongeren met shakespeareaans drama.

Drie winnaars

De drie winnaars zijn zo uiteenlopend dat het vermoeden rijst dat de jury het niet eens kon worden en voor compromissen koos. Rinella Alfonso schildert een spookachtige droomwereld in een beperkt palet.

Philipp Gufler maakt zeefdrukken op spiegels. De driehoeken refereren aan het symbool dat de nazi’s gebruikten om homoseksuelen te stigmatiseren. Guflers werk is een pleidooi voor meer zichtbaarheid van de lhbtiq-gemeenschap, maar zijn geometrisch-abstracte beeldtaal overtuigt matig.

Heel sprekend is juist het werk van Hend Samir. De van oorsprong Egyptische kunstenaar laat de verf over het doek dansen. Uit de wervelwind duiken dieren, mensfiguren en monsters op, die herinneringen en verlangens oproepen. Samirs doeken zijn virtuoos geschilderd en ademen een en al maakplezier.

Koninklijke Prijs voor de Vrije Schilderkunst 2021 & Grensverkenners: t/m 3 oktober in Paleis op de Dam.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden