PlusInterview

Ted Brandsen over balletfilm Coppelia: ‘Het niet conformeren aan schoonheidsidealen is alleen maar actueler geworden’

Ted Brandsen blies het negentiende-eeuwse ballet Coppelia nieuw leven in met zijn bij het publiek zeer geliefde enscenering uit 2008. Deze Coppelia stond model voor een filmversie met een hoofdrol voor Michaela DePrince. De filmmakers vroegen de artistiek leider van Het Nationale Ballet om hiervoor een nieuwe choreografie te maken. Op nieuwe muziek bovendien – al was dat eerst wel even slikken.

Fritz de Jong
Daniel Camargo en Michaela DePrince in de film Coppelia. Beeld
Daniel Camargo en Michaela DePrince in de film Coppelia.

Afgelopen donderdag werd Ted Brandsen benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Hij ontving de onderscheiding vanwege zijn grote bijdrage aan het internationale succes van Het Nationale Ballet. Een stuk dat zonder meer bijdroeg aan dat succes was Coppelia, uit 2008. In zijn werkkamer aan het Waterlooplein vertelt Brandsen over de totstandkoming van die productie en hoe die zich verhoudt tot de film die vanaf deze week in de bioscoop tet zien is.

“Ik wilde een nieuwe familievoorstelling maken en de muziek van Leo Delibes vond ik erg leuk. Het oorspronkelijke verhaaltje, over een poppendokter in een Boheems dorp, vond ik echter nogal tuttig. Met ons artistieke team hebben we het verhaal verplaatst naar het heden. Bij ons is Coppelius een plastisch chirurg geworden. Hij brengt iedereen het hoofd op hol met een onrealistisch schoonheidsideaal, dat wordt belichaamd door Coppelia. Hoofdpersoon Zwaantje is de enige die zich niet gek laat maken. Zij heeft als eerste door wat er aan de hand is en ontmaskert Coppelia als een robot.”

“Wat onze versie volgens mij aantrekkelijk maakt is dat Zwaantje een stoere meid is die opkomt voor zichzelf en anderen, zij is echt de heldin van het verhaal. Het niet conformeren aan opgedrongen schoonheidsidealen was in 2008 al actueel en is met de opkomst van sociale media alleen maar actueler geworden.”

Combinatie van dans en animatie

Die actuele relevantie werd ook onderkend door filmmaker Jeff Tudor, die al sinds 2007 regelmatig met HNB samenwerkt als maker van registraties en dvd-producties. “Hij kwam naar me toe en zei dat hij Coppelia, op basis van onze versie, voor zich zag als bioscoopfilm. En dan als een combinatie van dans en animatie. Door onze eerdere samenwerking was er genoeg vertrouwen om het aan hem over te laten. Deze film is dan ook echt het project van Jeff en zijn mederegisseurs Steven de Beul en Ben Tesseur.”

Brandsen voorzag de film van een nieuwe choreografie, maar hij vulde die rol anders in dan hij gewend was. “Als we bij HNB een productie op het podium brengen, bepaal ik als choreograaf wat we doen en hoe we het doen. Bij zo’n filmproject zijn er veel meer factoren in het spel. Choreografie is daar maar een onderdeel van. Ik heb vertrouwd op Jeff en zijn team en me laten meevoeren.”

Even slikken

Toch was het niet altijd makkelijk om het los te laten. “Ik denk dat het net is als voor een schrijver die zijn werk laat verfilmen. Het is onvermijdelijk dat er dingen worden veranderd. Maar het is toch jouw kindje, zodat je bij sommige aanpassingen denkt: wacht eens even.” Dat was bijvoorbeeld het geval toen de filmmakers het besluit namen nieuwe muziek te laten componeren. “Dat was wel even slikken. Maar ze hebben me ervan weten te overtuigen dat muziek in film heel anders werkt. Ze wilden er echt een hedendaagse film van maken met een hedendaagse filmscore. En ik moet zeggen dat ik heel plezierig heb kunnen samenwerken met componist Maurizio Malagnini.”

“Omdat een groot deel van de film animatie is gebruikten we maar weinig decorstukken en heel veel green-screen. Het is heel raar om in zo’n virtuele wereld te werken. Je moet je steeds proberen voor te stellen hoe het eindresultaat zal worden. Choreograferen voor film is sowieso heel anders. Je werkt heel fragmentarisch. Om daar toch continuïteit in te houden, dat was de grote uitdaging. Vaak gaat dat helemaal niet over de uitvoering door de dansers. Dingen moeten over omdat de camerahoek niet bevalt, of omdat een sprong niet helemaal aansluit, of omdat er een lamp niet helemaal goed staat.”

Verfrissend

In Brandsens theaterversie was de hoofdrol van Zwaantje weggelegd voor Igone de Jong, die in de film terugkeert in de rol van de plaatselijke balletjuf. Voor de filmhoofdrol kozen Tudor en de zijnen voor Michaela DePrince, die overigens na de filmopnamen in 2019 vertrok bij HNB om in Boston te gaan dansen. “Ik vond de keuze voor een zwarte hoofdrolspeelster heel verfrissend, omdat het verhaal er breder en universeler van wordt. Bovendien vind ik dat Michaela erg goed is in deze rol, zowel dansend als acterend.”

“Jeff Tudor en zijn team hebben van Coppelia een film gemaakt voor een jong publiek, dat een goed te volgen verhaal vertelt met muziek, beeld en dans. Ik vind dat wel iets om trots op te zijn.”

Coppelia draait vanaf 6 juli in de bioscoop.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden